De Fransen willen niet hervormen, laat ze lekker!

Minder lang lunchen, minder baanzekerheid. Dat door Brussel opgelegde recept is niet het Franse idee van vooruitgang. Gelijk hebben ze, vindt .

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Bij een bezoek aan Japan verzekerde François Hollande een groep zakenlieden dat de eurocrisis nu echt voorbij is. Maar het lijkt er meer op dat het gedaan is met Frankrijk. Sinds de socialist in het Elysée zit, zit het land in de lift naar beneden. In Europa hapert de Frans-Duitse motor en vooral de Franse auto-industrie. Franse banken staan op omvallen. Het land verloor bij kredietbeoordelaar Fitch zijn laatste triple A en vlakbij Parijs beleefden de Franse spoorwegen hun grootste ongeluk sinds vijfentwintig jaar. Ook in Afrika is het behelpen, in Mali moest het Franse leger dit voorjaar een beroep doen op de Amerikanen. Intussen liep La France profonde, alsof er niks belangrijker was, massaal te hoop tegen het homohuwelijk. Achterlijk land, dat Frankrijk. Het is er lusteloosheid troef, zelfs de revoluties zijn niet meer wat zij zijn geweest.

Maar voordat we ons definitief overgeven aan deze morisité (neerslachtigheid), is het zaak beter naar Frankrijk te kijken. Neem dat homohuwelijk, dat is er toch maar gekomen. Duitsland is zover nog niet. En hoe gek is het dat conservatief Frankrijk daartegen in opstand kwam? Het is de wereld op z’n kop. Volgens mij was het nooit de bedoeling van het huwelijk dat homo’s zouden trouwen en voor veel mensen is het tegennatuurlijk. Is het niet veel vreemder dat iets wat tot voor kort een groot taboe was nu ineens als de normaalste zaak van de wereld moet worden gezien? De Fransen houden van discretie en hechten aan de privésfeer. Zij waren nooit preuts en hebben op het gebied van overspel en afwijkend gedrag een reputatie hoog te houden. Maar het homohuwelijk gaat hun boerenverstand te boven. Dat lijkt mij een gezonde reactie die de rest van de westerse wereld, waar de seksuele moraal altijd minder vrij was, te denken kan geven.

Duitse overmacht is tijdelijk

Dat de Fransen het afleggen tegen de Duitsers is niet nieuw. Dat doen ze sinds 1870. Maar ik denk dat de huidige Duitse overmacht tijdelijk is. Kwalitatief waren Duitse producten altijd beter, reden waarom Nederlanders vroeger Opel reden, en nu Audi en BMW. Franse auto’s waren nooit triple A, dat was juist de charme ervan. Maar wat als ze in Azië straks geen Mercedessen meer kopen? Volkswagens bouwen de Chinezen al zelf en de Duitse afhankelijkheid van de wereldmarkt maakt ook kwetsbaar. Frankrijk houdt z’n kernenergie, Duitsland houdt ermee op. En Frankrijk vergrijst minder snel. Als dat zo doorgaat zijn er straks voor het eerst sinds in anderhalve eeuw meer Fransen dan Duitsers. Over de Franse kinderbijslag hoor je niet veel, maar het Duitse Kindergeld is bezig een onbetaalbare rekening te worden.

Het is waar dat Franse banken wankel zijn (net als de Duitse), maar ik zou in zo’n geval geen echte stresstests aanraden. Dan krijgt de hele financiële wereld nog meer de stress. De Franse zwakte is ook een probleem voor Duitsland, dat ervoor moet instaan. Dat doet Duitsland braaf, in die zin is de eurocrisis voorbij (wat Hollande in Japan zei). Maar het zorgt er tevens voor dat Duitsland steeds weer tot bailouts bereid moet zijn. De eurozone die in theorie naar Duits model is opgezet, wordt in de praktijk naar Franse ideeën omgevormd. Dat gaat nu nog schuil achter Duitse spaarretoriek. Maar die Duitse bezuinigingskoers werkt in Zuid-Europa niet, waardoor de Franse voorkeur voor ‘groei’ (gestimuleerd met Noord-Europees kapitaal) vanzelf boven komt drijven.

Duitsland lijkt machtig, maar is het niet. Waar Duitsland de vroegere Oost-West-tegenstelling in Europa een centrale positie innam, zit Frankrijk bij de huidige Noord-Zuid-tegenstelling in het midden en is het een natuurlijke intermediair voor de zuidelijke landen. Daarbij tenderen de Fransen naar een soort Europees ‘gemiddelde’. Dat vereist minder aanpassing aan Brussel. België, dat half Franstalig is en waarvan het voorspelde einde maar niet wil komen, laat zien hoe handig dat in de Europese verhoudingen is. Ik denk dat de Franse diplomatie in stilte binnen de eurozone aan het winnen is.

Fransen lunchen lang, so what?

De Franse politiek is van nature weinig hervormingsgezind en de slappe president Hollande geldt nu al als hopeloos geval. Hij lijkt in een permanente staat van ontkenning te verkeren en staat laag in de peilingen. Vandaar dat zijn omstreden voorganger Nicolas Sarkozy weer in zijn kansen begint te geloven. Niet gek, want Franse politici gaan lang mee en maken vaker een comeback. Denk aan Charles de Gaulle, die meerdere malen uit geslagen positie terugkwam en van zijn zwakte een kracht maakte. Onderschat ook de lethargie van Hollande niet. De president doet zich graag onnozel voor. Daarmee frustreert hij effectief de hervormingen die Angela Merkel nodig acht en waarvan in Franse ogen niet is aangetoond dat die gaan werken. Meer markt is prima, maar is minder overheid voor Frankrijk een goed idee? Hoe zit dat met versoepeld ontslagrecht? Is het wel zo economisch om Franse ambtenaren langer te laten werken in plaats van ze eerder met pensioen te sturen? Wordt het leven beter als de Fransen minder lang lunchen? Hun idee van vooruitgang is het niet en ik kan ze geen ongelijk geven. Al die economen in Brussel, Frankfurt en bij het IMF die het zo goed weten maken kopschuw. Geen wonder dat de Fransen daarin niet geloven. Doen wij in Nederland het met al die ‘akkoorden’ waarmee Mark Rutte ons overvalt trouwens beter? Het zal komen doordat ik van katholieke huize ben en nooit naar de kerk ga, maar ik kan al die onzin over ‘hervormingen’ niet meer horen. Geef mij maar Frankrijk.

Dat de Fransen met nostalgie naar vroegere tijden kijken, is niet vreemd. In Nederland doen we dat ook. Waar de Fransen nu Marine Le Pen als burgerschrik hebben, hebben wij Geert Wilders, die al maanden hoog staat in de peilingen. Den Haag is daar nerveus over. Daarentegen blijven de Fransen onverstoorbaar hun eigen levensritme volgen. Dat is veruit het beste aanpassingsmechanisme. Ook in de Tour rijden ze weer op pindakaas, al wist Joop Zoetemelk in 1980 te vertellen dat je zuinig op je lichaam moest zijn en je rust moest pakken: „De Tour win je in bed.” Hier sprak een Nederlander die de Fransen kende en begreep dat ze in de verzetstand gaan als je ze van buitenaf prikkelt en op de kast jaagt. Als we nog wat van Europa willen maken, moeten we dat dus niet doen.

Columnist Floor Rusman is deze en volgende week op vakantie.