Te groot om te weten wat er aan de hand is

Laten we aftrappen met een boeket horror anekdotes uit de memoires ‘Back from the Brink’ van Alistair Darling, minister van Financiën tijdens de bijna-doodervaring van de mondiale financiële sector in 2007-2008.

Darling beschrijft hoe de grote Britse banken een geheime directe lijn naar de premier bleken te hebben, buiten hem, de minister van Financiën, om. Hoe ze zelfs op het hoogtepunt van de crisis weigerden verantwoordelijkheid te nemen voor de puinhoop, en hoe Jamie Dimon van de Amerikaanse gigant JP Morgan hem probeerde te chanteren. Darling verhaalt hoe een andere topbankier hem toevertrouwde: „Wij hebben besloten niet langer dingen te kopen die we niet begrijpen”. Je moet je voorstellen, schrijft Darling bijna wanhopig, hiermee probeerde de man mij op mijn gemak te stellen!

Darling legt uit hoe het ministerie van Financiën niet anders kon dan een zakenbank inhuren voor advies over het opruimen van de rotzooi bij… een andere zakenbank; het was te moeilijk voor zijn ambtenaren. Dan schrijft hij: „Er is een boel te doen of bepaalde banken Too Big to Fail zijn, of zelfs Too Big to Save. Maar er bestaat nog een categorie: Te groot om ook maar te weten wat er aan de hand is.”

Dit is denk ik de volgende noodzakelijke doorbraak: erkenning dat complexiteit en verwevenheid op deze schaal niet vallen te beheersen. Dit inzicht laat zo lang op zich wachten, omdat toezichthouders nu eenmaal niet graag hardop benoemen dat iets ze boven de pet gaat.

Ik praat erover verder met Laura, niet haar echte naam, die bij ‘Group Finance’ van een hele grote bank werkt. Ze verzamelt alle cijfers voor de rapportages. Ze is een oernuchtere accountant. Ze heeft ook het kalme zelfvertrouwen van die beroepsgroep. Laura zegt: „Er zijn zo veel lagen in de bank… Wat verwijten we een CEO precies bij een schandaal? Gegeven de omvang van banken is een CEO hooguit schuldig aan het delegeren aan de verkeerde persoon. Hoe kun je 100.000 werknemers persoonlijk overzien?”

„Wat wij doen zou je een ritueel kunnen noemen. Ieder jaargetijde doen we hetzelfde, volgens een vastliggend schema, met uitkomsten die de bank in staat stellen te zeggen: ‘Kijk, alles is onder controle’. Het probleem is dat niemand de banken meer begrijpt, inclusief de insiders.”

„Als interne accountants horen wij de bank te door- en overzien, en dit inzicht met cijfers te onderbouwen. In werkelijkheid is het andersom. We volgen een proces voor de verzameling van cijfers en als dat proces correct verloopt dan geldt de uitkomst als legitiem. Het is een legitimerende operatie.”

Waarom gaf ze zich eigenlijk op voor een interview? „Ik wilde onderstrepen dat in banken bijna niemand die grote bedragen verdient, ook niet in zakenbanken. De meesten van ons zijn heel gewoon.” Ze studeerde een paar jaar voor de crisis af, en hoorde dat je als accountant het best kon beginnen in een bank om na een paar jaar waardevolle ervaring over te stappen naar een andere industrie. De werkelijkheid anno nu is anders: „Het werkt nu tegen je als je bij een bank werkt. We worden allemaal afgerekend op het gedrag van een paar.”

De auteur doet in deze column wekelijks verslag van het leven in de financiële wereld in Londen. Lees meer over de City op: guardian.co.uk/bankingblog