In de ruimte voor twee tientjes

Ruimtevaartbedrijf Planetary Resources lanceert een satelliet waarvan iedereen gebruik kan maken Je moet er wel een stukje aan meebetalen Maar in ruil daarvoor komt je foto op de satelliet

De Arkyd die op zoek moet naar planetoïden met delfstoffen. Burgers die meebetalen kunnen een stukje waarnemingstijd krijgen. Foto Planetary resources

medewerker technologie

Je eigen foto op een satelliet? Het kan sinds kort. Mits je meebetaalt.

Het bedrijf Planetary Resources – the asteroid mining company – heeft de kunstmaan Arkyd 100 ontworpen als ruimtetelescoop om te zoeken naar planetoïden die rijk zijn aan waardevolle grondstoffen. Zulke delfstoffen zoeken en winnen is de kernactiviteit van Planetary Resources (PR). Maar het eerste exemplaar van de satelliet dient vooral om naamsbekendheid en sympathie te verwerven.

De satelliet wordt een aangepaste versie met een beeldscherm op de buitenkant en een camera op een lange arm die kijkt naar de satelliet zelf. Eenmaal in een baan om de aarde ziet de camera dat beeldscherm met de aarde op de achtergrond. Burgers zullen een foto naar de satelliet kunnen uploaden en krijgen een foto terug van de satelliet, getooid met hun oorspronkelijke kiekje. Jouw foto in de ruimte! (Zo’n foto is makkelijk te vervalsen, maar uiteraard zullen donateurs weten dat hun foto echt is – als PR tenminste niet zelf gaat photoshoppen.)

Zo kan het publiek zich onderdeel voelen van een ruimtevaartproject. Het is een slimme zet van het jonge bedrijf. Nog veel slimmer was het om het publiek te vragen hiervoor financieel bij te dragen, hoewel PR wordt gesteund door steenrijke investeerders als Larry Page en Eric Schmidt van Google en regisseur James Cameron.

De collecte is gehouden via de website Kickstarter, waar bedrijven investeringsgeld kunnen vragen aan burgers. Zoals medeoprichter Eric Anderson van PR zei bij het begin van de wervingscampagne: „We willen dat het publiek ons vertelt dat ze iets willen. Wij gaan onze tijd en geld niet inzetten om iets te maken wat het publiek niet wil. En de enige manier om te bewijzen dat dit gewenst is, is geld vragen en er een waarde aan toekennen. Wij willen laten zien dat ruimtevaart business is, en belangstelling voor ruimtevaart óók.”

Het oorspronkelijke doel van de collecte was een miljoen dollar. De opbrengst was anderhalf maal zoveel. Behalve het geld incasseert PR een berg publiciteit, want dat zit nu eenmaal vast aan geslaagde Kickstarter-projecten. En zo snijdt het mes aan zeker drie kanten: PS krijgt geld, bekendheid en legt het fundament voor een gemeenschap van toegewijde enthousiastelingen. Onder hen ook ondernemer Richard Branson, die maar liefst een ton doneerde.

Bij fotootjes in de ruimte blijft het niet. PR wil aan mijnbouw doen op planetoïden. Veel van deze kleine hemellichamen zijn rijk aan delfstoffen die op aarde veel geld waard zijn, bijvoorbeeld platina.

De Arkyd 100 is in feite een kleine ruimtetelescoop: een halve meter lang en vijftien kilo zwaar. De Hubbletelescoop bijvoorbeeld meet ruim dertien meter en weegt elf ton. De Arkyd 100 kan vanuit een lage baan op zoek gaan naar planetoïden die periodiek dicht langs de aarde komen. Een latere versie zal op den duur vlak langs veelbelovende kandidaten vliegen om ze nader te onderzoeken. Voor het daadwerkelijk winnen van grondstoffen zijn de technische ideeën nog heel pril.

Aan dat proces kan het publiek nu ook een bijdrage leveren. Zoals altijd bij collectes op Kickstarter krijgen de gulle gevers een beloning naar rato van het bedrag dat ze hebben gegeven. De foto in de ruimte hoort bij bijdragen van 25 dollar of meer; ruim 7.200 mensen hebben daar recht op. Voor 99 dollar kun je vijf minuten waarneemtijd aan een student of wetenschapper geven, om te speuren naar nieuwe planetoïden. Op andere financiële ‘niveaus’ kan de deelnemer zelf de telescoop richten en foto’s maken, of een school gelegenheid geven dat te doen.

„We gaan ervoor zorgen dat dat makkelijk wordt, via een website of een mobiele app. Je zult geen astronoom hoeven zijn om de Arkyd te richten op een hemellichaam van je keus”, zegt Anderson. En met nadruk: „Dit is het soort dingen dat de levensloop van een jong iemand kan veranderen. Later zullen ze zeggen dat ze voor een beroep in de ruimtevaart hebben gekozen omdat ze in hun jeugd één dag ruimteonderzoeker konden zijn.”

Als deze satelliet nieuwe planetoïden ontdekt, zullen die binnen het bedrijf worden genoemd naar degenen die 10.000 dollar of meer hebben betaald, en de namen zullen worden voorgedragen als officiële namen bij de Internationals Astronomische Unie. 27 donateurs komen hiervoor in aanmerking. Anderson, met een knipoog: „Ontdekkingen die particulieren doen zijn in principe hun eigendom, maar we hopen wel dat ze het vertellen als ze een tweede aarde vinden of een astroïde die op botsingskoers ligt.”

Zulke mogelijkheden zijn er dus voor wie op tijd heeft ingetekend. Wie dat niet heeft gedaan kan zich ook nu nog melden via de website van PR. ‘Fractional use’, dus gebruik in deeltijd van een Arkyd, is te koop vanaf 30.000 dollar. Andersons medeoprichter Peter Diamandis: „We kunnen hiermee de loop van de wetenschap veranderen. Dit is het begin van privéonderzoek. Burgerwetenschap. Je hoeft straks niet meer te wachten tot het parlement of de regering je onderzoek goedkeurt. Het publiek kan tijd kopen en geven aan onderzoekers, voor onderzoek dat het zelf belangrijk vindt. En als er niet genoeg tijd beschikbaar is op de eerste Arkyd 100, lanceren we een tweede.”

Maar zelfs de intekenaars van het eerste uur zullen nog wat geduld moeten hebben. PR denkt in april volgend jaar een testlancering te kunnen doen. De echte publiekssatelliet zou in de eerste helft van 2015 het luchtruim kiezen.