Harde woorden op ‘happy islands’

Mark Rutte bezocht deze week Caraïbisch Nederland. „Als u uit het koninkrijk wilt, dan belt u even. Dan regelen we dat.”

Premier Rutte bezoekt een woning in de wijk Fleur de Marie in Willemstad op Curaçao. Foto ANP

Zaterdag

Iedereen happy

Wat het eerst opvalt aan de ambiance van de premier deze week: allemaal mannen. Zaterdagmiddag begint zijn verblijf in Caraïbisch Nederland in hartje Oranjestad, bij het zwembad van zo’n typisch Arubaans hotel met ingebouwd casino. Bliepende gokkasten. Aruba trekt voornamelijk Amerikaanse toeristen die willen zonnen en gokken. Vandaar het zelfgekozen koosnaampje: happy island.

Op het eerste gezicht echt iets voor Mark Rutte. Iedereen happy. Je ziet de Arubaanse premier Mike Eman nu al genieten van de aandacht die hij van het hoge bezoek uit Nederland krijgt: bewijs van zijn belangrijkheid – de verkiezingen zijn hier in september.

Ook de leden van Ruttes delegatie, die binnendruppelen van het vliegveld, krijgen uitvoerig aandacht van de premier. Ambtenaren en vooral ondernemers zijn het – Rutte laat zich vergezellen door een handelsdelegatie. Bij aankomst plakt het kostuum hen om het lijf, en Hans Biesheuvel, de voorzitter van MKB-Nederland, fungeert voor hen als aanjager en sfeermaker. Biertje?

Stuk voor stuk begroet de premier zijn delegatieleden op de bekende Rutte-manier, met open armgebaren en stemverheffing en informele woordjes (joh, gaaf, wat goed). En bij bijna al deze mannen zie je dezelfde reactie: schouders die een paar millimeter hoger gaan zitten, voldaanheid, feelgood. Inderdaad: iedereen happy.

Zondag

Caraïbisch kluitjesvoetbal

Een premier die Caraïbisch Nederland bezoekt, het is ingewikkelder dan je zou denken. Je kunt het merken als Rutte zondagmorgen uitlegt wat zijn plan is. Die economische delegatie is niet voor niets mee. Nu drie landen (Aruba, Curaçao, Sint Maarten) sinds 2010 autonomie binnen het koninkrijk hebben en drie (Bonaire, Saba, Sint Eustatius) de status van gemeente, wil hij de bekende controverses ontlopen. Caraïbische cultuur versus Nederlandse normen – daar moet het dus zo min mogelijk over gaan. Ieder zijn eigen verantwoordelijkheid, het verleden valt niet terug te draaien, de hand blijft op de knip. Dus laten we zaken doen met elkaar. „Samen zoveel mogelijk geld verdienen”, noemt Rutte dat.

Het is een logische formule, als je weet wat hem te wachten staat: eilanden die, ondanks of dankzij die nieuwe status sinds 2010, de verleidingen van corruptie en nepotisme niet weten te weerstaan. Is Rutte de eerste dagen publiekelijk vooral welwillend, naarmate de week vordert, zal hij kritischer worden.

Aruba gedraagt zich, naar Nederlandse normen, het beste. Afgezien van een torenhoge staatsschuld gaat het er economisch lang niet slecht. Het land doet niet aan de bekende klachten over neokoloniale inmenging: het wil samenwerken en zich positioneren als ‘hub’ tussen Nederland en de groeiende markten van Latijns-Amerika. Dat zal een trend zijn deze week: alle eilanden blijken dit te willen. Caraïbisch kluitjesvoetbal.

Gelijktijdig stellen het vrolijke duo Rutte en Biesheuvel de meegereisde ondernemingen – van Strukton tot en met IHC – op de eilanden voor, waar die bedrijven zonder uitzondering mee in hun nopjes zijn. Al leidt dit niet tot tastbare resultaten. Nog niet, zeggen ze.

