‘Als ik naar het casino ga, gaat hij in de pianobar zitten’

Ruben (67) en Sien van Leeuwen (71) zijn allebei met pensioen en gaan zo vaak mogelijk met vakantie. Het liefst maken ze een cruise. „Je verveelt je geen moment.”

Ruben: „Ik ga liever zes keer een week dan twee keer drie weken op vakantie.” Foto Christian van der Kooy

‘Je nergens druk om maken’

Ruben: „Ik heb in de reiswereld gewerkt en ben al verschrikkelijk lang cruisegek.”

Sien: „En ik nu dus ook, sinds we elkaar zes jaar geleden leerden kennen. Ik denk dat ik nu zo’n tien tot twaalf cruises heb gemaakt. Eerst leek het me helemaal niks. Dat komt doordat ik weleens zeeziek ben geweest op een zeiljacht.”

Ruben: „Het fijne aan cruisen is dat je je helemaal nergens druk over hoeft te maken. Je eten is geregeld, je hoeft geen hotel te zoeken, er is fantastisch goed entertainment. Een Frank Sinatra-show, een Michael Jackson-show, balletten met veren, alles in een zaal zo groot als Tuschinski. Een cruiseschip is gewoon een resort op zee. Ik heb al meer dan zeventig cruises gemaakt.”

Sien: „Je verveelt je geen moment. En je doet veel steden aan. Het enige nadeel is dat zo’n reis vaak te kort is, ik zou wel meer van die steden willen zien.”

‘Het lijkt op een stadje’

Ruben: „Je hebt geen idee dat je op een schip zit. Het lijkt meer op een stadje. Op sommige schepen is een hele winkelstraat ingericht, compleet met casino, maar daar hou ik niet van.”

Sien: „Ik wel, dan ga ik alleen, gaat hij een uurtje in de pianobar zitten.”

Ruben: „Meer dan 100 euro verliest ze nooit.”

Sien: „Maar ik kom ook wel eens met winst thuis.”

Ruben: „Op veel schepen is een putting green, dan golf ik een beetje.”

Sien: „Dan pak ik lekker een boekje. Wat we ook heel leuk vinden, zijn de officiële avonden. Dat zijn speciale diners waarvoor je je netjes moet kleden. Daar hoef je dus niet met sandalen te verschijnen.”

Ruben: „Dat heeft charme, vinden wij.”

Sien: „Wat ik ook heel fijn vind, zijn elke dag schone handdoeken. Lekker luxe.”

Ruben: „Alsof je in het Amstel Hotel zit.”

‘Niet meer alleen voor de rijken’

Ruben: „Het voordeel van een cruise is dat het relatief goedkoop is. Voor een paar honderd euro kun je een week cruisen, all-in, nou ja, op de drankjes na. Een cruise is al lang niet meer alleen voor de rijken.”

Sien: „Vorig jaar hebben we met familie en vrienden een zesdaagse cruise gemaakt door het Caribisch gebied. 600 euro per persoon. Een feest! Maar een cruise is geen uitrustvakantie, hoor.”

Ruben: „Nee, in een week doe je toch vier landen aan. Elke ochtend ligt er een krantje bij je deur met het programma. Je kunt sporten, dansles nemen, een workshop servetten vouwen volgen. En excursies maken aan de wal.”

‘Je hebt mensen die altijd dezelfde cruise boeken’

Sien: „Als Ruben een leuke aanbieding van een cruise ziet, stelt hij mij voor om die reis te maken. Hij regelt het allemaal. En ik vind het altijd leuk. Vooral als er uitstapjes zijn naar Rome of Athene ofzo. Ruben heeft nu voorgesteld om komende winter naar Dubai te gaan. Dat zou ik dolgraag eens zien. Het moet verschrikkelijk luxueus zijn.”

Ruben: „Je hebt mensen die altijd dezelfde cruise boeken.”

Sien: „Daar kan ik me dus niks bij voorstellen. Al hebben we wel tweemaal een fjordenreis gemaakt, omdat Ruben toen op het schip klanten moest begeleiden. Maar ik vond het qua sfeer verschrikkelijk. Stadjes met anderhalve souvenirwinkel vol trollen, geen leuke terrasjes.”

Ruben: „Maar we willen wel naar Alaska.”

Sien: „Ja, want daar heb je mooie natuur en dieren.”

Ruben: „Een heel bijzondere reis was een Indian Summer Cruise vanuit New York. Lekker met een glas champagne op ons balkon langs het Vrijheidsbeeld de stad uit varen.”

Sien: „Ik neem altijd mijn eigen muziek mee voor in de hut en toen heb ik ‘New York, New York’ opgezet van Frank Sinatra. Fantastisch!”

‘Ook lekker om thuis te zijn’

Ruben: „We zijn allebei met pensioen, dus we gaan zo vaak mogelijk met vakantie. Zo’n vijf of zes keer per jaar. We houden nooit heel lange vakanties, niet langer dan pakweg tweeënhalve week. Ik ga liever zes keer een week dan twee keer drie weken. Dan is het in één keer voorbij.”

Sien: „We gaan ook weleens een paar dagen naar een stad. En het is ook weer lekker om thuis te zijn.”

Ruben: „Een dagje met onze sloep naar IJmuiden vind ik ook leuk.”