Column

Een sneeuwbal in Winschoten

Het is veel te lekker weer voor revoluties, maar deze zaterdag werd in Oost-Groningse Winschoten toch een poging gedaan. De Verenigde Communistische Partij had er d’Olle Witte bezet, de toren. Aan de trans hing de hele dag een spandoek: ‘Basta! Rutte 2 rot op!’.

Nieuwsgierig naar de communisten bracht ik een bezoek aan het partijkantoor.

De VCP is een splinterpartij met alleen in Oldambt raadszetels. Er zijn nieuwe afdelingen in oprichting: Pekela, Nijmegen. In het verkiezingsprogram staan citaten van Marx, Lenin, Gandhi en van de dichter Bertolt Brecht. Het is, staat er, ‘geen nostalgische partij’.

Het kantoor zit in een zolderruimte. Er hangen vlaggen van Cuba, Che Guevara en de partij zelf (rode ster met gele rand). Vanuit het raam kun je d’Olle Witte zien. In de vensterbank staat een kleine Lenin. Ik tref er Engel Modderman, fractievoorzitter; Elsa Kamminga, secretaris; Peter van Dijk, raadscommissielid. Ze roken alle drie shag.

Waarom protesteerden ze juist in Winschoten tegen Rutte II? Ze leggen uit: landelijk beleid zorgt lokaal voor problemen; op het spreekuur dat ze hier houden voor iedereen die in problemen zit, wordt het steeds drukker.

Met acht mensen beklommen ze de toren, die wordt beheerd door de VVV. „Het was vrij simpel”, zegt Engel. „Je betaalt een euro en gaat naar boven. Maar ze wisten natuurlijk niet wat we allemaal meegenomen hadden.” (te weten: touw, spandoek, partijvlag). De VVV belde de politie, maar die kwam pas om kwart over drie, en gedoogde alles. Elsa bleef op de grond. Ze kocht kroketten voor de actievoerders, die via het touw omhoog gingen. Zo werd er van elf uur ’s ochtends tot vier uur ’s middags gedemonstreerd.

Voor degenen die niet meer naar de dokter gaan bij gebrek aan geld voor de eigen bijdrage.

Voor wie ontslagen is en nu verplicht, tegen bijstandsvergoeding, zijn oude werk moet doen.

Voor de vrouw van 70 die geen traplift kreeg, omdat ze te oud zou zijn.

Tegen betaald parkeren in Oldambt.

Bij hun benedenkomst applaudisseerde het winkelend publiek. Na afloop hadden ze er drie nieuwe leden bij.

Communisten waren het, maar het leken me prettige communisten; in ieder geval waren ze goedlachs. En die kleine Lenin dan? En de vlaggen? Die waren slechts „symbolisch”, dat gedachtegoed moest je vertalen; het belangrijkste was dat je iets deed voor de mensen hier; en dat je niet laks werd.

„Iedereen zit te kankeren op het kabinet”, zei Engel ook nog, „maar ze komen niet achter Facebook en Twitter vandaan. Wij zijn in die toren geklommen in de hoop een sneeuwbaleffect teweeg te brengen.”

Als deze zomer alsnog de opstand komt, zal die beginnen in Winschoten.