Het kolonialisme is voorbij, nu geld verdienen

Premier Rutte begon gisteren een handelsreis langs de Antillen. Het bedrijfsleven is mee. IHC maakt al kans op een grote scheepsbouworder.

Drie weken geleden voelde hij zich er nog „ingeluisd’’ door het kabinet, deze week hopt hij met premier Rutte van eiland naar eiland om zaken te doen in Caraïbisch Nederland: Hans Biesheuvel van MKB-Nederland is een van de leden van de handelsdelegatie waarmee de minister-president deze week de nieuwe relatie met de Antillen hoopt te markeren.

„We zijn het niet altijd eens, maar we staan voor dezelfde zaak’’, zegt Biesheuvel zondag. Het midden- en kleinbedrijf is ongelukkig over de lastenverzwaringen van de kabinetten-Rutte, zegt hij, maar deze week blijkt dus dat het contact met de premier daar allerminst onder lijdt. De polder blijft de polder. „Mijn leden zijn kritisch, dus soms moet ik van me afbijten’’, zegt Biesheuvel. „Maar de grote lijn blijft dat we veel voor elkaar kunnen betekenen.”

Biesheuvel is erbij omdat Rutte er welbewust voor heeft gekozen zijn eerste premierbezoek aan de Nederlandse Caraïben in het teken van de economische verhoudingen te stellen. „We gaan een nieuwe fase in”, zegt de premier zondag.

Sinds Curaçao en Sint Maarten op 10 oktober 2010 net als Aruba zelfstandige landen binnen het koninkrijk werden (en de andere drie eilanden gemeenten), streeft Nederland een minder paternalistische relatie na. De Nederlandse beurs blijft voortaan gesloten, benadrukt Rutte.

„We hebben onze economische betrekkingen altijd als probleem gedefinieerd’’, zegt Rutte. „We gaan nu uit van zelfstandige landen die bekijken wat ze voor elkaar kunnen betekenen. Het kolonialisme is weg.”

Het is volgens Rutte toeval dat zijn trip – hij doet deze week alle zes eilanden aan – begint op Aruba. „Het vliegtuig landde hier als eerste”, lacht hij. Maar feit is dat Aruba, dat al sinds 1986 een ‘status aparte’ genoot, er economisch en politiek het beste voorstaat. Waar Curaçao en Sint Maarten tobben met de vermeende inmenging van misdaad in het bestuur, bleef Aruba daar onder premier Mike Eman de laatste tijd van gevrijwaard. In zijn partij, de AVP, verwacht men dat Eman de verkiezingen in september glansrijk zal winnen.

Eman wist Haagse politici en ondernemers ervan te overtuigen dat Aruba een hub tussen Nederland en Latijns-Amerika moet worden. Schiphol heeft daar volgens Aruba al profijt van. Biesheuvel zegt dat het eerder dit jaar aan de Arubaanse premier was te danken dat scheepsbouwer IHC Caland een voet tussen de deur kreeg bij de Zuid-Amerikaanse olie-industrie. Op een delegatie in Brazilië legde Eman de contacten, zegt Biesheuvel; IHC maakt nu kans daar baggerschepen te verkopen.

„Nederlanders zijn vaak te direct. Arubanen begrijpen de Zuid-Amerikaanse cultuur beter”, zegt de MKB-voorzitter. En voor Nederlanders is Aruba een vertrouwd tussenstation. „Direct naar Colombia is voor ons nu eenmaal een grote sprong.” Ook Rutte is enthousiast over het idee van Aruba als hub.

Overigens verkeek in het verleden een lange rij Hollandse bestuurders zich op de houding van Aruba tegenover Nederland. Die houding, de zogenoemde knoekoe-politiek, bestaat eruit dat men bezoekende Hollanders vroom naar de mond praat, waarna de lokale politici gewoon weer hun eigen gang gaan zodra de Nederlanders hun koffers pakken.

De taal is er een belangrijk instrument bij: de grootste krant van het happy island, Diario, heeft het Papiaments als voertaal en is in handen van de familie Mansur. De Mansurs zijn veelvuldig met zware misdaad in verband gebracht, en waren decennialang de financiers van Henny Eman, de broer van Mike die tussen 1986 en 2001 tien jaar premier was. Ook dat is een constante op het eiland: de twee politieke dynastieën, Eman en Croes, bestrijden elkaar al decennia, waarbij ze elkaar contacten met de drugsmaffia verwijten.

Het goede van de nieuwe staatkundige verhoudingen is volgens Rutte dat Nederland zich niet meer in de lokale politiek hoeft te mengen. Tegelijk blijft het mogelijk dat een van de eilanden een aanwijzing krijgt, bijvoorbeeld omdat het de overheidsfinanciën niet op orde heeft – zoals vorig jaar Curaçao. „Dat heeft ook gewerkt”, zegt Rutte.

Het feit dat dit eiland twee jaar na zijn onafhankelijkheid al in grote financiële problemen verkeerde, ontmoedigt de premier niet. „Het goede is juist dat ze daarna zware maatregelen hebben genomen.” Nederland moet afstand houden, zegt Rutte, al blijft het land belangrijke voorwaarden stellen: een goede rechtsstaat, bestrijding van fraude en corruptie. „Er zijn her en der nog stappen te maken”, zegt Rutte. „Maar laten we niet vergeten dat dit hele jonge landen zijn”, zegt Rutte.