Boogerds deskundige blik in het koffiedik

Michael Boogerd mogen wij beschouwen als een deskundige in diverse, zeg maar uiteenlopende aspecten van de wielersport. Vorige maand verscheen het boek Handboek Tour de France 2013. Daarin sprak Boogerd via de pen van NRC-journalist Maarten Scholten. De oud-renner van Rabobank, tevens voormalig en indertijd nuttig co-analist van de NOS-televisie tijdens bergetappes, gaf in het boek zijn verwachtingen voor deze Tour. Zijn voorspellingen werden gepresenteerd als ‘Boogerds blik’.

Nog vier dagen en deze enerverende Ronde van Frankrijk is voorbij. Dat is een mooi moment om Boogies prognoses te toetsen aan de gerealiseerde werkelijkheid.

Om met de deur in huis te vallen: ruim voor de start van deze Tour omschreef Boogerd Christopher Froome als „een grote kanshebber voor de zege”. Oké, hij was lang de enige niet. Maar benieuwd was Boogerd ook naar de vraag „hoe deze jongen omgaat met alle drukte om zich heen”. Nu weten we: heel goed, tot de duizendste vraag over doping hem even te veel werd. Ook voorspelde Boogerd over de „jonge jongen” Froome: „Als hij in het geel komt [..] zal hij van alle kanten worden geattaqueerd.” Mmm. Dat valt wat tegen. Ja, in die ene waaieretappe, en af en toe doet Contador iets kansloos in de bergen. Maar van alle kanten?

Bij Bauke Mollema zag Boogerd er „een wat andere kop” op zitten dan bij Robert Gesink, en dat bedoelde hij positief. Maar Mollema leek hem toch meer geschikt voor het bergklassement. Al noemde hij vooral de Italiaan Nibali als kandidaat voor de bolletjestrui. Nou. Ja.

Inmiddels beleven we dus die Mollemania in Nederland.

Robert Gesink dichtte hij de kwaliteit toe dat hij drie weken kan rijden „zonder naar de kloten te gaan”. Een klassieke Boogerdterm. Een toptienklassering was voor Gesink „zeker reëel”. Wat Boogerd toen niet wist: Gesink is deze Tour dienstbaar aan anderen, zoals gisteren, toen Laurens ten Dam haperde. Over Ten Dam, zijn vroegere knecht, meende Boogerd: „Als je in de Vuelta een goed klassement kunt rijden, moet je in de Tour ook iets kunnen laten zien.” Het moest dus mogelijk zijn dat Ten Dam zijn 22ste plaats uit 2008 zou verbeteren. Inderdaad.

Michael Boogerd meende dat sprinter Theo Bos zeker door Belkin naar de Tour had moeten worden meegenomen. „Als alles klopt, kan hij Greipel, Kittel en Cavendish verslaan.” Het mocht er niet van komen, en is het geen erg boude bewering?

Weinig opzienbarend, maar daarom niet minder juist was Boogerds stelling dat Peter Sagan de grootste kanshebber op de groene trui zou zijn. Ook dacht hij dat Cavendish en Greipel „de snelste sprinters” zijn. Dat heeft Kittel gelogenstraft. Maar de kenner in Boogerd zag wel in de Colombiaan Nairo Quintana iemand die voor de bergtrui kon gaan: hij viel hem vorig jaar al op. Dat zag hij dus heel goed, zoals tot nu toe in de bergen blijkt.

Wat er morgen gebeurt in de achttiende etappe, met tweemaal Alpe d’Huez? Echt zo’n rit waar Contador en zijn ploegleider Riis „wel een plan voor zullen hebben”, meende Boogerd. „Contador blijft voor mij een van de grote favorieten in elke ronde waarin hij start”, stelde hij ook.

Wat zullen we nu uit al deze prognoses concluderen? Niets. Iemand die in een Tourtoto voorspelt dat Alexandre Geniez de witte trui zal winnen, verspeelt zijn recht om te oordelen.