In anderhalve dag Aruba passeren talrijke officiële momenten waarop Rutte, vergezeld door Biesheuvel, premier Eman prijst voor zijn ondernemingszin. Dan is Rutte „echt onder de indruk” respectievelijk „geïnspireerd” door Eman.

Maar je hoeft hier niet lang rond te vragen om reden voor scepsis te signaleren. Eén van Ruttes voorgangers als VVD-leider, Frits Bolkestein, merkte ditzelfde Aruba aan als ‘rovershol’. Dat was in 1995, en de premier was destijds Henny Eman, de broer van Mike Eman. Aruba had toen leden van een beruchte Siciliaanse maffiafamilie vergunning verleend voor hotelbouw, wat leidde tot alarmerende rapportages van onder meer de CIA. De zaak werd na een broeierig conflict met Nederland in der minne geschikt. En toen Henny Eman in 1996 naar Nederland reisde om alles goed te maken – het was allemaal een misverstand – besloten de achtergebleven leden van zijn kabinet in stilte de ministerssalarissen te verdubbelen. Knoekoe-politiek heet dat: je praat Nederlandse bestuurders naar de mond en gaat je eigen gang zodra Den Haag niet meer oplet.

Maandag

Goed contact met Gerrit

Vanaf nu is het menens: onderweg naar Curaçao. Rutte en Biesheuvel zullen ook hier vooral praten over ondernemingszin. Het kan de bestuurlijke malaise op het eiland onmogelijk verhullen: de moord, in mei, op populist Helmin Wiels; de corruptiebeschuldigingen tegen oppositieleider en oud-premier (2010-2012) Gerrit Schotte; en de vraagtekens bij de nieuwe premier, Ivar Asjes. Hij was de tweede man in Wiels’ partij toen de leider nog leefde, en is sinds een week of zes in functie.

De tactische keuze die Nederland achter gesloten deuren maakt, is dat het in elk geval Schotte, vorig jaar afgezet, niet terug wil als premier. Te hechte banden met – weer een andere – Italiaanse maffiafamilie. En dus zet Nederland zijn kaarten, voorzichtig, op Asjes. „Het bevalt mij zeer hoe Ivar Asjes de zaken beschouwt”, zegt Rutte tegen de sceptische media op het eiland. Hij en Asjes hebben elkaar zojuist voor het eerst ontmoet. Asjes zit mild glimlachend naast zijn Nederlandse ambtgenoot. Rutte vertelt allervriendelijkst dat Curaçao goede integriteitregels heeft, maar ze niet altijd naleeft. Asjes glimlacht gewoon door.

Hij blijkt een timide spreker als hij ’s avonds opnieuw met Rutte optreedt, nu voor ondernemend Curaçao. Na zijn speech vertelt Asjes over zichzelf. Hij was eerder eilandbestuurder toen hij in 2010 terugkeerde op de lijst van Helmin Wiels. Tijdens de omstreden coalitie van zijn partij met Gerrit Schotte (2010-2012) was hij parlementsvoorzitter. En toen Schotte vorig jaar uit zijn ambt was gewerkt, bleef hij de omstreden premier in Nederlandse ogen onheilspellend lang trouw: hij weigerde maandenlang een vergadering van het parlement uit te schrijven zodat Schotte, zonder meerderheid, toch kon aanblijven.

Allemaal verleden tijd, vertelt Asjes. Hij heeft nog steeds een „goed en zakelijk contact met Schotte”, maar streeft nu naar „een schone overheid en een schone regering”.

Dinsdag

Schoonzoon gokkoning

In zijn verleden bleek dit voor Asjes persoonlijk geen eenvoudige ambitie. Hij betaalde met overheidsgeld een advocaat om een krant aan te pakken die een spotprent van hem publiceerde. Hij benoemde zichzelf wederrechtelijk in een overheidsbaan en weigerde het onterecht genoten salaris terug te betalen. En als parlementsvoorzitter probeerde hij zijn vrouw, dochter van een gokkoning, te benoemen in overheids-nv’s.

