Opstand Syrië versplintert

Gevechten tussen jihadistische rebellen en Syrisch-Koerdische strijders hebben zich het afgelopen weekeinde verspreid naar een tweede Syrische provincie in het noorden van het land.

De gevechten, die sinds ze vorige week begonnen tientallen mensen het leven hebben gekost, onderstrepen hoe de opstand tegen het bewind van president Assad is versplinterd in lokale oorlogen die weinig meer te maken hebben met Assads positie. Daarvan profiteert Assad.

De Koerdische PYD, die banden onderhoudt met de Turkse PKK, verdreef de met Al-Qaeda verbonden Al-Nusra en ISIS vorige week uit Ras al-Ain, aan de grens met Turkije, in de provincie Hakassah. In het weekeinde werd volgens oppositiebronnen gevochten in een andere grensplaats, Tel Abyad, in de provincie Raqqa.

De Koerden ontvoerden de plaatselijke commandant van de ISIS, die zij volgens het niet-jihadistische oppositiebronnen weer vrijlieten in ruil voor 300 Koerdische burgers die de ISIS had ontvoerd. Volgens jihadistische bronnen is de commandant met geweld bevrijd, en zijn geen Koerdische gijzelaars vrijgelaten. De ISIS, de Islamitische Staat in Irak en de Levant, is de meest extremistische van de jihadistische groepen.

De Koerden proberen hun gezag te vestigen in deze overwegend Koerdische gebieden, waar de afgelopen maanden de jihadisten zijn opgerukt. De rebellen beschuldigen de Koerden ervan ervan gemene zaak te maken met het Syrische regime om hun eigen positie te versterken.

De Turkse regering maakt zich daar grote zorgen over uit angst dat de Turkse Koerden daaruit nieuwe moed putten. Zij is volgens Syrische oppositiebronnen bezig tanks aan de grens samen te trekken. Het Turkse leger heeft de Koerdische PYD vorige week gebrandmerkt als „separatistische terroristische organisatie”. Er zijn beschuldigingen dat Ankara de jihadisten steunt.

Bij doorgaande gevechten aan de noordoostelijke rand van Damascus hebben regeringstroepen de afgelopen 24 uur zeker 75 rebellen gedood, zo hebben oppositiebronnen gemeld. Als het bericht klopt, dan was het een van de dodelijkste dagen voor de oppositie in het twee jaar oude conflict.

Het regeringsleger heeft twee weken geleden een offensief gelancerd om de rebellen te verdrijven uit het noordoosten van Damascus. Ook elders in het land, onder andere in de stad Homs in het midden van het land, is het regeringsleger in het offensief.

De Britse premier David Cameron sprak in een vraaggesprek met de BBC van een „impasse” op de grond. Hij zei ook zich grote zorgen te maken over de rol van de jihadisten. Assad noemde hij „een slecht mens”. Vorige week zeiden Britse regeringsbronnen dat Assad nog jaren kan overleven als president. (AFP, Reuters, AP)