Kremlin gokt op angst

Ambassadeur McFaul van de VS reageerde niet omfloerst op de veroordeling van de Russische opposant Aleksej Navalny. Een „politiek gemotiveerd” vonnis, liet de Amerikaanse gezant in Moskou weten. Zijn Nederlandse collega Ron Keller zocht zijn heil tussen de regels. „No comment”, schreef hij.

De toon van McFaul verdient de voorkeur. De tijd van subtiliteiten in Rusland is voorbij. De straf voor Navalny, die wordt beschuldigd 400.000 euro te hebben verdiend aan een houthandeltje in Kirov toen hij in 2009 adviseur van de gouverneur was, is geen incident.

Verschillende minder bekende of minder populaire opposanten zijn nu eveneens in afwachting van hun veroordeling. Ook politici van de zogeheten systeemoppositie, de partijen die wel tot de Doema zijn toegelaten, zijn niet veilig. De (ex-) Doema-leden Gennadi Goedkov en Ilja Ponomarjov ervaren dat.

De straf voor Navalny (5 jaar werkkamp) is de climax van een reeks politiek gemotiveerde strafprocessen tegen allerhande tegenstanders van het machtsapparaat dat Poetin afgelopen 13 jaar heeft opgebouwd. Zocht dit ‘systeem’ voor 2012 nog naar steun onder de gewone bevolking via een soort sociaal contract (autoritair bestuur in ruil voor materiële voorspoed), sinds het burgerprotest van vorig jaar wil het zich handhaven door angst te zaaien. Iedere Rus moet bang worden gemaakt dat het lot van Navalny hem ook kan treffen.

Vandaar dat een zangeres van de provocatieve punkers Pussy Riot, die nu twee jaar uitzit, onlangs in hechtenis door een cipier in elkaar is geslagen. Zelfs geboeid ben je niet veilig, is het signaal. Vandaar dat fiscaal jurist Sergej Magnitsky, vier jaar ná zijn (mogelijk gewelddadige) dood in een gevangeniscel, deze maand postuum is veroordeeld. Zelfs het laatste woord, ook in Rusland een verankerd recht, was Magnitsky niet gegund.

De vraag is of de angstzaaiers van het Kremlin handelen uit kracht of uit zwakte. Het antwoord is niet eenduidig. De repressieve organen hebben het initiatief. De huidige golf van politieke justitie tegen de oppositie is het werk van de nationale recherche, die alleen aan de president verantwoording aflegt. Maar zonder enige vorm van rekenschap jegens de burgers kan Poetins autoritaire systeem uiteindelijk geen stand houden.

Ook een leider die geen tegenspraak duldt, moeten lijnen naar zijn critici openhouden. Zeker in Rusland dat, door de economische recessie elders, zware tijden tegemoet gaat en het sociale ruilcontract dus wellicht moet herzien.

Angstcultuur werkt, zeker in een onzekere gemeenschap die doodsbang is voor schisma’s en zich daarom graag onderwerpt aan persoonlijk leiderschap. Maar angstcultuur werkt nooit eeuwig.