Celblok B2 is overbevolkt

De Californische gevangenissen zitten overvol. En dat probleem wordt alleen maar erger, want elke sheriff belooft méér cellen en strengere straffen. „Hier is de gevangenis tenminste echt een straf.”

De stalen deur van Blok B2 gaat knarsend open, en vier geüniformeerde bewakers stormen naar binnen. Veertig mannen in oranje gevangenispak kijken op. De bewakers nemen één gevangene mee naar buiten: Lawrence. Een forse, Afro-Amerikaanse man, circa dertig jaar, zit vast voor drugshandel.

„What’s up, man”, vraagt een bewaker.

Lawrence kijkt ze één voor één indringend aan. Hij oogt in paniek. „Ze maken me af.”

„Je hebt hier geen leven, man. Je moet naar een ander blok.”

„Nee”, zegt Lawrence. „Doe me dat niet aan. Geef me tijd. Ik kan mijn problemen zelf wel oplossen.”

Dit is het probleem van Lawrence: hij is zwart, dus deelt hij zijn cellenblok met andere zwarten. Maar het gaat niet goed, zegt Kim Pedreiro, de directeur van de gevangenis. Ze kijkt hem bedenkelijk aan. De andere gevangenen in zijn blok zijn lid van een beruchte gang, The Crips. Lawrence, een eenling, hoort er niet bij. Hij krijgt steeds meer ruzie met de bendeleider: over gestolen fruit, over een vage roddel, of gedoe met geld. Als dit zo doorgaat, zegt Pedreiro, loopt het slecht met hem af. Hij moet naar een ander blok, waar ook zwarte gevangenen zitten. Het is ondenkbaar dat Lawrence zijn blok met de neonazi’s of de latino-gangs gaat delen.

Maar Lawrence wil niet. Dat is de wet van de gevangenis, zegt Pedreiro. „Overplaatsing betekent in de gevangenis gezichtsverlies. Dat is levensgevaarlijk. Binnen een uur weet iedereen het. Hij is bang dat hij afgemaakt wordt.” Hij mag het nog even proberen met The Crips. Hij probeert het uit te praten met de groep, terwijl de vier bewakers hem vanachter spiegelglas observeren.

„Kijk naar de lichaamstaal van de gangleider.”

„Hij wijst Lawrence af.”

„Dit komt niet meer goed.”

Kim Pedreiro kijkt bezorgd. De stemming is gespannen in Kings County Jail in Hanford, een klein plaatsje in het woestijnachtige binnenland van Californië. Het personeel is overbelast, de cellen zitten overvol. Om de kleinste dingen maken de gevangenen ruzie. „Er is ruimte voor maximaal 350 gevangenen”, zegt Kim Pedreiro. „Twee jaar geleden zaten we op 300. Nu hebben we er 461.” Gevangenen slapen er niet langer met twee man op één cel. Ieder cellenblok heeft een ontspanningsruimte, waar de gevangenen konden schaken of lezen. Die ruimte, een halve gymzaal groot, is nu opgeofferd. Er zijn stapelbedden geplaatst, om de groei van het aantal gevangenen op te vangen.

Loop een dag rond in een gevangenis in Californië, en je ziet een systeem dat kraakt in zijn voegen. De staat heeft de oorlog verklaard aan de drugscriminaliteit, maar betaalt daar een hoge prijs voor. Er zijn zoveel gevangenen, dat de bijna bankroete staat de lasten niet meer kan dragen. „Een gevangene onderhouden kost bijna 20.000 dollar per jaar”, zegt criminoloog Franklin Zimring, op zijn kantoor in de universiteit van Berkeley. „Omdat we veel meer mensen zijn gaan opsluiten, en veroordeelden langer straffen, lopen de kosten helemaal uit de hand.” Aan gevangenissen alleen is Californië jaarlijks ruim tien van de 96 miljard dollar aan budget kwijt.

Geen land ter wereld sluit zo veel mensen op als de Verenigde Staten. Volgens de laatste telling zitten er meer dan twee miljoen Amerikanen in de gevangenis. Dat is grofweg een kwart van alle gevangenen ter wereld, en ruim één op de honderd volwassen Amerikanen. Californië heeft van alle staten de meeste gevangenen, ruim 200.000. De verschillen per district zijn hier groot. De progressieve districten aan de westkust zijn soepel, de districten in het conservatieve binnenland sluiten veel meer mensen op.

Het kleine district Kings County, een verlaten gebied met boerderijen en dorpjes, spant de kroon. Volgens de laatste telling bedraagt het aantal gevangenen ruim 15.500. Het merendeel van de gevangenen zit in staatsgevangenissen.

Een klein deel, 461 mensen, zit vast in de kleine districtsgevangenis van Kim Pedreiro. Pedreiro werkt al 25 jaar in de gevangenis. Het is haar tweede huis, zegt ze. Een uniform doet ze niet meer aan. Een districtgevangenis als Kings County Jail, zegt ze, is bedoeld voor kleine criminelen. Iemand die dronken achter het stuur zit, een betrapte inbreker, een autodief. Toen ze een kwart eeuw geleden als jonge bewaker begon, zat hier maar één moordenaar in de gevangenis.

