Rechten van ieder mens

Het valt allemaal niet te bagatelliseren. Het homohuwelijk is wereldwijd in opkomst en de homohaat slaat net zo wereldwijd terug. Deze week was het raak in Montenegro, waar de eerste Gay-Pride-manifestatie die daar ooit werd georganiseerd, met grof geweld werd verstoord. Vorige week werd in Kameroen homoactivist en journalist Eric Lembembwe doodgemarteld, nadat zowel christelijke als islamitische leiders uitbarstingen van homofobie hadden aangewakkerd. Dit voorjaar was in Kenia het gerucht over een te sluiten homohuwelijk genoeg voor grote demonstraties.

En niet alleen daar. In Frankrijk protesteerden in mei, in aanwezigheid van de aartsbisschop van Parijs, honderdduizenden mensen tegen het homohuwelijk, ook al is dat goedgekeurd door het Franse parlement en heeft het de steun van de meerderheid van de bevolking. En in Rusland ondertekende president Poetin een wet die ‘propaganda van niet-traditionele seksuele relaties’ verbiedt. ‘Afwijking van de gezinsnorm’ is nu een vergrijp, op straffe van een boete of 15 dagen gevangenisstraf.

Een en ander is een reactie van jewelste en zal de erkenning en acceptatie van de eigen geaardheid van homoseksuelen en het bijbehorende recht op een eigen identiteit vertragen. Rechten zullen niet zo snel worden teruggedraaid, maar waakzaamheid is geboden.

Zo zullen homoseksuele sporters op de komende Olympische Winterspelen (7-23 februari 2014) in Sotsji op hun tellen moeten passen, met die Russische anti-homowet. De wet is immers van toepassing op iedereen op Russisch grondgebied. Het IOC, dat al op allerlei terreinen de regie van het gastland overneemt, zou officieel kunnen verklaren dat de wet niet acceptabel is en de Spelen fnuikt.

Het is in het licht van de negatieve en reactionaire sentimenten goed dat deze week voor de achttiende keer (sinds 1996) de Amsterdamse Gay Pride losbarst. Het is niet bedoeld als protest maar als één groot achtdaags feest, met evenementen als de zogeheten ‘PinkPicknicks’, straatfeesten en exposities. Traditioneel hoogtepunt is de ‘Canal Parade’ – waarbij meer dan 80 schuiten door de Amsterdamse grachten varen op de eerste zaterdag van augustus. Naar verwachting 800.000 bezoekers zullen via de stoet een indruk krijgen van de reikwijdte en verscheidenheid van de homo-, bi- en transgendergemeenschap in Nederland. En duidelijk is de brede steun voor die groepen. Zo varen er ook boten mee van politieke partijen en van de krijgsmacht, met minister Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD) aan boord. De grachten, UNESCO-werelderfgoed, in combinatie met de uitzinnig theatraal vertaalde homo-identiteit op sommige boten, trekken wereldwijde belangstelling.

Er wordt wel eens geschamperd over dit evenement. Het zou maar bedaagd zijn, een folkloristisch dingetje in een land waar het wel goed zit met de homorechten. Maar ook in Nederland wordt het beleid nog regelmatig ondergraven door een even hardnekkige als irrationele anti-homomentaliteit. Terwijl het fenomeen ‘weigerambtenaar’ nu wordt afgebouwd en het homohuwelijk ook op dat punt wordt gelijkgeschakeld met elk ander huwelijk, blijft ‘homo’ op veel schoolpleinen nog altijd een populair scheldwoord. Homo’s worden op straat aangevallen, homostellen worden door buurtgenoten uit hun huis getreiterd. Dit gebeurt door mensen die homo’s vrezen, als ‘anders’ en dus als freaks.

Om ook hen te doordringen van het onvervreemdbare recht voor iedereen om te zijn wie hij of zij is, is het goed dat dit jaar ook voetbalbond KNVB deelneemt aan de Canal Parade, met onder anderen bondscoach Louis van Gaal.

Misschien geïnspireerd door het bijna routineuze karakter van de Canal Parade heeft de Nederlandse overheid de rechten van lesbiennes, homo’s, biseksuelen en transgenders tot speerpunt van het mensenrechtenbeleid verklaard. Minister Frans Timmermans (PvdA, Buitenlandse Zaken) schreef in zijn recente mensenrechtennota dat Nederland zich internationaal actief wil inzetten. Daartoe zal rechtstreeks worden samengewerkt met niet-westerse landen als Brazilië en Cuba.

Nederlandse ambassades worden aangespoord om lokale initiatieven van de homogemeenschap te ondersteunen, met geld en kennis. Is er aanleiding dan kunnen Nederlandse ambassades de regenboogvlag van de homobeweging uitsteken. Zo wapperde aan de residentie in Parijs die vlag op 28 juni, de dag van de ‘Marche des Fiertés’.

Deze strijd mag worden afgeschoven op noch worden overgelaten aan de homogemeenschap. Dit is een kwestie van menselijke waardigheid en dus is het de zaak van iedereen. Het gaat om een basisprincipe. Om artikel 1 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens: Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren.

Iedereen dus.