Waar de machtigste vrouw leerde lopen

In Templin, een klein stadje ten noorden van Berlijn, groeide bondskanselier Angela Merkel op, ‘Kasi’ voor haar schoolvrienden.

Je gaat niet naar Templin als je er niets te zoeken hebt. Het zeventienduizend inwoners tellende stadje ligt anderhalf uur rijden ten noorden van Berlijn in de wildernis van de Uckermark. Een hoofdstraat, een oude fabriek, een station en een Middeleeuwse stadsmuur. Meer is het niet. Nou ja, er is natuurlijk Eldorado: het cowboydorp waar ze ook een echte Zwartvoetindiaan hebben. Die danst op gezette tijden voor toeristen, die er niet zijn.

En dan heb je nog aan de overkant van het kanaal het landgoed de Waldhof. Een combinatie van een zorgboerderij en een bezinningscentrum van de Lutherse kerk. En daar gebeurt ook al niks.

Maar daar staat wel het huis waar domineesdochter Angela Kasner opgroeide. Voor haar schoolvriendjes heette zij ‘Kasi’. Tegenwoordig is ze beter bekend als dr. Angela Merkel, bondskanselier van Duitsland. Die achternaam ontleent zij aan haar eerste echtgenoot van wie zij na een paar jaar studentenhuwelijk scheidde.

Hier in deze schijnbare oase van landelijke rust leerde de bondskanselier van Duitsland, de volgens Forbes machtigste vrouw ter wereld, lopen, zingen, en naar die wereld kijken. Eldorado was er nog niet. Maar wel dat slaperige stadje, omgeven door eeuwige bossen en mysterieuze meren. Er was een spoorweg naar de buitenwereld. Maar snelwegen waren er niet. Die zijn er nog steeds niet, trouwens.

En er was natuurlijk een recruterings- en vormingskamp van de Freie Deutsche Jugend (FDJ), de marcheer en indoctrineer jeugdorganisatie van de alomtegenwoordige communistische partij. Maar met die wereld van de DDR, buiten de Waldhof, hadden de bewoners weinig te maken. Zeker niet de dochter van dominee Kasner schrijft een koor van Merkel-biografen.

Van de foto’s in een van die biografieën herken ik het huis waar de familie Kasner gewoond moet hebben. Een grote okergele kast die aan verschillende families onderdak biedt.

Twee wandelaars die hier kennelijk thuishoren vragen nieuwsgierig wat ik hier zoek. Het is een kras echtpaar, zo te zien halverwege hun zeventiger jaren. De man heeft wit, naar voren gekamd haar dat in een korte pony op zijn voorhoofd hangt. Ah! zeggen ze. Ja, dat hebben ze wel vaker.

Dat er mensen komen kijken naar het huis waar Merkel is opgegroeid. Soms busladingen vol. En dan wijst de man naar vier ramen ter hoogte van waar ik de tweede etage van het huis vermoed. Daar woonden ze, de Kasners.

„Maar toen wij hier kwamen wonen, dat was begin jaren tachtig, toen was Angela al voor haar studie natuurkunde naar Leipzig vertrokken,” zegt de man. Hij was hier destijds zelf Pfarrer , pastor, die zich met de jeugd bezighield.

Dat het hier zo’n eilandje was buiten de gevestigde orde van de arbeiders- en soldatenstaat, betwijfelt het paar. Natuurlijk kon Angela Kasner hier op het platteland haar eigen gang gaan. Maar de kerk werd door de staatsveiligheidsdienst niet met rust gelaten, zegt de dominee. „Maar,” werpt zijn vrouw tegen, „Niet vergeten moet worden dat destijds niet alles slecht was. Er was meer saamhorigheidsgevoel dan tegenwoordig.”

Haar man zwijgt. Dan zegt hij dat hij voordat hij hier ging werken jeugdpastor was in noordelijke havenstad Rostock. „Joachim Gauck, die nu bondspresident is, was een van mijn collega’s,” zegt hij. En dat het wel aardig is om te kunnen dutzen [tutoyeren, red.] met de president van Republiek.

Zijn vrouw vertelt dat zij beiden ook al eens zijn uitgenodigd voor een diner in het Slot Bellevue, de ambtswoning van de president. Maar dan had hijzelf ook best president van Duitsland kunnen worden, zeg ik. De dominee glimlacht met ingehouden trots.