Israël beschuldigt EU van racisme wegens richtlijnen om bezet gebied

Israël heeft gisteren furieus gereageerd op nieuwe richtlijnen van de Europese Unie voor de toekenning van gelden aan Israëlische instellingen. Vanaf volgend jaar moet in elke financiële overeenkomst tussen de EU en een Israëlische ontvanger staan dat de laatste zijn activiteiten niet uitvoert in de nederzettingen in de bezette gebieden, die illegaal zijn volgens internationaal recht.

„Deze beslissing is bezoedeld door racisme en discriminatie tegen het joodse volk en doet denken aan het bannen van joden in Europa ruim 66 jaar geleden”, zei minister van Huisvesting Uri Ariel, die zelf in een nederzetting woont. Premier Benjamin Netanyahu zei dat hij „zou verwachten dat zij die vrede en regionale stabiliteit willen zien, dit onderwerp pas behandelen nadat ze een aantal belangrijker zaken in de regio hebben afgehandeld, zoals de Syrische burgeroorlog of het Iraanse kernwapenprogramma”.

Ook zei de premier dat hij „geen orders van buitenaf over onze grenzen accepteert”. En: „Ik zal niet toestaan dat de honderdduizenden Israëliërs die in Judea en Samaria [de Bijbelse namen van de bezette Westelijke Jordaanoever], de Golan Hoogvlakte en Jeruzalem wonen, worden geschaad”.

Palestijnse autoriteiten reageerden zeer tevreden. „Dit is het begin van een tijdperk”, zei de Palestijnse politica Hanan Ashrawi. „Israël moet goed luisteren en begrijpen dat deze bezetting niet kan voortduren zonder enige vorm van aansprakelijkheid.”

In de praktijk zullen de richtlijnen weinig veranderen. De EU stelt al lang dat de nederzettingen illegaal zijn en probeert al langer te voorkomen dat daar Europees geld terecht komt. De richtlijnen zijn ook niet meer dan een ambtelijke uitwerking van uitspraken na een raad van Europese ministers van Buitenlandse Zaken, zeven maanden geleden.

De richtlijnen gelden bovendien niet voor financiële afspraken tussen afzonderlijke EU-lidstaten en Israël of voor natuurlijke personen (kolonisten) of nationale regeringsinstellingen. Zo valt het Israëlische ministerie van Justitie, dat in geannexeerd Oost-Jeruzalem ligt, er niet onder .

Wel bijzonder is dat Europese uitspraken met betrekking tot Israël daadwerkelijk worden geïmplementeerd. Zo kondigde de Europese ministers ruim een jaar geleden richtlijnen aan om te voorkomen dat handelswaar uit de illegale nederzettingen het predicaat ‘Made in Israel’ draagt. Die zijn er nog niet.