Niet zielig, wel bekocht

Ik ben Europees ambtenaar. In tegenstelling tot wat Europarlementariër Dennis de Jong in de krant van 27 juli beweert voel ik mij niet tekort gedaan. Wanneer mijn werk ter sprake komt voel ik mij eerder niet begrepen.

Het blijft moeilijk uit te leggen wat Europese ambtenaren precies doen en waarom. Maar dat het meer is dan overbodige regeltjes verzinnen is duidelijk. EU-ambtenaren ontwerpen inderdaad wetgeving, al is dat veel minder dan wordt gedacht. Ze zien er ook op toe dat gemaakte afspraken worden nagekomen, beheren geldstromen, controleren, et cetera.

Net als andere internationale instellingen, zoals de Wereldbank of het IMF, probeert de EU hiervoor hooggekwalificeerd personeel te werven. Daar horen aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden bij.

Lidstaten vergeten wel eens wat ze met elkaar hebben afgesproken. ‘Brussel’ de schuld geven van eventuele neveneffecten blijft verleidelijk. Verontwaardiging hierover bij collega’s placht een vroegere chef te pareren met de grap dat er een ‘frustratiebonus’ in ons salaris verrekend was. Hoe de ‘ontheemdingstoelage’ waar De Jong zich druk over maakt zich tot zo’n ‘bonus’ zou verhouden weet ik niet. Wat ik wel weet is dat van een serieus volksvertegenwoordiger een meer afgewogen analyse verwacht mag worden. Als Europees ambtenaar voel ik mij daarom niet zielig. Maar als kiezer en belastingbetaler voel ik me wel bekocht.

Ruud van Enk

Brussel