Dierproeven ondermaats

Experimentele medicijnen tegen alzheimer, multipele sclerose, de ziekte van Parkinson en andere hersenziekten boekten de laatste decennia teleurstellende resultaten bij de eerste experimenten in mensen. Deels komt dat doordat de uitslagen van voorafgaande dierproeven veel te positief zijn voorgesteld.

Dat schrijven epidemiologen van drie continenten, onder leiding van John Ioannidis in een gisteren gepubliceerd artikel in PLOS Biology. Ioannidis is een bekend criticus van de publicatiegewoonten van medische onderzoekers. Resultaten die ongunstig zijn voor een nieuw medicijn publiceren ze vaak niet. Door die vertekening (bias) ‘doet’ een medicijn het in de wetenschappelijke literatuur vaak veel beter dan in de praktijk. De laatste jaren zijn er statistische technieken ontwikkeld om die publicatiebias aan te tonen.

Ioannidis en zijn mede-auteurs richten hun pijlen nu op dierproeven. Medisch-ethische commissies kijken naar dierproeven voordat ze toestemming geven voor proeven bij mensen.

Er zijn relatief veel te veel dierproeven met statistisch significante positieve resultaten gepubliceerd, vond Ioannidis na het uitpluizen van 160 meta-analyses van behandelingen van in totaal 4.445 dierexperimenten. De negatieve uitslagen ontbreken dus, schrijft hij, waardoor mensen onnodig aan risico’s zijn blootgesteld bij klinische experimenten.