Lokale cadeaus Frans parlement

Een Franse docent wist openbaar te krijgen dat parlementariërs in hun eigen districten wegen en feestzalen financieren.

Franse parlementariërs subsidieerden in 2011 op persoonlijke titel 905 kerken, 224 feestzalen en tientallen tractoren en grasmaaiers tot in de verste uithoeken van het land. Dat blijkt uit een overzicht van de zogenoemde ‘réserve parlementaire’, een omstreden potje waarvan volksvertegenwoordigers het geld naar eigen inzicht kunnen besteden.

Na een slepende juridische procedure maakte het ministerie van Binnenlandse Zaken het subsidieoverzicht afgelopen week voor het eerst openbaar. Twee jaar lang had een burger, de wiskundedocent Hervé Lebreton, geprobeerd het document in handen te krijgen „om te bewijzen dat iedereen in een democratie zijn invloed kan aanwenden”, zegt hij in het dagblad Libération.

Leden van de Assemblée Nationale, de Senaat en het kabinet mochten in 2011 totaal 153,5 miljoen euro verdelen, zo blijkt nu. Doordat de voorzitter van de begrotingscommissie van het parlement over de toekenning van de bedragen per afgevaardigde besliste, profiteerden leden van de grootste partij (toen de centrum-rechtse UMP van oud-president Sarkozy) het meest.

Het systeem bestaat nog steeds, maar parlementsvoorzitter Claude Bartolone heeft het iets transparanter gemaakt. Iedere afgevaardigde krijgt jaarlijks een enveloppe van 130.000 euro. Hij of zij moet openbaar maken waar het geld heen gaat. De Assemblée zal de uitgaven voortaan openbaar maken, maar de Senaat weigert daaraan mee te werken.

Uit het subsidieoverzicht van 2011 blijkt dat parlementariërs het geld liefst dicht bij huis uitgaven, in hun eigen kiesdistrict of in hun eigen gemeente. UMP-afgevaardigde Gilles Carrez gaf in totaal 3,8 miljoen euro uit aan onder andere parkeerplaatsen en wegen voor het stadje Perreux-sur-Marne, waar hij zelf burgemeester is. Huidig president François Hollande regelde als ‘député-maire’ (afgevaardigde en burgemeester) 20.000 euro voor nieuwe openbare toiletten in zijn eigen gemeente Tulle.

Lebreton wil dat aan de regeling een eind komt. „Het is duidelijk dat je meer subsidie krijgt als je iemand in de macht kent”. En dat is „niet republikeins”, Franse codetaal om te zeggen dat iets ondemocratisch is.

Toenmalig senaatsvoorzitter Gérard Lacher liet overal in Frankrijk projecten subsidiëren in gemeenten waar burgemeesters van zijn politieke kleur deelnamen aan de volgende parlementsverkiezingen.