Israël en Palestijnen praten, scepsis is groot

Israël en Palestijnen gaan praten over een schema voor vredesbesprekingen. Later begint echte werk.

Het wordt waarschijnlijk wel gezellig aan de iftar-tafel in Washington, waar Israëlische en Palestijnse onderhandelaars vanavond samen het vasten van de ramadan breken en formeel het in 2010 vastgelopen vredesoverleg hervatten. Ze kennen elkaar al goed en lang, mogen elkaar naar verluidt best graag en de Verenigde Staten willen eerst losjes brainstormen over een werkschema voor de komende maanden, nog even niet over de inhoud.

De Israëlische minister van Justitie Tzipi Livni is gisteravond al naar Washington gevlogen, na een verhit debat in het kabinet, dat uiteindelijk met dertien tegen zeven voor de geleidelijke vrijlating van 104 Palestijnse gevangenen stemde. De Palestijnen hadden dat als eis gesteld. Livni wordt vergezeld door de advocaat Isaac Molho, die eerder een reputatie vergaarde als keiharde onderhandelaar. Ook Livni is geen groentje. Zij onderhandelde vijf jaar geleden al met de Palestijnse president Mahmoud Abbas. Zonder enig resultaat.

Livni heeft nu minder draagvlak in de regering, die naar rechts opschoof. Haar collega van Economische Zaken Naftali Bennett, die in januari met zijn partij Joods Huis 12 van de 120 parlementszetels won, tweemaal zoveel als Livni, zei gisteren dat de tweestatenoplossing (een Palestijnse staat naast Israël) „fundamenteel verkeerd” is. Bennett vertegenwoordigt veel kolonisten die in illegale nederzettingen in Palestijns gebied wonen en die onder geen beding willen verlaten. Zij zijn ook zwaar vertegenwoordigd in de Likudpartij van premier Benjamin Netanyahu, die ondanks protest van de internationale gemeenschap stug blijft bouwen in nederzettingen.

Namens de Palestijnen schuiven Saeb Erekat en Mohammad Shtayyeh aan; ook twee oude bekenden die vaker met Israëliërs aan tafel zaten. Zij hebben de steun van de Palestijnse Autoriteit, maar die geniet steeds minder steun onder de Palestijnse bevolking. De Palestijnen zagen tijdens twintig jaar van onderhandelingen vooral meer nederzettingen. Volgens een recente peiling gelooft 70 procent niet dat er in de komende jaren een Palestijnse staat komt.

Ook Erekat was gisteravond, na het verwelkomen van het Israëlische besluit om 104 gevangenen vrij te laten, maar gematigd positief. Vrijlating van deze gevangenen (die al vastzaten voor onderhandelingen in 1993 tot de Oslo-akkoorden leidden) was de Palestijnen al in 1999 beloofd, aldus Erekat. Hij zei ook: „We gaan door tot al onze gevangenen vrij zijn”. Dat zijn er duizenden.

Dus het diner mag wel in harmonie verlopen – morgen volgt ongetwijfeld een hoopvolle verklaring met de contouren van een werkschema – maar uitzicht op vrede is er nog niet. Of gastheer minister van Buitenlandse Zaken John Kerry moet een oplossing op tafel toveren voor de veel crucialere kwesties: grenzen, de status van Jeruzalem en die van miljoenen Palestijnse vluchtelingen.