Column

Sorry!

Sorry is een mompelwoordje dat je niet graag van de daken schreeuwt. Omdat sorry zeggen ingewikkeld is. Of juist ook niet. Tegen wie zeg je het? En na hoeveel tijd? Laatst gingen in ons land allerlei goedbedoelende BN’ers sorry tegen negers zeggen. Excuses voor de slavernij.

Leverde wel een wereldfoto voorop deze krant op. Nationale bankrover Rijkman Groenink maakte een ontbijtje. Voor zwarte mensen? Ja, maar vooral voor die foto natuurlijk. Ik hoop nog steeds dat ze hem na afloop een fooitje hebben gegeven. Gewoon een eurootje. Onder het motto: Pak aan! Ben je dol op!

Of ik meedeed? Ik heb in mijn leven nog geen Pool mijn halletje zwart laten witten, dus…

Deze week kreeg de beroemde dokter en collega-columnist Bob Smalhout (85) sorry te horen. Na meer dan veertig jaar. Van de Nederlandse Vereniging van Anesthesiologen.

Hij had die club tijdens een feestelijke rede ooit voor beunhazen uitgemaakt en dat was verkeerd gevallen. Bob werd er uitgeflikkerd. Nu werd dat rechtgezet. Bob kreeg excuses en ze dronken een borrel. Zoals het hoort. Na twee biertjes hebben de dokters elkaar ongetwijfeld toegegeven dat ze af en toe inderdaad beunhazen zijn.

Zal de ex-wielrenner Jerommeke Blijlevens binnenkort nog sorry zeggen? Niet zozeer omdat hij na vijftien jaar alsnog gepakt is, maar omdat hij in 1998 tijdens de Tour de France heel theatraal met de volledige TVM-ploeg op het asfalt ging zitten janken. Uit protest tegen de schandalige heksenjacht op doping! Grappige actie achteraf.

En wie gelooft de Amerikaanse geilneus Anthony Weiner nog? Is wel een vrolijk gevalletje. Hij had twee jaar geleden zijn erectie op het net gezet. De foto was bedoeld voor een dame, maar heel Amerika keek mee. En kreeg hoop na het zien van het schamele bobbeltje.

Anthony bood zijn nederigste excuses aan. Op Clintonachtige wijze. In het bijzijn van zijn vrouw! Prachtpoppenkast. Vervolgens liep hij onmiddellijk naar zijn werkkamer om hitsig te gaan chatten met een eenzaam gescheiden moedertje, die ook wel toe was aan een beetje opgewonden aandacht. Dit kwam deze week uit. Hij trekt zich overigens niet terug als burgemeesterskandidaat voor New York. Dit alles onder het motto: Ik ben geen slappe lul.

Hoe gaat de machinist van de woensdag uit de bocht gevlogen Spaanse hogesnelheidstrein bij Santiago de Compostela het doen? Hij reed 190 waar hij 80 mocht en heeft het overleefd. Vrees dat hij zijn leven binnenkort zelf beëindigt. Voor een trein.

Of ik wel eens sorry zeg? Regelmatig. Thuis zeker! En ook als columnist. De grote Mies Bouwman heb ik in deze krant ooit mijn verontschuldigingen aangeboden. Ik had iets inhalerigs over haar gesuggereerd. Ze belde me om te zeggen dat het gewoon niet waar was. Meteen gerectificeerd.

En nu ga ik het weer doen. Ik ga sorry zeggen. Tegen de Amsterdamse zakenman Erik de Vlieger, die al bijna tien jaar boos op me is. Boos is een eufemisme. Erik is al negen jaar furieus om een column die ik schreef in de tijd dat hij even vast had gezeten voor zaken waar hij later voor is vrijgesproken. Waarvan akte.

Ik dacht dat deze Amsterdamse jongen wel een verbaal tikkie kon hebben. Het was ook allemaal niet zo kwaad bedoeld. Tijden vond ik excuses onzin. Je kaatst en dan komt de bal af en toe jouw kant op. Ik krijg ook wel eens wat naar mijn bolle kop. Grunberg wenste mij in de VPRO-gids ooit dood. Lang geleden. Mijn omgeving schrok van die woorden. Ik moest erom lachen en schreef vrolijk door.

Maar Erik bleef negen jaar boos. En maandag heeft hij op internet uitgelegd waarom hij zo kwaad op me is. Waarom mijn column juist op dat moment zo laf en gemeen was. Ik las zijn stukje en dacht: hij heeft gewoon gelijk. Het was een lelijke column. En ik wist: Ik moet gewoon sorry zeggen!

Op Twitter heb ik dat onmiddellijk gedaan. Met hoofdletters zelfs. En ik doe het op de plek waar ik hem en zijn familie ooit beledigd heb nog eens duidelijk over. Niks geen slap excuus, gewoon een oprecht: Sorry Erik.