Eén recent feit over Asjes, dat amper aandacht krijgt, baart justitie en politie op het eiland het meest zorgen. Dat feit draait om de kern van alle politieke spanningen op Curaçao de laatste jaren: het justitiële onderzoek naar gokkoning Robbie Dos Santos. Hij is de man achter Robby’s Lottery en steunt volgens ambtelijke bronnen zowel de partij van Schotte als die van Asjes financieel. Veelzeggend detail: volgens dezelfde bronnen was het Dos Santos, woonachtig op Sint Maarten, die Schotte in contact bracht met de Italiaanse maffia.

Dit onderzoek – codenaam Bientu – loopt al 2,5 jaar met behulp van een rechercheteam onder Nederlandse leiding, het RST, en de partijen van Schotte én Asjes voerden een agressieve campagne tegen dit team. Een partijgenoot van Asjes, de toenmalige minister van Justitie Wilsoe (2010-2012), verbood de Curaçaose politie zelfs twee jaar samenwerking met het RST. En vorig jaar nog probeerde hij via Hillary Clinton beslaglegging ter grootte van tientallen miljoenen dollars op Dos Santos’ Amerikaanse bezittingen ongedaan te maken.

Ook Asjes zelf schoot Dos Santos te hulp door, vlak voor de val van het kabinet-Schotte in de zomer van 2012, een parlementaire enquête naar „grootschalig illegaal aftappen” door het RST te initiëren. Bewijs voor de beschuldiging ontbrak, maar het paste in een stramien, zeggen ze in het opsporingsapparaat: de partijen van Schotte en Asjes kwamen sinds 2010 steeds voor hun financier Dos Santos op door het RST verdacht te maken.

De komende maanden moet blijken of Asjes zijn leven werkelijk heeft gebeterd, zeggen ambtenaren van het ministerie van Justitie. Het onderzoek naar Dos Santos is vrijwel afgerond, de strafzaak wordt dit najaar verwacht. Volgens ambtelijke bronnen heeft Dos Santos zelfs al een schikking van 10 miljoen dollar aan justitie voorgesteld. De wereld is klein op Curaçao. Ook Ivar Asjes kent de gokwereld goed: zijn schoonvader is Jacobo ‘Cocochi’ Prins, eigenaar van vele casino’s op Curaçao.

Over dit soort feiten praat Mark Rutte deze week niet, althans niet publiekelijk. Hij bezoekt een stadsvernieuwingswijk, stelt Nederlandse ondernemers voor aan de autoriteiten, en blijft zijn mantra herhalen: ik wil Caraïbisch Nederland ondernemender maken.

Wel wordt hij in een niet-officieel programmamoment geïnformeerd over de voortgang in het onderzoek naar de moord op Wiels, waarin het RST een prominente rol speelt. In het onderzoek zijn volgens betrokkenen „belangrijke indicaties” opgedoken dat „mensen uit de politiek wisten van de voorgenomen moord op Wiels”. Ivar Asjes zelf toont zich desgevraagd „optimistisch’’ over de voortgang van het moordonderzoek. En de problemen met het RST is hij vergeten. „De samenwerking met het RST is altijd goed geweest”, zegt hij, met diezelfde milde glimlach.

Woensdag

De liberaal ontwaakt

„De Dreesiaanse soberheid is wat ver doorgevoerd”, zegt Rutte als hij het toestelletje, exemplaar uit de jaren zestig, ziet waarmee de reis naar Bonaire gaat.

Alweer wacht de premier bestuurlijke wanorde. De gezaghebber (een soort burgemeester) en de gedeputeerden (wethouders) leven op voet van oorlog. Gedeputeerde James Kroon kwam in opspraak toen het Openbaar Ministerie vorige week concludeerde dat hij valsheid in geschrifte pleegde omdat hij de handtekening van de gezaghebber vervalste. Een klein zaakje – taxivergunning voor een familielid – waardoor justitie besloot tot een voorwaardelijk sepot. De andere twee gedeputeerden van het eiland werden nog in maart verhoord in een al jaren slepend corruptieonderzoek.

