Bijzonder onderwijs moet ook bijzonder zijn

Verruiming van de onderwijsvrijheid is een goede zaak, maar voorkom dat de signatuur een dekmantel wordt, betoogt Bas Levering.

De opvattingen van staatssecretaris Dekker (Onderwijs, VVD) over de vrijheid van onderwijs blijken in het verlengde te liggen van wat de Onderwijsraad voorstelde. Hij liet de Kamer weten dat artikel 23, het recht scholen te stichten, wat hem betreft niet afgeschaft wordt, maar wel ruimer geïnterpreteerd.

Nu religie in de samenleving niet meer zo’n belangrijke rol speelt, moet de levensovertuiging van de ouders niet langer bepalend zijn voor de stichting van een nieuwe school, vindt hij. Nieuwe scholen stichten moet wat hem betreft ook mogelijk worden op grond van een bepaalde onderwijsfilosofie. Een goed idee zou je zeggen, maar daarmee blijft de pijnlijk scheve verdeling, die in de afgelopen halve eeuw is ontstaan, gewoon gehandhaafd.

Het geloof speelt niet alleen in de samenleving als geheel een minder belangrijke rol, dat is ook het geval binnen de scholen die zich uitdrukkelijk sieren met het predicaat ‘katholiek’ of ‘protestants-christelijk’. Dat ligt voor de hand, want op die scholen zitten nauwelijks nog ‘katholieke’ en ‘protestants-christelijke’ kinderen. Alleen in orthodox-protestantse kring heeft de religieuze identiteit van de school echt betekenis voor de inhoud en vormgeving van het onderwijs. Dekker haast zich om te zeggen dat het recht om een school te stichten op grond van een religieuze overtuiging blijft bestaan.

Dat Dekker het advies van de Onderwijsraad zo nauwgezet volgt is begrijpelijk. Er is geen adviesorgaan van de regering dat zo verpolitiekt is als de Onderwijsraad. Positiever geformuleerd: bij de adviezen staat de politieke haalbaarheid zo voorop dat je je als bewindspersoon aan het opvolgen ervan nooit een buil kunt vallen. En toch is het vreemd, want juist de politieke situatie is nu een andere dan ten tijde van het uitkomen van het rapport vorig jaar. Toen zat het CDA nog in de regering, nu ligt er een onderwerp op tafel waarover VVD en PvdA het gewoon eens kunnen zijn.

Als ik lees aan welke onderwijsfilosofieën Dekker denkt bij de verruiming van artikel 23 kan ik niet echt enthousiast worden. Hij denkt aan scholen met extra aandacht voor excellentie of ict, maar aan dergelijke scholen lijkt me helemaal geen gebrek te bestaan. En als er al dergelijke scholen worden opgericht, omdat ouders daar behoefte aan hebben, zullen die scholen toch meer te bieden moeten hebben dan extra aandacht voor excellentie of ict.

Sinds 2005 moeten alle scholen voor basis- en voortgezet onderwijs aandacht besteden aan burgerschapsvorming. Die betrekkelijk beperkte invulling van de persoonlijke vorming, die elke school moest gaan bieden, werd in orthodox-protestantse hoek al ervaren als een inbreuk op de vrijheid van onderwijs.

Ik heb juist de neiging om hogere eisen te willen stellen aan wat scholen met een bepaalde overtuiging aan persoonlijke vorming doen. Ze mogen niet zomaar als school toegelaten worden.

De overheid treedt niet per se in de verantwoordelijkheid van de ouders, tast de vrijheid van onderwijs niet aan, als zij hier om een gedegen verantwoording vraagt. Die controle kan heel goed worden ingesteld naast de controle op de onderwijskwaliteit die de Onderwijsraad voor toelating wel wil uitvoeren.

Wat mij betreft wordt de volkomen verouderde religieuze wortel helemaal uit het recht om scholen te stichten getrokken. Er zou in dit land veel ellende voorkomen zijn als voorstellen voor het oprichten van een islamitische school vanaf de jaren zeventig niet zomaar waren goedgekeurd, maar als moderne onderwijsfilosofie verantwoord hadden moeten worden.

Nu Dekker blijkbaar, net als de Onderwijsraad, niet verder wil gaan dan een verruiming van de stichtingsgrond, moet die wel als de wiedeweerga worden doorgevoerd.

Dat had veel eerder gekund en gemoeten. Vorig jaar nog kon in Friesland het predikaat ‘katholiek’ succesvol als dekmantel worden gebruikt, uitsluitend omdat er in een bepaalde regio nog geen katholieke school was. Dat de hele wereld wist dat er geen behoefte aan een school van die signatuur was, was onvoldoende grond om de oprichting van de school te blokkeren. Haagse politici en de Onderwijsraad houd ik persoonlijk verantwoordelijk voor het jarenlang onnodig laten voortbestaan van dergelijke misstanden.

Bas Levering is emeritus-lector algemene pedagogiek.