Column

Margriet Oostveen Piëta

Het Syrische jongetje op de foto is een jaar of acht, negen en zijn arm druipt van het bloed. Schokkender nog is de manier waarop hij diagonaal in de armen van de oude man hangt. Hoofd en benen bungelend, zijn ogen draaien weg, dit kind raakt of is al buiten bewustzijn.

Een piëta. Oorlogsfotografen houden van piëta’s, composities zoals de gelijknamige schilderijen en beelden, waarop Christus namens onze zonden in de armen van Maria of wat engelen ligt. Oorlogsfoto’s als Michelangelo’s willen ze maken, van onder tot boven ingericht om je gemoed op volle kracht te treffen: ontferm u over deze mensen, ver van uw bed, in hun ingewikkelde, enge conflicten.

Een man draagt een gewond kind na een luchtaanval in Damascus en ja hoor: ik zie mijn zoon, die dit voorjaar even ernstig ziek was en er toen ook kort zo bij hing – maar dan zonder bloed natuurlijk, en in een voortreffelijk ziekenhuis. We waren net op tijd, zoals dat dan heet. Waarna artsen eufemistisch vaststellen dat je „geluk” hebt gehad. En over tot de orde van de dag.

Maar een paar maanden later kan geluk je dankzij één foto dus alsnog in het gezicht rammen: piëta geslaagd – zonder wat sentimentaliteit gaat het niet. Hoe zou het nu met dít jongetje zijn? Ik googlede modern-geëngageerd ‘Reuters Syria Damascus wounded child airstrike’. Tevergeefs, en bij nader inzien geen bijster goed idee:

Ik zag een huilend jongetje dat een rozenkrans in zijn vuistje klemt.

Mollige beentjes van een dode baby.

Een peuter die in verband al kijkt al als een oud mannetje.

Een meisje in een wit hemdje dat roze is van haar bloed. Om de horror te completeren maakt ze het V-teken, ongetwijfeld het idee van een volwassene.

Enzovoort.

En een huilend kind dat zijn armen boos in mijn richting strekt.

Onder de piëta in deze krant beschreef Carolien Roelants gisteren nog eens waarom de oorlog in Syrië langdurig en bloedig wordt: Assad wint terrein, de oppositie raakt nog verder gespleten, toegezegde westerse hulp is uitgesteld uit bezorgdheid over jihadisten – honderden Pakistaanse Talibaan zouden al naar Syrië zijn getrokken. Volgens de VN vluchten nu 6000 Syriërs per dag het land uit: ongekend sinds de genocide in Rwanda, waar we ons achteraf toch zo luidruchtig over opwonden.

Een Turkse hulporganisatie waarschuwt volgens de Volkskrant dat de altijd al magere hulp aan al die Syrische vluchtelingen intussen schrikbarend daalt: „Omdat we op vakantie gaan, terwijl er bloed vloeit.” De inzameling van de Samenwerkende Hulporganisaties voor Syrië eindigde hier reeds vorige maand op de pijnlijk lage som van 4,5 miljoen euro.

Help dit bedrag dus alsnog zo snel mogelijk omhoog.

Prettige vakantie.