Rutte loopt er met een boog omheen en lokt, op bezoek bij jongeren, liever discussie uit over een eiland waarin niet alles meer draait om de collectieve sector. Een jongen van 16 vertelt over de onlangs gesloten bowlingbaan – en de liberaal in Rutte ontwaakt. „Kan jij zorgen dat hij weer opengaat?” „Misschien”, zegt de jongen bedremmeld. „Mooi, dan hoeft de overheid het niet te doen.”

Hij wil weten waarom er geen Bonairianen zijn die grote toeristische attracties bezitten en leiden – hotels, duikscholen. „Nou?” Later vertelt de bazin van Jong Bonaire over opvangproblemen door het wegvallen van subsidie. „Néé”, roept Rutte. „Waarom nou wéér subsidie?” Alleen die aanvraagformulieren al, roept hij. „Daar word je toch depressief van?”

Ze legt uit de ze alles heeft geprobeerd, hij laat haar amper uitspreken. Hij is hier ook, zegt hij, om uit te leggen dat het uit is met telkens nieuw Nederlands geld. „Jullie moeten het gewoon niet willen, afhankelijk blijven van subsidie”, zegt hij. „Want dat stopt een keer, dat is onvermijdelijk.”

Donderdag

Bewindsman in bordelen

Heeft Rutte zijn kritiek op gebrekkige integriteit tot nu toe omfloerst gebracht, op Sint Maarten is de toon harder. Hij zegt na zijn gesprek met premier Sarah Wescott-Williams dat er „uitvoerig is gesproken over integriteit”, en dat Transparancy International „diepgaand onderzoek” zal doen naar het integriteitsgehalte van het bestuur.

Aanleiding genoeg. Een paar maanden terug trad de minister van Justitie af nadat de krant Today onthulde dat hij in zijn vrije tijd bordelen bestuurde. De leider van de machtigste partij van het land, Theo Heyliger, werd vorig jaar gefotografeerd met hetzelfde lid van de maffiafamilie met wie Dos Santos en Gerrit Schotte in contact staan. Intussen zijn de parlementariërs van Sint Maarten (30.000 inwoners) de bestbetaalde van het koninkrijk: 9.000 euro per maand.

Een nieuw fenomeen is het ook hier zeker niet: de man die decennialang leider was van Sint Maarten, wijlen Claude Wathey, werd al in de jaren negentig veroordeeld wegens meineed in een witwasonderzoek. Het eiland werd onder curatele gesteld – waarna alles weer van voren af aan begon.

Vrijdag

We laten niet meer los

In Nederland is het al vrijdag wanneer Rutte terugkijkt op de trip – al wachten hem nog tussenstops in Saba en St. Eustatius. Dat hij op Curaçao minder kritisch was dan op Sint Maarten, legt hij uit, heeft een objectieve reden: terwijl Curaçao het laatste jaar vorderingen maakt, blijven de problemen op Sint Maarten zich opstapelen. „Dit speelt al 25 jaar en moet echt uit de wereld. We laten niet meer los.”

Zijn positieve houding deze week had een functie, vertelt hij. Het is domweg de beste manier de eilanden vooruit te helpen. Maar laat niemand denken dat hij alleen beleefdheden uitwisselde. „We hebben achter de schermen echt hele stevige sessies gehad.”

Dat drie van de vier grootste eilanden enorme bestuurlijke problemen hebben, wijt hij niet aan de nieuwe staatsinrichting sinds 2010. Al is ambivalentie over de Nederlandse rol hem niet vreemd. „Ik heb binnenskamers ook gezegd: als we ooit nog praten over de staatsinrichting, dan alleen nog maar als jullie uit het koninkrijk willen.”

En, hoe reageerden ze? „Ze keken me verbaasd aan. Ik zei: als u eruit wil, en een meerderheid van uw bevolking steunt dat, dan is dat mogelijk. Dan belt u even en dan regelen we dat.”