Hof: Nederland niet kritisch genoeg tegenover VS

Sabir K. zou worden uitgeleverd aan de VS. Maar Nederland had eerst moeten uitzoeken of de VS betrokken waren bij zijn marteling.

Nederland mag Sabir K. niet uitleveren aan de Verenigde Staten. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag dinsdag bepaald. Niet duidelijk is of de VS betrokken waren bij de marteling van Sabir K. in Pakistan, aldus het hof. De uitspraak is pikant, omdat hiermee nadrukkelijk vraagtekens worden geplaatst bij de manier waarop Amerikanen met terreurverdachten omgaan.

1Wie is Sabir K., en waarvan verdenken de VS hem?

Sabir K. is de zoon van een Nederlandse moeder en een Pakistaanse vader en heeft zowel de Nederlandse als de Pakistaanse nationaliteit. K. groeide op in Den Haag. Hij wordt ervan verdacht in 2010 een bomaanslag in Afghanistan te hebben voorbereid op Amerikaanse militairen. De Pakistaanse autoriteiten hebben hem daarvoor in september 2010 opgepakt. Hij woonde al enige jaren in Pakistan met zijn moeder en andere familie voor hij werd opgepakt.

Acht maanden na zijn arrestatie heeft Pakistan K. – in april 2011 – naar Nederland gestuurd> Hier is hij onmiddellijk door de Nederlandse autoriteiten aangehouden om aan de Verenigde Staten te worden uitgeleverd. De VS hadden al drie maanden voordat K. op Schiphol aankwam aan Nederland gevraagd hem aan te houden en uit te leveren. De VS hebben wel een uitleveringsverdrag met Nederland, maar niet met Pakistan. K. heeft tussen april 2011 en april 2013 in Nederland vastgezeten op de terroristenafdeling van gevangenis De Schie in Rotterdam terwijl hij zijn uitlevering aanvocht. Omdat de beslissing over zijn uitlevering zo lang uitbleef, mocht K. van de rechter in vrijheid de uitkomst afwachten.

2Waarom heeft het gerechtshof de uitlevering tegengehouden?

K. zegt dat hij in de acht maanden detentie in Pakistan door de beruchte Pakistaanse geheime dienst ISI is gemarteld en dat dit met medeweten of zelfs medewerking van de VS gebeurde.

Dát K. is gemarteld staat vast volgens het hof en eerdere rechters die zich over zijn uitlevering bogen vast. Het is uit onderzoek van Sabir K. gebleken. Het is algemeen bekend dat Pakistan vrijwel alle terreurverdachten foltert. Wat niet vaststaat, is welke rol de VS daarin hebben gespeeld. En dat is precies het punt: dat had Nederland moeten uitzoeken volgens het hof. Meer precies: Nederland had de VS moeten vragen of zíj Pakistan hebben gevraagd Sabir K. op te pakken. Omdat bekend is dat Pakistan terreurverdachten martelt, zou zo’n verzoek van de VS neerkomen op het uitlokken of bewerkstelligen van de marteling van K. Het is vaste rechtspraak dat Nederland geen verdachten uitlevert aan een land dat die verdachte zelf heeft gemarteld. De Hoge Raad bepaalde in een eerdere uitspraak in de zaak van Sabir K. dat Nederland ook niet mag uitleveren aan een land dat marteling door een ander land heeft uitgelokt.

3Houdt de rechter vaker uitleveringen aan de VS tegen?

Nee, zegt de advocaat van Sabir K., André Seebregts. „Het is naar mijn weten nog nooit voorgekomen dat de rechter uitlevering aan de VS tegenhield, zeker niet op grond van mogelijke betrokkenheid bij marteling. De uitspraak past in de lijn dat we kritisch zijn over de strijd tegen terrorisme van de VS. De mensenrechten worden in die strijd nog wel eens opzij geschoven.”

De Hoge Raad heeft wel een keer uitlevering van een PKK-lid aan Turkije geweigerd, zegt Seebregts. Turkije wilde toen niet voldoende concreet garanderen dat de gevangene niet gemarteld zou worden. Het ministerie van Veiligheid en Justitie zegt dat het niet uitzonderlijk is dat uitlevering aan de VS wordt geweigerd. Maar het ministerie kon gisteren niet zeggen of dat beperkt is tot gevallen waarin de minister zélf uitlevering weigert op humanitaire gronden. Dat komt volgens Seebregts inderdaad vaker voor, bijvoorbeeld bij verdachten met ernstige psychische problemen. De minister van Justitie en Veiligheid beslist in eerste instantie over uitleveringsverzoeken, na advies van de rechter in Rotterdam, de zogeheten uitleveringsrechter. Tegen de beslissing van de minister kan een verdachte dan een kort geding aanspannen. Dat is de procedure die Sabir K. nu in hoger beroep heeft gewonnen. De uitspraak van het hof is in lijn met een recente uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), zegt advocaat en hoogleraar strafrecht Geert-Jan Knoops. Het EHRM veroordeelde Macedonië in december voor marteling van zijn onderdaan El Masri. Macedonië had de man in 2004 aan de CIA overgedragen, in het zogeheten rendition program. El Masri werd vervolgens in Afghanistan vastgehouden en gemarteld, met medeweten van Macedonië. Dat land werd door het EHRM aansprakelijk gehouden voor het meewerken aan deze rendition aan de CIA. „Deze redenering ligt mede ten grondslag aan het oordeel van het hof in de zaak van Sabir K.,” aldus Knoops.

4Wat kan de staat nog doen tegen deze uitspraak?

Die kan nog in beroep bij de hoogste Nederlandse rechter, de Hoge Raad. Het ministerie van Veiligheid en Justitie heeft laten weten de uitspraak te bestuderen en dan te bepalen of er beroep wordt aangetekend.

5Is de uitspraak van het hof schadelijk voor de relatie tussen de VS en Nederland?

Het gaat natuurlijk om een uitspraak die als ‘politiek geladen’ valt te interpreteren. Er worden immers vraagtekens geplaatst bij de wijze waarop de Amerikanen met terreurverdachten omgaan. Maar het is een uitspraak van het hof die in zekere zin de soepele houding van de Nederlandse regering tegenover de Amerikanen corrigeert. Met andere woorden; in Amerikaanse ogen valt de Nederlandse regering die de betrekkingen met Washington onderhoudt, weinig te verwijten. Integendeel, de Nederlandse staat weigerde de Amerikanen om opheldering te vragen. Voor die houding is de staat nu door het hof op de vingers getikt.