Ontslag Blijlevens na epo-bekentenis

Ploegleider Jeroen Blijlevens is gisteren door wielerploeg Belkin ontslagen nadat hij bekende te hebben gelogen over dopinggebruik tijdens zijn actieve carrière.

In een convenant dat dit voorjaar is opgesteld door de Nederlandse ploegen en wielerbond KNWU verklaarde hij nooit iets met doping te hebben gedaan. Deze leugen kost de ploegleider, die in zijn carrière vier Touretappes won, zijn baan. Ook kan hij niet meer terugkeren als ploegleider bij een Nederlandse ploeg. Als hij zijn dopinggebruik in het convenant had toegegeven, had hij na een schorsing van zes maanden weer terug kunnen keren.

In een open brief gaf Blijlevens gisteren een verklaring waarom hij zolang heeft gewacht met het toegeven van dopinggebruik. „Ik heb hiervoor gekozen omdat je enerzijds niet graag toegeeft en anderzijds de afweging maakt wat de consequenties zijn om een half jaar niet te werken. Ik heb toen de keuze gemaakt om de vier vragen [in het convenant] met ‘nee’ te beantwoorden. Omdat onze ploeg [destijds Blanco, na het terugtrekken van Rabobank] nog op zoek was naar een sponsor, heb ik de keuze gemaakt om aan de slag te gaan en mijzelf te bewijzen.”

Woensdag stond de naam van Blijlevens in een rapport van de Franse Senaatcommissie over dopinggebruik. Voor dat onderzoek waren urninestalen van renners uit de Ronde van Frankrijk van 1998 opnieuw getest. Daaruit bleek dat Blijlevens epo had gebruikt. Omdat de overtreding is verjaard, kan Blijlevens niet worden gestraft voor het gebruik van doping.

Blijlevens vertelt in zijn brief ook over de worsteling die hij doormaakte als renner in het ‘epotijdperk’. „In 1997 besloot ik voor het eerst voor de Tour epo te gaan gebruiken (...). Dit was een stom besluit, maar in mijn ogen wel een beslissing die ik moest nemen. Ik had het gevoel dat ik op een splitsing stond.”