Lieve ploegen worden geen kampioen

Punten in de titelstrijd werden vorig seizoen zomaar verkwanseld. Bij Feyenoord mag het wat harder. „Dat moeten we van elkaar eisen.”

Ronald Koeman tijdens het oefenduel (1-1) afgelopen zaterdag tegen FC Dordrecht. „We moeten meer brengen in dit soort wedstrijden.” Foto Robert Vos

Ruben Schaken had het lastig zaterdagavond, tegen de potige back Marvin Peersman van FC Dordrecht. Hij speelde zijn eerste negentig minuten na de korte zomervakantie in een slechte wedstrijd van Feyenoord (1-1) waarin „we meegingen in hun Jupiler League-voetbal”, aldus Schaken na afloop in stadion Krommedijk. „Het was niet best.”

Nu maakt het nog niet uit. Hier is die voorbereiding nu juist voor bedoeld. Toch: „In dit soort wedstrijden moeten we meer brengen”, zei trainer Ronald Koeman. Want Feyenoord verspeelde in de slotfase van afgelopen seizoen vooral tegen kleine tegenstanders zijn kansen in de titelstrijd en daarom is ‘mentaliteit’ toverwoord in de voorbereiding. Middenvelder Jordy Clasie noemde Feyenoord in VI onlangs „een beetje te lief”. Verdediger Daryl Janmaat vindt „dat we wel wat meer pijn mogen lijden”.

Pijnlijk waren afgelopen seizoen vooral die momenten waarop de concentratie verslapte. Aanvoerder Stefan de Vrij die al te netjes een bal teruggaf, waardoor Heerenveen na een vlugge ingooi de 2-0 kon maken. Of RKC-speler Sander Duits, die tegen Feyenoord vanaf de middenlijn op dribbelde en ongemoeid de 1-1 binnen schoof. Dure punten in de titelstrijd, zomaar verkwanseld.

„Ik denk dat ook andere ploegen dat hebben gehad”, zegt Schaken. „PSV bijvoorbeeld, maar ja: je moet naar jezelf kijken. Te lief? Vind ik wel meevallen. Lieve teams worden niet derde en het seizoen daarvoor tweede. We mogen best wat harder naar elkaar toe zijn, maar we moeten het niet overdrijven. Het moet geen eigen leven gaan leiden. Ik zie dat jongens er wel mee bezig zijn. Niet geforceerd, we moeten ook niet doen alsof we vorig jaar zo slecht waren.”

Meer pijn lijden dus, zei Janmaat. De rechtsachter voegt de daad bij het woord als hij afgelopen vrijdag aan het eind van de training op complex Varkenoord nog tien minuten lang buikspieroefeningen doet. De rest van de groep rommelt wat aan met de bal. „Doe ik bijna elke dag, lekker even die spanning erop. Ik wist dat ik na de training interviews had dus heb ik het op het veld maar vast gedaan”, zegt Janmaat.

Janmaat kwam vorig jaar over van Heerenveen en schopte het tot – bijna – vaste waarde in het Nederlands elftal. Dat hij graag het goede voorbeeld geeft is duidelijk. Tijdens een partijvorm, elf tegen elf, roept hij naar Schaken dat die zijn tegenstander Miquel Nelom moet opvangen. Zie de ergernis op Janmaats gezicht als dezelfde Nelom in volledige vrijheid aangespeeld wordt. „Ik probeer de ervaring die ik bij Oranje op doe te gebruiken. Het is goed om te praten en elkaar te coachen. Daar maak je het jezelf zoveel makkelijker mee”, zegt hij.

Koeman kan het niet beter verwoorden tijdens het perspraatje vrijdag. Hij eist meer zelfcorrigerend vermogen bij zijn spelers en wil dat ze „niet zo snel tevreden” zijn. „Spelers moeten de discipline opbrengen om elkaar aan te spreken, maar ook de acceptatie naar elkaar toe hebben om dat te pikken. Men moet van elkaar eisen dat iedere bal goed is. Dan wordt dat de maatstaf van een ieder.”

Terug naar de Krommedijk in Dordrecht. Flauw om te noteren, maar natuurlijk zorgt Graziano Pellè – vorig seizoen 27 keer doeltreffend in de competitie – voor rust voor het openingsdoelpunt, zij het uit een penalty. De mooiste aanval gaat over rechts, via Janmaat die Schaken inspeelt, Schaken die kaatst op Clasie en ruimte maakt voor Janmaat, Clasie die de opkomende Janmaat in de ruimte bedient, waarna de rechtsachter een voorzet aflevert op het hoofd van Pellè – net over. Dat er voetbal in de ploeg zit behoeft geen betoog, al hangt veel af van de Italiaanse afmaker.

Alleen bij een exorbitant transferbedrag kan er gesproken worden over een vertrek van Pellè, die vorig jaar gehuurd werd van Parma en nu voor vier jaar gecontracteerd is. Zo lijkt het rustig te blijven in Rotterdam. Een nieuwe Kuip komt er voorlopig niet, bleek vorige week, en op transfergebied is het bij Feyenoord deze zomer vooralsnog doodsaai. Bij de spelerspresentatie op de open dag afgelopen zondag stapten uit de helikopter met nieuwe gezichten dit jaar alleen (teruggekeerde) spelers uit eigen jeugd.

De berichten uit Italië, waar Feyenoord momenteel een oefenstage houdt, zijn dat Koeman zijn selectie op scherp zet. Gisteravond in de oefenwedstrijd tegen Hellas Verona (1-0 nederlaag) liet hij Schaken, Mathijsen en Clasie op de bank. Alleen laatste viel in. Koemans spelersgroep is nog in tact en hij mag dus ook meer eisen dan vorig seizoen. „We willen meer dan meedoen in de topvijf, en dat moet ook kunnen”, zegt Janmaat. „Maar we hebben altijd nog maar de helft van de begroting van andere topclubs. Als je kijkt naar spelers die zij halen, dat is niet te onderschatten. Maar als we dit bij elkaar houden kunnen we ver komen.”

Janmaat, Schaken, Clasie, De Vrij en Bruno Martins Indi zijn in één seizoen bijvoorbeeld meervoudig international geworden. Het WK lonkt voor de meeste van hen. „Vorig jaar hadden we behalve Joris Mathijsen [speelde de WK-finale in 2010] niemand die echt om de prijzen heeft gespeeld en weet wat daar bij komt kijken”, zegt Janmaat. „Ik denk dat we niet het geloof hadden dat we het écht konden. Alles moet in elkaar vallen om kampioen te worden. De verbazing over dat we zo hoog staan, dat mag echt niet meer. We moeten er staan op het veld. Want ik kan roepen wat ik wil over mentaliteit: daar op het veld moeten we het laten zien.”

„We trainen scherp, ik denk dat we goed bezig zijn.” zegt Janmaat. „Er wordt wel iets harder getraind met de nieuwe fysieke trainer. Iets meer krachttraining, iets zwaarder maar dat is wel goed denk ik.” Pijn lijden dus. Feyenoord-supporters, jarenlang verstoken van succes, weten wat het is. De spelers moeten er ook aan geloven.