Jerommeke dus ook

Voormalig topsprinter Jeroen Blijlevens gebruikte in de Tour van 1998 doping, staat in een Frans rapport

Jeroen Blijlevens in 1999. Foto Cor Vos

Weer een dag vol dopingonthullingen. Weer veel grote namen. Weer krijgt het wielrennen een klap. De wielersport blijft achtervolgd worden door het dopingspook.

Gisteren werd bekend dat de Nederlandse oud-renner Jeroen Blijlevens doping gebruikte in de Tour de France van 1998, waarvan hij de vierde etappe won. Dat staat in een rapport dat de Franse senaatscommissie publiceerde. Ook de hele topdrie van de Tour de France van dat jaar – wijlen Marco Pantani uit Italië, de Duitser Jan Ullrich en de Amerikaan Bobby Julich – gebruikte doping.

Blijlevens, die dopinggebruik tot nu toe altijd heeft ontkend, maakte destijds deel uit van de TVM-wielerploeg, die dat jaar uit de Tour stapte wegens invallen van de Franse justitie en politie. In een vrachtwagen van de ploeg werden 104 ampullen epo gevonden. Zes wielrenners, onder wie Blijlevens, werden verdacht van gebruik van verboden middelen. De ploegleiding werd veroordeeld. Na een carrière met 74 zeges stopte ‘Jerommeke’ in 2004 met wielrennen.

Dat de voormalige topsprinter op de dopinglijst staat, kan hem in de problemen brengen bij zijn huidige werkgever, wielerploeg Belkin, waar hij een van de ploegleiders is. Belkin gaat op korte termijn in gesprek met Blijlevens, werd gisteravond bekend. Met welke intenties Belkin het gesprek aangaat, wil een woordvoerder van de wielerploeg niet kwijt.

Wel bevestigde hij dat Blijlevens net als iedereen binnen de ploeg dit voorjaar een convenant tekende waarin hij verklaarde nooit met doping in aanraking te zijn geweest. Wat de sanctie is op een onjuiste verklaring, is onduidelijk.

De senaatscommissie onderzocht, met behulp van moderne technieken, bloedstalen uit de Tours van 1998 en 1999. Epo was eind jaren negentig nog niet op te sporen. Renners uit die twee edities hoeven niet te vrezen dat ze alsnog worden bestraft voor dopinggebruik.