Iedereen is blij, behalve de bewoners

Precies een jaar geleden begon ‘Londen 2012’. Toernooibaas Coe erkent dat niet alle beloften zijn ingelost. „Het is een marathon, geen sprint.”

Oekraïense boksers sparren een paar dagen voor aanvang van de Spelen in het olympisch dorp in Londen. Foto AP

Sebastian Coe, voorzitter van het organiserende comité van de Olympische Spelen 2012, strooit met cijfers. Zoveel bouwvakkers hadden werk, zoveel jongeren hebben nu werk, zoveel goedkope huizen worden in september betrokken, zoveel stadions hebben een nieuwe huurder.

Hij ziet er ontspannen uit. Een jaar na de Olympische Spelen is hij „uit de snelkookpan”. Coe is nu legacy advisor van het kabinet. Dat betekent dat hij de regering-Cameron adviseert hoe de erfenis van de Spelen kan worden voortgezet.

Want ‘erfenis’ was het grote woord van Londen 2012. Om ze te krijgen, beloofden de Britten het Internationaal Olympisch Comité immers dat het de meeste duurzame Spelen ooit zouden worden. Dat ze meer Britten aan het sporten zouden krijgen, met name jongeren, en dat het arme Oost-Londen herschapen zou worden.

Wie nu een rondje om het Olympisch Park loopt, dat zaterdag deels weer opengaat en nu Queen Elizabeth Olympic Park heet, ziet dat de laatste belofte is ingelost. De nieuwe flats langs de rivier Lee zien er niet meer zo blinkend nieuw uit als vorig jaar, maar lijken bijna allemaal bewoond. In de stationshal, waar underground, overground, bussen, treinen en straks ook de Eurostar aankomen, is het altijd druk. En wie op een zaterdag door winkelcentrum Westfield loopt, moet zich een weg door de menigte vechten.

En Coe en de zijnen kunnen ook trots zijn op het park zelf. In september trekken de eerste bewoners in de 2.800 flats in het voormalige atletendorp. De school, met zowel basis- als middelbaar onderwijs, gaat na de zomer open, en er is een medisch centrum. Er zijn wandel- en voetpaden en riviertjes.

Belangrijker: alle acht stadions hebben nieuwe eigenaren of huurders. Voetbalclub West Ham komt vanaf 2016 in het olympisch stadion, waar ook bijvoorbeeld het wereldkampioenschap rugby in 2015 en de wereldkampioenschappen atletiek in 2017 worden gehouden. Het zwembad is de extra vleugels met extra stoelen kwijt , en is nu een doodgewoon 50 meterbad voor de buurt. Het mediacomplex, een deels raamloos blokkendoos, heeft een nieuw leven als data-opslaggebouw.

Volgens Coe gaat het bovendien niet om de gebouwen. „Onderwijs, gezondheidszorg en betere levenskansen, zeker voor langdurig werklozen. Dat is de nieuwe werkelijkheid die we in Stratford hebben gecreëerd.”

Maar de bewoners zijn nog niet overtuigd. In Stratford High Street, die met zijn winkels voor goedkope kleding, hoesjes voor mobiele telefoons en Jamaicaanse pasteitjes een andere wereld lijkt, klaagt men nog steeds dat de Spelen niets hebben opgeleverd.

Schoorvoetend geven Eddie Marsh en Terry Mulveny toe dat „de buurt er beter uitziet”, en dat ze uitkijken naar de opening van het zwembad en park. Maar ze hebben het over „yuppiesville”, en goedkope appartementen die nog steeds te duur zijn voor de bewoners van de wijk, de armste van Londen.

Minder succes heeft Coe met belofte twee: één miljoen meer Britten aan het sporten krijgen. Dat werd al snel het niet gekwantificeerde „meer”. Over zeven jaar geteld, vanaf het toekennen van de Spelen in 2005 tot dit voorjaar, zijn er 1,4 miljoen Britten meer gaan sporten (geteld wordt 30 minuten of meer beweging). Maar dat zijn vooral mensen die drie keer per week of meer sporten. De cijfers voor mensen die minder dan een keer, een keer of twee keer sporten, zijn gelijk gebleven of gedaald. En tussen april 2012 en april 2013 namen aan twintig van de 29 ‘Engelse’ sporten minder volwassenen deel.

Coe geeft toe dat de groei „niet zo groot is als we zouden willen”. Maar bij de bezuinigingen is sport als een van weinige overheidsuitgaven de dans ontsprongen, zegt hij tevreden. „Voor topsport is zelfs meer geld voor beschikbaar.”

En ja, hij ziet ook dat lokale overheden bezuinigen op zwembaden en sportvelden. Maar: allereerst is het „niet aan de centrale overheid om lokale overheden te zeggen wat ze moeten doen”, en ten tweede merkt hij dat „sport niet langer als geïsoleerd onderwerp wordt behandeld, maar als investering wordt gezien om jongeren te bereiken”. Hij komt met anekdotes. En hij is voorzichtig optimistisch dat het aantal sporters tussen de 16 en 25 jaar het afgelopen jaar toenam met 63.000 tot bijna 3,9 miljoen.

Coe zegt: „Het is geen sprint, maar een marathon.” Wie weet welk kind er door de Spelen werd geïnspireerd. De oud-atleet, die als middenlangeafstandsloper goud won op de Spelen in Moskou (1980) en LA (1984), was twaalf toen hij naar beelden van de Olympische Spelen in Mexico keek en „wist wat ik wilde worden”.

En dan zijn er nog de kosten voor de Spelen. Het Verenigd Koninkrijk spendeerde 9 miljard pond (10,4 miljard euro), en verwachtte 13 miljard pond aan economische investeringen terug. UK Investment & Trade maakte vorige week bekend dat er 9,9 miljard pond is terugverdiend. Britse bedrijven hebben contracten hebben gekregen, en niche markten zijn binnengedrongen. Sinds vorige zomer is er nog eens 2,5 miljard pond aan buitenlandse investeringen bijgekomen, al is onduidelijk of dat zonder de Spelen ook niet was gebeurd.

Onder de streep staan in elk geval zwarte cijfers, zegt Coe. Bovendien ging 70 procent van de kosten naar de wederopstanding van Oost-Londen, en „die zou zonder de Spelen nooit binnen zeven jaar zijn gerealiseerd”.

Hij zegt: „De Spelen kostten tien jaar om te plannen, de erfenis is ook een tienjarig project.”