Darmbacterie houdt soorten bronswesp apart

Bronswespen zijn parasitaire wespjes die hun eitjes in de poppen van vliegen leggen. Er was vrijdag groot evolutionair nieuws over het beestje. Met zijn kop, hier zo mooi afgebeeld met een elektronenmicroscoop, heeft het niets te maken. Het gaat om de miljarden bacteriën in zijn maag en darmen. Twee Amerikaanse biologen hebben aangetoond dat die bacteriën bij bronswespen een barrière tussen twee soorten kunnen vormen – en dat was bij nog geen enkel dier gezien (Science, 19 juli).Bronswespjes van verschillende soorten lijken makkelijk te kruisen. Met de eerste generatie hybride nakomelingen is er niets mis. Maar de mannetjes van de tweede generatie sterven al als larf. Wat was er aan de hand? De hybride larven die stierven, werden zwart en bruin, zagen de biologen – gezonde larven zijn licht gekleurd en deels doorzichtig. Binnen geleedpotigen duidt verduistering van het larvenlijfje op een strijd tussen het immuunsysteem en microben. Het tweetal vermoedde dat deze donkere larven problemen met hun darmflora hadden. Dat klopte, bleek toen ze de hybride larven kweekten op gesteriliseerde pulp van vliegenpoppen. In deze steriele situatie overleefden veel meer bastaardmannetjes. En als ze daarna besmet werden met darmbacteriën, stierven ze alsnog. De conclusie: als het genoom van de wesp niet goed op zijn darmflora is afgestemd, zoals bij een bastaardwespje dat twee verschillende wespensoorten als ouders heeft, sterft het beestje. Volgens de onderzoekers wordt het tijd om in te zien dat niet alleen genen, maar ook bacteriën een sleutelrol kunnen spelen bij soortvorming. Foto Robert Brucker