Column

Roofdier

Als een roofdier zwierf hij over straat. Een roofdier met ingevallen wangen, 48 kilo licht. „Hou je armen wijd”, riepen voorbijgangers hem na. „Anders zak je door het putje.” Jarenlang werd hij bespot. Maar hij was tenminste iets. Een roofdier, geen tweederangsburger.

Ex-junk Frank, 54 jaar, is zo’n beetje de enige van zijn generatie die nog helder rondloopt. Zijn armen heeft hij kapot gespoten, zijn rug is verbrijzeld door het slapen op de grond. Maar nu is hij gespierd. Hij traint zes keer in de week, weegt bijna 80 kilo. Frank heeft een uitkering, een eigen huis. En hij geeft rondleidingen door Amsterdam, waar hij 35 jaar lang rondliep als crackverslaafde.

De stadswandelingen worden georganiseerd door Amsterdam Underground, een dagbestedingsproject van de Regenboog Groep. Het project bestaat sinds 2011 en kan wel wat publiciteit gebruiken. Vooral de bedrijfsuitjes laten het afweten. Frank wijt het aan de crisis.

Zonde, want wie in financiële nood verkeert, kan best wat van hem opsteken.

Licht trekkebenend toont hij zijn voormalig leefgebied, de Wallen. Over elke brug, elk urinoir heeft hij een verhaal. Frank bespiedde dealers op de Zeedijk vanonder het dekzeil van bootjes om te zien in welk fietsstuur ze bolletjes bruin en wit verstopten. Was de kust veilig, dan sloeg hij toe.

Roofdier werd Frank vanzelf, toen niemand hem meer accepteerde. Hij moest wel, want „op straat is het Remi”. Surinamers helpen elkaar, Marokkanen ook. „Als blanke junk sta je alleen op de wereld.” Als je niet sterk bent, dan moet je gek wezen, merkte Frank. „Als iemand je rotzooi verkoopt, moet je laten merken dat je ervoor gaat. Of je wint of verliest, maakt niet uit, ze moeten je een mafketel vinden. Dan laten ze je daarna met rust.”

Frank merkte: als je verslaafd bent, dan heb je schijt en als je schijt hebt, dan lukt alles. Bij de Bijenkorf gooide hij een sok met alarm in de tas van een „kakwijf”. Ging bij haar het alarm af, kon Frank doorlopen. Een keer kwam hij met een enorme doos Lego Technic vast te zitten in de draaideur. Een winkelmedewerker deed netjes de zijdeur voor hem open. En toen hij eens midden op de Dam bezig was, riep iemand „Hé, ben je een fiets aan het pikken?” Hij draaide zich om en zei: „Ja, dat zie je toch, klootzak!?” En kon rustig verder.

Na de rondleiding draait Frank een zware shag. Drie jaar geleden ging hij ‘het traject’ in, nadat zijn zoon had geweigerd hem ooit nog geld te lenen. Afkicken is gelukt, al had Frank zich van zijn nieuwe leven meer voorgesteld. Toen was er altijd reuring, mensen bleven slapen, je kocht en verkocht. Nu zit hij in z’n eentje thuis, afhankelijk van instanties. „Vroeger was ik zelf verantwoordelijk. Nu moet ik me netjes gedragen, anders krijg ik m’n geld niet. Ik voel me een tweederangsburger.”

Deze vakantieperiode vervangen Ellen de Bruin en Freek Schravesande de vaste columnisten Margriet Oostveen en Arjen van Veelen.