Column

Discreet en eenduidig handgebaar

Ze hebben al een afkorting, AASR, en ze maakten zaterdagavond hun intrede in het Nederlandse betaald voetbal. De Aanvullende Assistent-Scheidsrechters. Ze waren in Amsterdam te bezichtigen bij de wedstrijd om de Johan Cruijff Schaal.

Vroeger had je een scheidsrechter en twee grensrechters. Daarna kwam er een vierde man bij. Aanvankelijk iemand die alleen de administratie verzorgde, maar sinds 2010 mag hij de leiding adviseren. Zijn functie is vooral die van plaatsvervangend pispaal, voor trainers die flink en demonstratief willen klagen over een beslissing van de scheidsrechter.

In nederige dienstbaarheid wordt de vierde man vanaf nu overtroffen door de AASR, letters die tevens een aanduiding vormen voor een rite bij de vrijmetselaars, maar hou dit onder ons.

De vijfde en zesde man moeten signaleren of de bal in zijn geheel over de doel- of achterlijn is gegaan. Verder moeten ze in de gaten houden of een keeper bij een strafschop niet te vroeg de doellijn verlaat. Over deze kwesties mogen ze alleen advies geven; de beslissing blijft aan de scheidsrechter. Aan AASR had dus nog een A kunnen worden toegevoegd: Adviserende Aanvullende Assistent-Scheidsrechter.

Verder mogen ze niet veel, volgens het protocol dat de IFAB heeft opgesteld, de spelregelcommissie van de FIFA. Ze mogen geen vlag omhoogsteken, ze mogen de scheidsrechter niet vervangen als hij geblesseerd is, ze mogen zich wel langs de achterlijn bewegen, maar, en dit staat onderstreept: „Ze betreden het speelveld nooit.” Bij ongepast gedrag mag de scheidsrechter de AASR van zijn taak ontheffen.

Aanvankelijk was het voornemen de AASR ook te verbieden om handgebaren te maken, maar daar kwam de IFAB op terug. Nu geldt dat de gebaren niet opzichtig mogen zijn, maar „in sommige gevallen kan een discreet handgebaar een waardevolle ondersteuning voor de scheidsrechter zijn”. Het handgebaar moet dan wel „eenduidig” zijn.

Let daar dus op het komende seizoen: zijn de handgebaren van de AASR’s discreet en eenduidig.