Maar dat is veranderd. De kleine gevangenis puilt uit met zware criminelen. Er zijn circa zestig moordenaars, enkele tientallen kindermisbruikers. Pedreiro wijst op een lijst enkele tientallen leden van de Aryan Brotherhood aan, een gewelddadige neonazibeweging, waarvan de leden herkenbaar zijn aan een getatoeëerd ‘AB’-logo. Ze heeft zo’n honderd leden van twee rivaliserende Mexicaanse drugsbendes. „We moesten goed nadenken wie we bij wie kunnen zetten. De Mexicanen staan op voet van oorlog met elkaar, die moeten dus gescheiden blijven. Kindermisbruikers en psychopaten moeten we apart houden. Maar gek genoeg kunnen de Mexicanen het weer goed vinden met de neonazi’s.”

Voor sheriff Dave Robinson betekent de volle gevangenis dat hij zijn werk goed doet. Robinson, een jongensachtige man die ontspannen achterover leunt aan zijn bureau, werd twee jaar geleden gekozen door de bevolking van Kings County. Zoals dat gaat bij sheriffs- en rechtersverkiezingen, wint degene die de hardste aanpak belooft tegen criminaliteit.

„Dat dicteert het hele systeem”, zegt hij. „Hoe strenger ik ben, des te meer waardering ik krijg.” Robinson arresteert sneller, de openbare aanklager – ook gekozen – eist zwaardere straffen. De gekozen rechter legt steeds vaker een maximumstraf op. Het is de logica van de democratie, zegt Robinson. „Als je het slecht doet in de ogen van de kiezer, ben je zo weer weg.”

De sheriff maakt naam in Hanford door zich vrijwel volledig te concentreren op drugshandelaren. Er loopt een drukke snelweg door zijn district, en hij houdt regelmatig drugscontroles. Zo heeft hij grote drugshandelaren kunnen arresteren, terwijl andere districten dat nalaten. De recente versoepeling van de softdrugswet in Californië – marihuana mag voor medische doeleinden verbouwd worden – heeft volgens hem de criminaliteit vergroot. Steden als Los Angeles en San Francisco wilden een liberaal softdrugsbeleid, maar het Republikeinse Hanford wil er niets van weten. Robinson: „Er wordt nu op grote schaal marihuana voor de handel verbouwd, onder deze dekmantel.”

In Californië is een Mexicaanse drugsoorlog begonnen. De Norteños (noorderlingen) hebben het noorden van Californië in handen. De Sureños beheersen het zuiden. Hanford, in Centraal-Californië, ligt in betwist gebied. „We hebben de laatste tijd veel schietpartijen en overvallen op elkaars wietplantages.”

Robinson regeert zijn district met ijzeren vuist. Kings County Jail, waar hij de leiding over heeft, is kil en sober. Omdat de gevangenis gebouwd was voor een verblijf van een paar dagen, is er niets te doen. Robinson vindt dat prima. „Gevangenen worden veel te veel verwend. Ik ken gevangenissen waar gedetineerde indianen een wigwam mogen bouwen op de binnenplaats. Moslims en joden mogen hun eigen diensten houden. Andere gevangenen mogen internetten, of hebben hele bibliotheken tot hun beschikking. Hier is de gevangenis tenminste echt straf.”

Hij staat op en laat een grafiekje zien waar hij trots op is. Een gevangene in Oakland en San Francisco kost 130 dollar per dag. Hij doet het voor zestig dollar. Bezuinigen kun je op alles. Internet mogen de gevangenen niet gebruiken. Aan geld laten verdienen om sigaretten te kopen, doet de gevangenis niet. Ze vervelen zich zo, ze werken ook wel voor niks. Bezoek mogen de gedetineerden vrijwel niet ontvangen, omdat dat te veel geld aan bewakers kost. Ze moeten via een webcam met bezoekers praten. De christelijke geestelijke geeft ook bijstand aan islamitische en joodse gevangenen. En de bibliotheek bestaat maar uit een klein stapeltje boeken. „De gevangenen lezen eigenlijk alleen bouquetromans en een enkele western”, zegt Kim Pedreiro. „Meer hebben we dus niet nodig.”

Er is nog een andere reden waarom de gevangenis van Kings County uitpuilt. Dat komt door een ingrijpende reorganisatie van de Californische gevangenissen. Een gevangene klaagde met succes de staat Californië aan bij het Hooggerechtshof. De negen rechters oordeelden twee jaar geleden dat de staatsgevangenissen te vol zaten, en dat 34.000 gevangenen moesten verdwijnen. Hierop, zegt criminoloog Franklin Zimring, verzon de staat een paar listen. Enkele duizenden gevangenen worden verhuurd aan buurstaten, zoals Nevada en Arizona. En Californië begon ze op eigen grondgebied te verplaatsen. „Over districtsgevangenissen had het Hof niets gezegd. Californië verplaatste daarom gedetineerden van de ene naar de andere gevangenis. Alles om maar zo min mogelijk mensen te hoeven vrijlaten.”

