Het is benauwd in de showroom

In heel Europa gaat het niet goed met de verkoop van auto’s, maar toch valt de Hollandse misère wel op. Een ochtend bij de Renaultdealer.

Alleen op Cyprus gaat het slechter met de autoverkopen dan in Nederland. Foto Olivier Middendorp

Premier Mark Rutte wil graag dat de Nederlanders een nieuwe auto aanschaffen, zei hij afgelopen voorjaar. Bij de Renault-dealer in Rotterdam Charlois zijn er op deze drukkend warme ochtend zomaar twee burgers te vinden die gehoor willen geven aan de oproep van hun minister-president.

Zo is er een gepensioneerde docent milieurecht, die wat verlegen over zijn lange baard strijkt. Vanochtend heeft hij zijn auto langs-gebracht voor onderhoud. Nu staat hij al een tijdje te peinzen voor de zwart glimmende Renault Scénic in de showroom.

De gepensioneerde docent rijdt al vijfentwintig jaar Renault. En verkoper Wim Mannee kent zijn klanten. „We hebben ook gebruikte modellen”, zegt hij vlug. Hij overhandigt een A4’tje. „Deze 1,4 turbo bijvoorbeeld. Die heeft geen aandrijfriem, maar een ketting, die je niet hoeft te vervangen na 120.000 kilometer. Hij is een stuk zuiniger. Maar met veel trekkracht bij een laag toerental.”

„Zitten er ook parkeersensoren op”, vraagt de gepensioneerde docent aarzelend. Zijn vrouw doet haar Twingo de deur uit, maar heeft weinig vertrouwen in de oude Scénic van haar man. Nu zoekt hij een nieuwe tweedehands – het liefst tegen een beetje een schappelijke prijs.

Wim Mannee tuurt op zijn computerscherm. „Deze hier... maar die staat in Tiel. Wilt u koffie?” De docent schudt vriendelijk het hoofd: hij komt nog wel een keertje terug.

Het gaat niet goed met de autoverkoop in Nederland. Of beter gezegd: het gaat beroerd. In de afgelopen maand, zo maakte de Europese branchevereniging van autoverkopers Acea bekend, werden er slechts 35.285 auto’s verkocht – ruim 53 procent minder dan in de maand juni van vorig jaar.

Toegegeven: in juni 2012 werden er relatief veel auto’s verkocht omdat er op 1 juli 2012 strengere milieuregels van kracht werden en veel voertuigen ineens niet meer in het aantrekkelijke tarief van 14 procent bijtelling vielen. Toch valt de Hollandse automisère op in Europa: in de eerste zes maanden van dit jaar werden er in Nederland 211.910 auto’s afgezet – 36 procent minder dan in de eerste helft van 2012. Alleen op Cyprus ging het slechter.

Ook bij Renault in Charlois merken ze de teruggang, vertelt verkoper Wim Mannee. Maar relatief, zo zegt de verkoper, valt het bij Renault allemaal nogal mee. De nieuwe Renault Mégane was in 2012 de bestverkochte auto in Nederland. In Frankrijk is er een speciale productielijn opgezet om te kunnen voldoen aan de strenge Nederlandse norm van 88 gram CO2 per kilometer. Ook voor 2013 heeft Renault daarom een Mégane Estate in het zo begeerde lage fiscale tarief van 14 procent.

Dat trekt nieuwe klanten. Zelfs bestuurders van de succesvolle Duitse merken. Ga maar na, zegt verkoper Mannee. Neem een Audi A4 – cataloguswaarde rond de 40.000 euro – met een bijtelling van 20 of 25 procent.

Of neem een „geheel complete” Mégane van 30.000 euro met een lage bijtelling. Zo’n Audi kost een leaserijder toch al snel 400 euro per maand. „En een Mégane kost je netto 150 euro. Terwijl het net zo’n goede auto is.”

De ogen van Mannee beginnen nu zachtjes te glimmen. „We krijgen hier genoeg Audi-rijders binnen. Na de proefrit zijn ze toch aangenaam verrast. Laatst kwam hier iemand die een Volvo V70 had. Die was ook heel tevreden.”

Voor Ben Hosman, kunstenaar en atelierhouder in ruste, is de merkdiscussie niet aan de orde. Hosman heeft in zijn leven een „aantal misstappen” gemaakt op autogebied. Zoals met die Ford Transit, die hij voor zijn atelier had aangeschaft. Om de 8.000 kilometer knapte er een dieselleiding. „En dat viel volgens Ford niet onder de garantie.”

Het is benauwd in de showroom, er parelen kleine zweetdruppeltjes tussen Hosmans witte piekhaar. Maar de kunstenaar is strijdbaar. Nog geen jaar geleden heeft hij een Renault Twingo aangeschaft. Die keuze was vooral ingegeven door de gunstige fiscale voorwaarde die toen golden: 0 procent BPM en geen wegenbelasting. Maar die regeling loopt volgend jaar af, dan moet Ben Hosman ineens veel extra geld gaan neertellen voor zijn kleine Twingo.

„Dat hebben wij altijd tegen je gezegd”, zegt verkoper Mannee. Hosman rekent het zijn dealer niet aan. Op de tafel ligt een folder van de nieuwe Renault Captur, met een instap die minstens 15 centimeter hoger is dan de Twingo. Hosman rijdt een paar keer per jaar naar zijn atelier in Hongarije. „En dan willen we ook een beetje comfort.”