Mollemania brengt menig hoofd op hol

Twee Nederlanders een tijdje bij de eerste vijf. Meer was er niet nodig. Toen een van hen zelfs enkele dagen tweede in het algemeen klassement stond, hielden volk, vaderland en media het helemaal niet meer.

Mollemania. Er was een nieuw woord voor bedacht.

Toen dopingonthullingen over de wielersport eerder dit jaar Lance Armstrong en Michael Boogerd van podium en voetstuk donderden, was de twijfel groot, bij kranten, bij televisie en andere media. Wordt het geen tijd om maar eens wat minder aandacht te besteden aan dat bedorven wielrennen, zeiden ze op de redacties. De NOS besloot geen rechtstreeks verslag op tv meer te doen van de Vlaamse semiklassiekers in het voorjaar en bijvoorbeeld in de sportkolommen van deze krant kregen de wielerkoersen minder ruimte.

De wielerjournalistiek kwam onder vuur te liggen van de leunstoeljournalistiek. Columnisten, meestal niet opgehouden door feitenkennis, verweten de wielerjournalisten, die ze samenvatten in de naam Mart Smeets, dat het maar lapzwansen waren geweest. Nooit eens deugdelijk onderzoek gedaan naar dat dopinggedoe onder wielrenners. Alleen maar fanjournalistiek.

Toen een Nederlandse commissie rapporteerde dat de niet-dopinggebruikers onder de wielrenners een kleine minderheid vormden, was de agitatie al wat geluwd.

Deze krant, en andere, maakte vooraf een speciale bijlage over de honderdste Tour de France. Want, schreef de hoofdredacteur in zijn voorwoord, wielrennen is ook „die heerlijke mengeling van heroïek en dromen, beulen en afzien, spel en plezier, theater en realiteit, atletisch vermogen en inspanning, tactiek en geluk”.

Dat was nog ruim voor de Mollemania.

Ze moesten soms weer even wennen aan elkaar, media en wielerploegen. De Volkskrant werd door het sponsorloze Blanco in de ban gedaan na een zurige column. Toen Blanco Belkin werd, was het gauw gedaan met die boycot. Het tv-programma Tour du Jour van RTL7 werd tijdens de Tour even gemeden door de ploeg Vacansoleil. Niet handig als je naarstig op zoek bent naar een nieuwe sponsor. Deze boycot duurde één dag.

De NOS zond gewoon dagelijks weer live reportages uit, evenals het praatprogramma De Avondetappe, vanouds gepresenteerd door bovengenoemde samenvatting. De kranten haalden het nieuws over de Tour naar prominentere plekken dan de sportpagina’s. Bekende, maar niet per se deskundige Nederlanders mochten in de ene krant over twee pagina’s hun prognoses geven en een andere krant liet op zijn voorpagina een verslaggever in huid en hoofd van de nummer twee kruipen, zodat hij kon opschrijven wat hij dacht dat Bauke dacht.

De Mollemania bereikte zo de totale gekte.

Intussen opinieerde vorige week een wijsneus in deze krant dat die wielerjournalisten Froome niet naar de bekende weg moesten vragen, dus of hij soms doping gebruikt, maar moeten spitten en wegen, bewijsmateriaal aandragen. En dán pas vragen. Briljante suggestie! Dat niemand daar nog op is gekomen.

De held van de leunstoeljournalisten, David Walsh, is inmiddels, na er acht weken embedded te zijn geweest, tot de conclusie gekomen dat bij Sky geen doping wordt gebruikt. Er zijn wielerjournalisten die dat inpakjournalistiek noemen. De kans is dus klein dat The Sunday Times, de krant die ooit nederig zijn excuses aanbood voor Walsh’ toen nog onbewezen beschuldigingen jegens Lance Armstrong, opnieuw door het stof moet.

Vanavond start de Ronde van Boxmeer. Het zal er druk zijn, de tv is er even bij en de kranten doen er morgen sfeervol verslag van. Al is de winnaar allang bekend.

Hij heet Mollemania.