Robinson liet extra bedden bijbouwen, maar dat hielp maar ten dele. De gevangenen die hij erbij krijgt, zijn stuk voor stuk zware criminelen. In 2011, voor de reorganisatie, moest hij dertig mensen voortijdig wegsturen omdat hij geen ruimte had. Vorig jaar waren dat er 990. „Ik kies bij die afweging altijd voor de criminelen die geen geweld hebben gepleegd, zoals autodieven en inbrekers. Maar ja, dat betekent dat er nu heel veel wordt ingebroken in Hanford. Ik kan daar weinig aan doen.”

In de cellen loopt de spanning ook op. Gevangenen zitten volgens Kim Pedreiro zo op elkaars lip, dat het snel uit de hand loopt. In april vorig jaar werd de 30-jarige John Pimentel Cotta op een ochtend dood in een cel aangetroffen. Hij was ’s nachts gewurgd door zijn celgenoot. Ze zaten vast vanwege een overval en een schietpartij met de politie. Het was de eerste moord in de geschiedenis van Kings County Jail. „Ik weet niet of dat te maken had met de overbevolking in de gevangenis”, zegt Dave Robinson. „Ze zaten op het moment van de moord maar met zijn tweeën in hun slaapcel.”

De sheriff wil een nieuwe gevangenis bouwen. In 2016 moet er ruimte zijn voor 800 gedetineerden. Het is een vertrouwde reflex in Californië. In de jaren tachtig en negentig, toen de oorlog tegen drugs leidde tot een toename van het aantal gevangenen met 500 procent, bouwde de staat er 23 gevangenissen bij. „Die reactie is hetzelfde gebleven”, zegt Franklin Zimring. „Californië zal nooit vrijwillig afstand doen van gevangenen, want een gematigd standpunt over criminaliteit is politieke zelfmoord. Opsluiten en de sleutel weggooien, dat doen ze liever.” Districtsgevangenissen kregen van de staten geld om de hervorming te betalen. Sommige progressieve districten staken het in preventieprojecten, de meeste willen er hun gevangenissen mee uitbreiden.

De overbevolking van de gevangenissen is volgens Zimring desastreus voor de andere publieke faciliteiten in Californië, zoals de scholen en ziekenhuizen. „Daar gaat alleen maar geld af, terwijl de gevangenislobby met succes steeds meer krijgt. Het argument is telkens dat veiligheid boven alles gaat. Maar er is geen bewijs dat mensen langer opsluiten leidt tot minder criminaliteit, integendeel. Het gevangenisstelsel is zo zwaar geworden, dat Californië het niet meer kan dragen. Er zal veel meer aan preventie moeten gebeuren, de harde aanpak heeft alleen maar tot grote financiële problemen geleid.”

In 2011 had Californië een gigantisch gat op de begroting: de staat kwam 27 miljard dollar tekort. Dankzij belastingverhogingen en bezuinigingen op de publieke sector wist gouverneur Jerry Brown dit jaar een overschot te bereiken. Op de gevangenissen wordt door de reorganisatie een kleine bezuiniging verwacht. Maar nog geeft Californië een miljard per jaar meer uit aan gevangenissen dan aan hoger onderwijs.

Sheriff Dave Robinson zegt dat er wel strenger gestraft moet worden, omdat de misdrijven steeds ernstiger zijn. „Bij een controle langs de snelweg hielden we laatst een man met 105 kilo cocaïne aan. Dat had ik nooit eerder gezien.” Deze man zal binnenkort vrijwel zeker dertig jaar cel krijgen, weet Robinson. Daarmee wordt hij de gevangene met de zwaarste straf in Kings County Jail.

Kim Pedreiro maakt haar dagelijkse tocht door de gangen van de gevangenis. Ze begint bij de isoleercellen, waar een suïcidale gevangene zit. „Ze maken je hier kapot! Ze maken een beest van je”, roept hij vanuit zijn cel, als hij Pedreiro hoort praten. Pedreiro loopt onverstoorbaar door naar de vrouwenvleugel. Ze is de laatste tijd aan het denken gezet, zegt ze. „Die Mexicaanse jongens. We laten ze vrij, en binnen een maand zitten ze weer hier. Ik zeg altijd tegen ze: dit is als thuis voor jullie.”

Sterker nog: de Mexicaanse gangs organiseren zich in de gevangenis. Nu de gevangenen met elkaar op een zaal zitten, zijn de gangs de hele dag samen. Met de Mexicaanse bende gebeurt nu wat eerder ook bij de Aryan Brotherhood gebeurde. Die beweging ontstond ín een Californische gevangenis, en groeide de afgelopen jaren uit tot een netwerk van neonazi’s. Vrijgekomen leden houden zich bezig met prostitutie, afpersing en drugshandel. Pedreiro: „Een gevangenisstraf moest mensen afschrikken, zodat ze niet in herhaling zouden vallen. Nu zijn gevangenissen plekken geworden waar ze zich kunnen organiseren.”