Tofste popfeest van de wereld

Natuurlijk speelde Normaal op het meest Achterhoekse festival. Maar ook „wat een boer niet kent is hier volop verkrijgbaar”.

Publiek tijdens het optreden van het trio Kitty, Daisy & Lewis.

De beveiligingsdienst op de Zwarte Cross noemt zich ‘Sfeerbeheer’. Als een groepje baldadige jongens zich door de modder laat glijden, zaterdag na een hoosbui en de bloedhitte die daarop volgde, worden ze discreet op hun ongewenste gedrag gewezen. Alles op de Zwarte Cross is gemoedelijker, sfeervoller en feestelijker dan op andere popfestivals. Afgezien van het dreigende motorgeronk dat soms boven de muziek uit klinkt. Maar ook daar gaat een grote vrolijkheid van uit, als er voertuigen met het thema Wintersport over het circuit scheuren en mannen met motorhelmen in op de carrosserie gemonteerde skiliften door elkaar worden geschud. Eén rood-geel-groene wagen met een Bob Marleythema mag ook meedoen: het is de Bobslee.

De zeventiende editie van de Zwarte Cross haalde een record met ruim 160.000 bezoekers verdeeld over vier dagen. Het festival kent zijn gelijke niet in Nederland en ook niet elders ter wereld. De combinatie van motorcross, dorpskermis en popfestival maakt er een bont geheel van en de aanwezigheid van enkele honderden (straat)theatermakers zorgt dat ook andersoortige cultuur uit alle hoeken en gaten van het festivalterrein in Lichtenvoorde sijpelt.

In de Achterhoek houden ze niet van zinloze nieuwlichterij. De popmuziek op Zwarte Cross was vooral weldadig vertrouwd en retro, met de hippiegedachte van peace, love & music als thema. Ook de festivalmascotte Tante Rikie wordt in hippiejurk op haar troon over het terrein gedragen. Humor is diep in de festivalgedachte ingebed. „Wat een boer niet kent is hier volop verkrijgbaar”, staat op een van de tientallen borden met ludieke spreuken op het festivalterrein.

Na de extreme weersomstandigheden van zaterdag en met de windhoos van 2010 nog in gedachten die een paar dagen voor het begin van het festival tenten omver blies, maakte medeorganisator Gijs Jolink zich vooral zorgen om het welzijn van zijn vele duizenden bezoekers: wegens de modder kon het publiek zich niet lekker in het gras vlijen.

Zelf meedoen aan de motorcross doet de zoon van Normaals Bennie Jolink niet langer. Wel speelt hij een paar keer met zijn band Jovink en de Voederbietels, want „een uurtje zonder portofoon is een fijne afwisseling”. Breed aangekondigd als hoofdact van de Zwarte Cross was de Rainbow Band, een orkest van verstandelijk gehandicapten dat zondag een warm onthaal kreeg op het grote podium. Zo’n beetje elke feestband van Nederland was van de partij, van de Loco Loco Disco Show die op het crossterrein boven het geronk uit probeerde te komen tot het multifunctionele Plork & de Aannemers, die ’s middags de kinderen vermaakten in het speciaal voor de kleintjes ingerichte Blagenparadijs en ’s avonds de ouderen aan het rocken kregen.

In die sfeer passen ook de vele coverbands die bijna net zo prominent op het programma stonden als de echte festivaltoppers Golden Earring, Di-rect en Go Back To The Zoo. De ultieme Achterhoekse feestband Normaal zong De boer is troef in het eigen dialect, dat ook kon worden getoetst bij een Groot Dictee der Achterhoekse Taal. Popfestivalveteraan Eric Burdon liet de geest van de oorspronkelijke hippiefestivals Monterey en Woodstock waaien over het bemodderde terrein met een massaal meegezongen House of the rising sun. Spannende kleinere bands als The Thermals en Navarone namen het op tegen Guus Meeuwis en de lokale favoriet Fragment.

Razend populair is de Reggaeweide waar de lome ska- en reggaeritmes de hele dag aanhouden. De Britse skagroep The Beat maakte er een welkome comeback en de Jamaicaanse legende U-Roy (70) toonde hoe je van blowen jong kunt blijven. De diverse podia hebben decors die overeenstemmen met de gepresenteerde genres, zoals een in onbruik geraakte nucleaire installatie bij harde rock in The Meltdown en de Amerikaanse saloon met veranda van The Bayou. Daar bracht de helse redneckzanger Bob Wayne zondag zijn stoere countrymuziek in de sfeer van Hank Wiliams III.

Een speciale tent met een uit kratten opgebouwde tribune was gewijd aan de heldhaftige verrichtingen van het Nederlands Elftal 25 jaar geleden tijdens het EK 1988. Tijdens de vertoning van de finale tegen Duitsland ging in de 88ste minuut opnieuw een uitzinnig gejuich op bij het beslissende doelpunt van Marco van Basten. Het zijn zulke bevlogen details die de Zwarte Cross zo sympathiek maken, met stoere jongens die ‘sorry’ zeggen als ze je per ongeluk aanstoten. Nadat hij zijn optreden heldhaftig was begonnen met hun enige hit Fire water burn zei zanger Jimmy Pop van Blood Hound Gang uit de grond van zijn hart: „Jullie zijn een veel toffer publiek dan die zogenaamde kosmopolieten uit Amsterdam.” En zo is het op de Zwarte Cross.

Zwarte Cross. Gehoord en gezien: 26, 27 en 28/7 Lichtenvoorde.