De vrouwen vergeten te voetballen

Na het gelijkspel tegen Duitsland volgde gisteren een „apatisch” duel tegen Noorwegen. De blik van de speelsters van Oranje staat alweer op IJsland.

Misbaar bij Oranje-international Kirsten van de Ven tijdens het verloren duel tegen Noorwegen. „Ik wilde gewoon graag winnen.” Foto AP

Kom nou op met dat drinken, roept Kirsten van de Ven geïrriteerd naar de Nederlandse bank als het spel even stil ligt in de 33ste minuut van de eerste helft. Ze was een van de uitblinkers bij de verrassende 0-0 in de openingswedstrijd tegen Duitsland. Maar nu zit het Nederlands vrouwenteam vast, in het tweede EK-duel tegen het stugge Noorwegen. Daar is eindelijk de bidon. „Niet te drinken!” De aanvallende middenvelder van het Zweedse Tyresö en Oranje gooit boos de drinkbus weg, spoort haar ploeggenoten nog eens luidkeels aan. En bikkelt vergeefs verder. Waarom wil het maar niet lukken?

Na een 1-0 nederlaag gisteren tegen Noorwegen is plaatsing voor de kwartfinale van het EK in Zweden nog altijd mogelijk voor de ploeg van bondscoach Roger Reijners (zie kader). „We weten wat ons te doen staat tegen IJsland”, sprak Reijners na afloop strijdvaardig in de catacomben van de met 4.256 toeschouwers behoorlijk gevulde Kalmar Arena. Maar de klap van het verlies moet hard zijn aangekomen bij de oud-prof van Fortuna Sittard en MVV. „We vergaten te voetballen.”

In de aanloop naar het EK benadrukte Reijners steeds opnieuw dat hij met zijn ambitieuze ploeg een nieuwe weg is ingeslagen. In 2009 haalde Oranje onder zijn voorganger Vera Pauw met verdedigend voetbal verrassend de halve finale van het EK. Nu wil de ploeg uitgaan van de aanval. Verzorgd durven opbouwen van achteruit, uitgaan van balbezit en dominant spel. „We hebben gekozen om dat pad te bewandelen. Dan moet je niet ineens andere dingen gaan doen, maar consequent daarnaar op zoek blijven.”

De constatering van de coach klonk als kritiek op zijn ploeg, waarin tegen de Noren geen enkele speler het hoge niveau haalde van de eerste wedstrijd tegen zevenvoudig Europees kampioen Duitsland. Toen groeide het vertrouwen bij Oranje met de minuut, ging de bal in steeds hoger tempo rond en etaleerde de ploeg zonder schroom de aanwezige kwaliteiten. Tegen Noorwegen leek een rem op het spel te zitten. Ballen stroopten, acties smoorden. Te snel volgde de makkelijke oplossing, terugspelen of lange haal naar voren. Te vaak ‘vergaten’ spelers mee te doen in balbezit. „Apatisch”, vond aanvoerder Daphne Koster.

Spits Manon Melis kwam in haar honderdste interland nauwelijks aan de bal. Om haar heen was te weinig aansluiting van middenvelders. Alleen over de zijkanten kwam Oranje af en toe dreigend door, maar veel bruikbare voorzetten leverde het niet op. „Ik had het gevoel heel ver weg te staan van de anderen”, zei de Oranje-topscorer aller tijden (45 goals). „Het is lastig tegen twee grote mandekkers, die meer oog voor mij hadden dan voor de bal.”

Bij Nederlands balverlies counterden de Noren snel. De lichtvoetige Caroline Hansen (pas 18 jaar) blonk uit, maar het was routinier Solveig Gulbrandsen die in de 54ste minuut het duel besliste. De olympisch kampioen van 2000 reageerde alert op een fout in de defensie en knalde de bal hard en hoog langs de kansloze keeper Loes Geurts: 1-0.

Reijners kon vanaf de zijlijn coachen wat hij wilde („vooruit” en „aansluiten”), tegen de gedreven Noren slaagden zijn spelers er nooit in om in balbezit de tegenstander lang onder druk te houden en hun wil op te leggen. Afstandsschoten troffen net geen doel, Anouk Hoogendijk raakte de lat met een kopbal. Nederland verloor, het ‘Heya Norge’ klonk van de tribunes.

Geïrriteerd bij het weggooien van die bidon in de eerste helft? „Ik wilde gewoon graag winnen”, zegt Kirsten van de Ven. Teleurgesteld? „De blik staat alweer op IJsland.”