Elegant snoepen

Thuiskok Marjoleine de Vos heeft een gezonde verhouding met tophapjes.

Vrouwen hebben bijna allemaal een verstoorde verhouding met eten, las ik laatst in Trouw, waar een moeder zich zorgen maakte dat ze haar eigen eetangsten en frustraties overbracht op haar nog jonge dochter.

Die mocht van haar best een ijsje eten: „eet maar lekker op”, zei ze dan. Maar: „dan gaan we wel straks even de heuvel oprennen”, zei ze er achteraan. Want het moet er ook meteen weer lekker af.

Daar hebben veel moeders last van, zei het artikel. Omdat vrouwen niet normaal eten. Omdat ze altijd denken aan wat het eten met hen ‘doet’. In ongunstige zin. Altijd in gedachten calorieën tellen.

Hoe spijtig. Plezier in eten wordt op die manier altijd een zondig plezier – men staat het zichzelf nu toe, even, maar straks moet daarvoor betaald worden met water en brood. Het gevolg is een obsessionele verhouding met eten, je ziet zoveel vrouwen (en sommige mannen ook) die hun ogen (en handen en vorken) niet van eten af kunnen houden, die geen hapje kunnen laten staan, voor wie er niets zit tussen diëten en vreten.

Jammer. Eten is het allerlekkerste als je trek hebt. En wie zich volpropt, is de trek al lang voorbij. Sterker nog, wie altijd denkt over of het wel ‘mag’, wéét niet eens meer of zij trek heeft. Die reageert onmiddellijk op de aanwezigheid van voedsel met lust en verwarring.

Het is gemakkelijker gezegd dan gedaan, maar het enige wat daartegen helpt is ermee ophouden. De weegschaal wegdoen. Niet steeds in de spiegel naar de buik/heupen/billen gaan staan staren met afkeurende oogjes. Een stel kleren kiezen dat goed zit en goed past, en dat als model aanhouden – pas ik nog in die broek? dan ben ik nog normaal. Trekt ’ie? dan ga ik de komende tijd niet snoepen.

Zo, dit was het ongezellige gedeelte. Nu gaan we het hebben over lekker snoepen. Want ik was laatst op een partijtje in een tuin met veel jonge vrouwen en wat ze dachten weet ik niet, maar ze aten allemaal van de overheerlijke hapjes.

Dat waren dan ook tophapjes, kan niet anders zeggen. En, daar spring ik meteen over op een ander stokpaardje: van echt lekker eten word je niet dik. Je wordt dik van vreten, van proppen, van drankjes met kilo’s verborgen suiker erin, van zakken chips, van eten als je geen trek hebt. Niet van iets eten met veel smaak. Daar eet je ook meestal niet zo onwijs veel van. Graaien komt niet voor bij elegante zeewiertoastjes met gemarineerde kabeljauw, om maar eens een voorbeeld te geven.

Vadouvan-mayonaise

Van een zomer stel je je graag voor dat die zich voor een belangrijk deel in de tuin afspeelt. Zelfs als de zomers al jarenlang weinig aanleiding geven tot deze voorstelling van zaken, stel je je nóg voor dat je met een koel glas witte wijn in de tuin zult zitten en dan iets kleurrijks en heerlijks zult serveren dan wel opeten. Serveren én opeten kan ook.

Laatst was dat dus zo. We waren te gast bij een verwoede kok, zo iemand die vooral gelukkig is als hij in de keuken mag staan neuriën terwijl hij vadouvan-mayonaise maakt, iemand die allerlei ingrediënten najaagt en vindt, en die niets liever doet dan zijn gasten verrassen met zelfbedachte hapjes. En ook deze keer waren zijn gasten weer zeer aangenaam verrast.

Onder meer dus door gambamousse in vadouvan-mayonaise. Vadouvan is al een jaar of twee zo’n typisch hip culiding, maar dit is nu eens werkelijk geurig en smakelijk. Het is een Indiaas currymengsel dat zowel als een dikke pasta, grof, verkocht wordt, als fijn, in poedervorm. Zoals gebruikelijk bij currymengsels staat niet helemaal vast wat erin zit of ‘hoort’ te zitten, maar eigenlijk altijd zit er gedroogde ui of sjalot en knoflook in, kerrieblad, fenegriek, kurkuma en mosterdzaad. Je kunt het krijgen bij speciaalzaken in oosterse waren, bij groothandels en via internet: bijvoorbeeld via vanillaventure.nl of salsamentum.nl of gekruid.com. Er wordt wel beweerd dat er in deze heerlijke smaak ook Franse invloed zit. Dat lijkt nauwelijks nodig, de Indiase keuken is zelf heel goed in staat om geurige specerijenmengsels voort te brengen. Vadouvan kun je bijvoorbeeld in de olie laten trekken en die olie dan gebruiken over of in iets – mayonaise dus, maar die olie kan ook op gekookte aardappeltjes gegoten worden, of een paar kruidige druppeltjes op een gewone omelet die dan ineens niet meer zo gewoon is. In stoofschotels is zo’n mengsel ook altijd prima, vooral lamsvlees houdt er wel van.

En, zoals nu bleek – garnalenmousse houdt er ook van. En al die vrouwen met eventuele verstoorde eetverhoudingen ook.

Omdat iedereen wel eens elegant en zomers wil zijn, heb ik de kok lief aangekeken en gevraagd of hij zijn creaties af wilde staan tot nut van het algemeen. Dat wilde hij wel. Maak dus deze hapjes, serveer ze aan iedereen en sla de vrouwen niet over: eetproblemen bestaan niet in dit verband.