Corruptie in China reikt verder dan GlaxoSmithKline

GlaxoSmithKline (GSK) heeft een probleem in China. En de Chinese autoriteiten hebben een probleem dat veel verder reikt dan het Britse farmacieconcern alleen.

De problemen rond GSK klinken bekend in de oren. Net als de Amerikaanse branchegenoten Pfizer en Johnson & Johnson heeft GSK schikkingen getroffen in Amerikaanse corruptiezaken. Het is voor deze producenten van geneesmiddelen met hoge marges zo nu en dan gewoon té makkelijk om een deel van de omzet te delen met de artsen die recepten uitschrijven.

De producent, de arts en de (niet-betalende) patiënt zijn er allemaal blij mee. Degenen die feitelijk betalen voor deze gunsten kunnen vaak niets anders doen dan uiting geven aan hun verontwaardiging. In China zijn dat meestal de patiënten.

De Chinese autoriteiten zijn nu een stap verder gegaan. Het ministerie van Openbare Veiligheid beschuldigt GSK ervan 3 miljard yuan (375 miljoen euro) aan smeergeld aan ruim zevenhonderd reisbureau’s en adviesbureaus te hebben betaald.

Het doel was het vergroten van het aandeel op een farmaceutische markt die vorig jaar een omvang had van 181 miljard dollar. Het concern zegt dergelijke activiteiten onder geen beding te dulden en heeft de relaties verbroken met de agentschappen die van vals spel worden verdacht.

GSK zal zijn werknemers en vertegenwoordigers in China misschien kunnen disciplineren. Maar dit soort anticorruptiecampagnes – vervolging in samenhang met publiciteit – zal niet volstaan om een einde te maken aan de problemen van deze sector.

Het zal lastig zijn de Chinese markt voor geneesmiddelen te saneren. Om te beginnen is het landsbestuur min of meer verslaafd aan smeergeld. En de Chinese artsen, die onderbetaald worden in vergelijking met even goede professionals in andere sectoren, beschouwen de vrijgevigheid van de medicijnenproducenten doorgaans als een verdiende bonus. Zonder enig gevoel van schaamte zal de nationale voorliefde om te frauderen het waarschijnlijk winnen van vroom geformuleerde bedrijfsmissies.

En dan zijn er nog de patiënten, die de binnenlandse producten met recht wantrouwen. Er zijn talloze schandalen geweest rond nepmedicijnen. Wegens een van die affaires werd de voornaamste toezichthouder op de farmaciesector in 2007 nog geëxecuteerd.

Uiteindelijk is er een grote hoeveelheid eerlijke en competente bureaucraten voor nodig om te waken over een sector met zo’n hardnekkig probleem. Dergelijke mensen zijn er in China niet zo veel. Als de regering meer dan louter krantenkoppen uit deze campagne wil halen, zal zij tijd en geld moeten steken in het creëren van sterke toezichthouders.

Breakingviews is een dagelijks commentaar vanuit de City in Londen. Vertaling door Menno Grootveld.