115.000 Syrische vluchtelingen. Bekijk vluchtelingenkamp Zaatari in detail

Vluchtelingenkamp Zaatari, vlakbij de grens tussen Syrië en Jordanië. Foto AFP / Mandel Ngan

In het vluchtelingenkamp Zaatari in Jordanië wonen ongeveer 115.000 Syriërs op tien kilometer van de grens met hun vaderland. Elke dag groeit dat aantal, want dagelijks vluchten ongeveer 6.000 Syriërs voor de oorlog uit hun land naar de buurlanden.

Dat gemiddelde is ongekend sinds de genocide in Rwanda, bijna 20 jaar geleden. In totaal hebben zich nu 1,8 miljoen Syrische vluchtelingen geregistreerd bij de VN, werd deze week bekend. Tweederde van hen vluchtte dit jaar. Er zijn echter veel meer vluchtelingen in met name Libanon, Jordanië, Turkije, Irak en Egypte, Lang niet iedereen meldt zich bij de VN aan. Daarnaast zijn 4,2 miljoen mensen ontheemd geraakt. En maart 2011, toen de opstand in Syrië begon en eind april 2013 zijn zeker 93.000 mensen in Syrië gedood, aldus de VN.

De vluchtelingen komen terecht in kampen zoals Zaatari, in de buurt van de stad Mafraq. Persbureau AFP publiceerde deze week deze luchtfoto van het kamp. Beweeg met je muis over de foto om de details te zien.

Correspondent Leonie van Nierop bezocht het kamp afgelopen oktober. Op dat moment verbleven er 40.000 Syrische vluchtelingen. Op dat moment was er al aan alles gebrek, schreef ze destijds in de krant.

“De vluchtelingen wassen zichzelf, hun borden en hun kleren met een pompje handzeep. Er is een schooltje van golfplaat, maar er zijn geen lessen. Alleen aan stof is geen tekort. Het vult oogholten, neuzen, oren en longen. Elke truck wordt gevolgd door een bruine wervelwind.”

Ze sprak Mohammad Rashed. Een jongen van 24 die altijd honger heeft.

“In augustus ontvluchtte hij de bombardementen op Deraa, en de vele arrestaties. Hij deed mee met de demonstraties tegen het regime, die anderhalf jaar geleden in Deraa begonnen. Toen was Rashed nog student Engels. Nu zwaait hij de hele dag een lap boven zijn hoofd om de vliegen te verjagen. “We leven hier als koeien”, zegt hij.”

In februari was Van Nierop opnieuw in het kamp, dat inmiddels bijna was verdubbeld tot 75.000 asielzoekers.

“Een deel van de tenten is inmiddels vervangen door stacaravans. Er zijn geplaveide wegen, compleet met straatverlichting. Maar de omstandigheden in Zataari blijven bar. Na de hete, stoffige zomer werd het kamp in de woestijn de laatste weken geplaagd door hevige overstromingen, en sneeuw. ’s Nachts dalen de temperaturen tot onder nul.”

Inmiddels is de grootte van het kamp iets afgenomen, nadat het in april van dit jaar, 10 maanden na de opening, bijna 130.000 mensen huisvestte*. Volgens persbureau AP vinden sommige mensen elders onderdak of keren mensen terug om te vechten. De oorlog in Syrië is namelijk nog lang niet voorbij, schreef NRC-redacteur Carolien Roelants deze week.

“Het is de vraag hoe lang het duurt, maar de laatste tijd heeft de Syrische president Bashar al-Assad bepaald het tij mee. De politieke oppositie is hopeloos verdeeld, rebellen vechten onderling. Westerse landen wachten bij nader inzien nog met de wapenhulp die ze ‘gematigde’ opstandelingen hadden beloofd uit angst dat de wapens bij jihadisten terechtkomen. Het resultaat is feitelijk een uitzichtloze impasse.”

* Update:
Over het aantal vluchtelingen in april is veel verwarring. Lokale hulporganisaties hielden het in april op 90.000 vluchtelingen in plaats van 130.000.