Topstuk Van Goyen voor het eerst te zien

Jan van Goyen, ‘Landschap met gezicht op Huys Roucoop’ (1642), te zien in Museum De Lakenhal, Leiden.

Museum De Lakenhal in Leiden toont voor het eerst een topstuk van Jan van Goyen dat het elf jaar geleden al geschonken kreeg. Dit monumentale werk, Landschap met gezicht op Huys Roucoop, kan nu pas aan het publiek worden getoond, omdat het eerst uitvoerig moest worden gerestaureerd.

Van Goyen (1596-1656) geldt als een van de belangrijkste Hollandse landschapsschilders van de Gouden Eeuw. Hij schilderde het Hollandse landschap als een idylle: ongerept en harmonieus, onder een hoge wolkenlucht. Het werk dat nu in de Lakenhal wordt getoond, is met een afmeting van 131,4 cm bij 252,5 cm letterlijk een van zijn grootste werken.

De schilder maakte het waarschijnlijk in opdracht van de bewoners van Huys Roucoop aan de Vliet bij Voorschoten. Dat kan worden afgeleid uit het feit dat hij dit huis, dat ook wel bekend staat als Kasteel Middelgeest, met een ongewone precisie schilderde. Bovendien beeldde hij in het midden van het doek de toenmalige bewoners van het huis af, Cornelis van der Nath, een vermogend patriciër uit Leiden, met zijn gezin.

Om hen heen schilderde Van Goyen een bont gezelschap van hardwerkende boeren, melkmeiden, vissers en marskramers. Op het doek is in de verte de stad Leiden geschilderd, te herkennen aan de Pieterskerk en de Marekerk. Van Goyen woonde en werkte zelf in Leiden, net als rond die tijd Rembrandt.

Beide meesters experimenteerden met een zeer vlotte schildertechniek die uiteindelijk hun handelsmerk werd.

Landschap met gezicht op Huys Roucoop hing jarenlang bij een particulier boven de bank, die het in 2002 aan De Lakenhal schonk. Het was bijzonder vuil geworden. De restauratoren ontdeden het doek van de vergeelde vernislaag, verwijderden verkleurde overschilderingen (retouches) en vulden ontbrekende partikeltjes verf op.

Bij de restauratie werd duidelijk dat Van Goyen tijdens het schilderen allerlei details had veranderd waarover hij niet tevreden was. Sommige van die details waren door chemische processen in de verf weer zichtbaar geworden, zoals de voet van een hengelaar die Van Goyen later wegschilderde. Bij de restauratie is ervoor gekozen dit soort details (zogenoemde pentimenti) niet over te schilderen, maar zichtbaar te laten.