Grootogige meisjes en de strijd tegen het kwaad

Beeldende kunst

The world of manga. Wereldmuseum, Rotterdam. T/m 12/1/14. Inl: wereldmuseum.nl ****

Het dondert en het waait aan de ingang van wat volgens de catalogus van het Wereldmuseum niet zozeer een mangatentoonstelling is, maar eerder een mangashow. Antieke Japanse beelden van de god van de donder en de god van de wind zijn door curator Bas Verberk – niet vies van een krachtig effect – voorzien van een passende beeldachtergrond en soundtrack. Het is aanvankelijk een angstaanjagend universum waarin de bezoeker wordt meegetrokken.

Met prachtige, suggestief in scène gezette sculpturen van tempelwachters, menseneters en andere griezels uit de Japanse iconografie wordt duidelijk gemaakt dat de vaak heftige en gewelddadige mangastrips van nu teruggrijpen op een oudere Japanse beeldtraditie, niet alleen in hun angstaanjagendheid, maar ook in hun religieus bepaalde moralisme. Waar manga is, ligt de strijd tussen goed en kwaad vaak om de hoek.

Dat geldt ook voor het subgenre van de ‘mecha manga’, waarin vaak reusachtige en barok vormgegeven robots de strijd tegen het kwaad aangaan. De ‘mecha manga’ ontstond na 1945, als reactie onder jonge tekenaars op de nachtmerrie van de door Japan verloren oorlog. Het museum verbindt het ontstaan van dit genre met een aantal spectaculaire werken van Shinkichi Tajiri, de van oorsprong Japanse Cobra-kunstenaar die in 2009 als Nederlander overleed. Vier kunststoffen sculpturen van ‘Ronin’, mechanische samoeraikrijgers en een aantal uit blik en plastic opgetrokken fantasiemachines, alle uit de jaren zestig, vormen een hoogtepunt van de tentoonstelling.

Recht wordt gedaan aan de invloed van manga op computerspelen en Japanse animatiefilms. Vaak is de historische context verrassend, zoals bij de uitwijding over de fascinatie van Japanse illustratoren in de Negentiende eeuw voor tatoeage.

Maar niet alle zalen gaan op aan beeldarcheologie. De expositie eindigt met een keuze uit hedendaagse tekeningen, zoals de overvolle, met grootogige meisjes bevolkte taferelen van Fuzichoco, wiens effecten soms aan de Nederlandse tekenaar Esscher doen denken. En er zijn interessante, gemanipuleerde foto’s in mangastijl van Anderson & Low.

In dit deel van de tentoonstelling valt wel op hoezeer er gefocust wordt op de esthetische, artistieke manga, die aangenaam is om naar te kijken, zeker als hij zo mooi en groot wordt afgedrukt. De mangastrips in de vorm van goedkope boekjes om in de Japanse metro te lezen, blijven verborgen. Ook de erotische manga – zeker niet het minst bekende subgenre van deze kunstvorm – ontbreekt in Rotterdam. Het is een erg leuke expositie, voor alle leeftijden.