Spiegel vreesde voor ontvoering

Op 14 maart 2013 schreef Judith Spiegel een column in NRC Handelsblad over haar angst ontvoerd te worden in Jemen:

Ik vraag de Jemenitische en de Oostenrijkse regering en de Europese Unie om hun te geven wat ze willen, anders zullen ze me over zeven dagen doden.” De video waarin Dominik Neubauer dit zegt dateert van 21 februari, en of hij nu nog leeft weet niemand. De video bezorgt me onrustige nachten. Gaan de ontvoeringen in Jemen inderdaad deze kant op?

Tot voor kort waren ontvoeringen tamelijk onschuldige incidenten waarbij stammen buitenlanders ontvoerden omdat ze iets van de regering wilden loskrijgen. Dat duurde een paar weken en de gijzelaar werd goed verzorgd. Vorig jaar nog werd een Noor ontvoerd die na een week of twee vrij kwam met een lijstje telefoonnummers, voor als hij nog eens langs wilde komen.

Die tijd lijkt voorbij, de regering betaalt de stammen niet meer dus die zouden een andere inkomstenbron hebben gevonden: het doorverkopen van gijzelaars aan Al-Qaeda. Ik word onrustig van het idee maandenlang bij deze extremisten te moeten doorbrengen en ik wil niet, net als Dominik, met een kalasjnikov tegen mijn hoofd in een filmpje verschijnen. Ik wil ook niet de oorzaak zijn van een duivels dilemma. Moet een regering betalen en zo de kidnapindustrie stimuleren? Heeft diezelfde regering niet tegen mensen als Dominik en mij gezegd dat we niet naar Jemen moeten reizen?

Dominik kwam om Arabisch te leren. Een paar weken voordat hij ontvoerd werd, eind vorig jaar, dronk ik nog een biertje met hem in een duistere kroeg in Aden. De volgende dag hing hij voor pampus aan het zwembad, bladerend door Time Magazine. Hij zou nog een paar dagen blijven en dan beginnen aan een nieuwe baan voor de EU in Ramallah.

Als ik ’s nachts wakker lig, realiseer ik me ook dat ik nergens veilig ben in dit land. Niet meer in de stad, niet meer in mijn straat. Ik loop spiedend rond, oplettend of er geen auto met vreemde types voor de deur staat. Wat ook niet helpt, is dat er maar weinig buitenlanders vrij rondlopen. Wie voor een internationaal bedrijf of organisatie werkt, wordt dag en nacht bewaakt en rondgereden. Ik ga met de bus en naar de markt, een makkelijke prooi. Ik overweeg een gezichtssluier te gaan dragen, maar verwerp het idee. Ze zien toch wel dat ik een buitenlander ben en ik heb eerlijk gezegd ook geen zin in die warme zwarte jurk. Maar ik loop ’s avonds niet meer over straat en bedenk me telkens wat ik zal doen als ze me een auto in willen sleuren.

Schelden en trappen schijnt goed te werken, als vrouw. Een Zwitserse heeft ontvoerders zo een paar weken geleden van het lijf weten te houden. De mannen waren zo geschokt door een schreeuwende, spartelende vrouw dat ze haar lieten gaan. Ik bedenk me ook dat ik weer zou gaan roken als ik maandenlang bij die ontvoerders zit. En zo woel ik de nachten na de video door. Mijn Jemenitische vrienden zeggen dat ik niet ontvoerd zal worden, ik ben een van hen. Dat is aardig. Ik hoop maar dat de ontvoerders dat ook zo zien.