Wat brengen de lege kinderwagens ons?

Elke economische crisis is anders. Maar ook weer hetzelfde. De herhaling van somber nieuws, zoals de maandelijkse stijging van de aantallen werklozen, is zo’n vaste component. Zij scheppen een naargeestige stemming, die andere gevoelsbarometers beïnvloedt. Zoals geboorten. In de twaalf maanden tot en met mei telde het CBS 172.000 baby’s. Bijna het dieptepunt van 170.000 in crisisjaar 1983. Of is de koppeling crisis en geboortendaling een bakerpraatje?

De groei van de werkloosheid versnelde in juni tot 16.000 mensen tegen gemiddeld 8.000 in april en mei. Het totaal aantal is 675.000. Dan moeten de donkere dagen nog komen.

In 2013 en 2014 samen verdwijnen 111.000 banen zegt Rob Witjes, een expert van uitkeringsorganisatie UWV, in Flex & Figures, het webmagazine van uitzendbureaukoepel ABU. Hij ziet de werkloosheid in 2015 stabiliseren en op zijn vroegst dalen in 2016. De UWV-prognose voor 2018: 724.000 werkzoekenden.

Zijn opsomming van de trends in de bedrijfstakken is overtuigend. De afbouw in de financiële sector is nog gaande. De overheid bezuinigt. De werkgelegenheid in de industrie daalt structureel door de verhoogde arbeidsproductiviteit. Ook banenmotor gezondheidszorg slaat af. De nieuwe afspraken van minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) met zorgverleners reduceren de groei. Zorg is bij uitstek arbeidsintensief: minder omzetgroei is minder banengroei.

Tegenover de zekerheden van de crisis staan ongewone verschuivingen. Jongeren, allochtonen en vrouwen hebben een zwakke positie op de arbeidsmarkt en zijn in een crisis als eerste de klos. Maar nu meldt het CBS dat hoger opgeleide vrouwen (25-35) minder werkloos zijn dan vergelijkbare mannen. Is dit bewijs dat de economie in zijn postindustriële feminiene fase is beland, waarin ‘vrouwelijke’ bedrijfstakken (zorg, dienstverlening) en waarden (consensus zoeken, gericht op langdurige relaties) de overhand krijgen? En misschien is de strijd om normen voor meer vrouwen in raden van bestuur en commissarissen een wedstrijd op een bijveld. En wordt op het hoofdveld de strijd om de banen gewonnen.

Het is speculatief, maar welke consequenties heeft de ommekeer op dit segment van de arbeidmarkt? De geboortendaling in 1983 is volgens een artikel van Joop de Beer van demografisch onderzoeksinstituut Nidi in Bevolkingstrends van het CBS minder een crisisverschijnsel en meer een trendverschijnsel. Hij ziet het als de laatste fase in een langdurig proces waarin vrouwen de geboorte van hun eerste kind uitstelden. Dat heeft weer te maken met hun nieuwe carrières: leren en loopbaan.

Dat zullen we merken. Meer hoger opgeleide vrouwen stellen hun eerste kind uit, maar ook meer (hoger opgeleide) mannen wachten vanwege hun onzekere arbeidsmarktpositie om een gezin te stichten. Zij kunnen niet aan hun rol van kostwinner voldoen. Ja, oude vormen en gedachten sterven langzaam.

Gezien de inzakkende vertrouwensbarometers en de oplopende werkloosheid kan het aantal baby’s nog verder dalen. Wordt dit een historische baby bust als tegenhanger van de na-oorlogse baby boom? Voor de golf van werklozen is het een schrale troost, maar de lege kinderwagens nu zijn de volle vacaturebakken over twintig jaar.

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.