Zes keer raadsel Dylan

Cate Blanchett speelt Bob Dylan rond 1966.

I’m not there (Todd Haynes, 2007) Ned. 2, 23.30 - 01.40 uur

Ja, maar hij is er wél!

Bob Dylan is alweer jaren salonfähig. In de jaren tachtig en negentig werd hij verguisd als de laatste kraaiende haan uit de sixties. De nu 72-jarige zanger herpakte zich, herstelde van een bijna fatale hartschimmel, en trekt nu de wereld rond als een gelouterde song and dance man.

Maar ooit werd hij als ‘stem van een generatie’, of zelfs een heiland, op het schild gehesen. Een traumatische ervaring voor Dylan, met als gevolg permanente afkeer van zijn eigen ‘legende’, en een neiging voortaan te willen ontsnappen aan de verwachtingen van zijn publiek. Dylan (echte naam: Robert Zimmerman) werd een raadsel.

Dat raadsel, en die hang naar telkens nieuwe incarnaties, is de spil van I’m Not There, genoemd naar een Dylan-nummer, van regisseur Todd Haynes. Hij toont Dylan in verschillende fases van zijn loopbaan, telkens gespeeld door een andere acteur.

Werkt dat?

Niet volgens criticus Raymond van den Boogaard, die de film in 2008 chaotisch vond, en „grotendeels onbegrijpelijk” voor wie niet al was ingevoerd in Dylan. Dat is waar – anderzijds, onbegrijpelijkheid hoort bij Dylan zoals een nieuw kapsel bij Justin Bieber. En voor wie vaker Dylan-concerten heeft bijgewoond, is chaos ook geen onbekende.

Bovendien, deze film is al de moeite waard door de rol van Cate Blanchett, die Dylan neerzet rond 1966, op het hoogtepunt van zijn roem en vlak voor zijn fameuze motorongeluk. Dat gebruikte hij als alibi om een paar jaar onder te duiken in de bossen bij Woodstock. Tot die ellendige sixties voorbij waren.