Column

Oud worden

‘Negentigplussers worden kraniger”, opende Trouw gistermorgen. Ze zouden in betere mentale en verstandelijke staat zijn dan hun leeftijdgenoten twaalf jaar terug. Aldus Deens-Amerikaanse wetenschappers in tijdschrift The Lancet.

Mooi nieuws. „Noteer het even”, riep ik opgewekt naar mijn vrouw, „anders vergeten we het weer.”

Een ander voorbeeld van die steeds kraniger wordende oudjes kreeg ik van een lezeres, die reageerde op mijn stukje over de 100 jaar geworden mevrouw Oerlemans uit Eindhoven. Die lezeres was Liduine Zumpolle, een bekende Colombia-kenner. „Ik ben al weer jaren werkzaam in Colombia”, schreef ze me, „en onlangs was ik daar op reis in gezelschap van een glasheldere 111-jarige, licht en breekbaar als een vogeltje, dat wel. Maar zelf bepalend, en hoe.”

In tropische hitte vijf uur achtereen in een auto zitten – geen probleem voor deze vrouw. Samen met haar dochter van in de zeventig ging ze in een andere stad een jongere zus van 96 opzoeken. Over beiden zei ze meewarig: „Ach ja, ze vergeten alles tegenwoordig, daar is niks meer mee te beginnen.”

Hoe ze zo fit was gebleven? „Ongeveer 40 jaar geleden merkte ik dat de kip niet meer smaakte zoals vroeger. Dus at ik die niet meer. Ook geen ander vlees trouwens. Alleen mijn eigen groenten.”

Ze verzorgde zichzelf nog helemaal. Wat ook schijnt te helpen, is het uitdrijven van de duivel uit je huis, vóór het slapengaan. Dat doet de 111-jarige met brede, dwingende armgebaren en inzet van de nodige kruiden. Er zijn trouwens meer 100-plussers in die streek, misschien heeft het ook met de lucht te maken, opperde Liduine Zumpolle nog.

Andere senioren doen het juist wat rustiger aan. Zo liet de 82-jarige Alice Munro, eminent schrijfster uit Canada van korte verhalen, onlangs in The New York Times weten dat zij met schrijven wil ophouden. Dat heeft ze zes jaar geleden ook al eens gezegd, maar dit keer mogen we ons geld erop inzetten, beloofde ze.

Haar voorbeeld is collega Philip Roth, die nog voor zijn tachtigste verjaardag aankondigde dat hij met schrijven ophield. „The struggle with writing is over”, zegt hij nu elke dag tegen zichzelf. Munro: „Ik heb groot vertrouwen in Philip Roth, hij lijkt nu zo gelukkig.”

Munro onderging vier jaar geleden een bypassoperatie en werd voor kanker behandeld. Haar gezondheid is nu „niet zo slecht”. „Zo praten we in Canada”, legde ze uit. „Je zegt niet tegen iemand: ‘Je ziet er goed uit’, maar ‘Je ziet er niet zo slecht uit’.” De grootste schok van haar laatste jaren was de dood van haar tweede echtgenoot, april dit jaar. Ze waren „buitengewoon close”. Ze is blijven wonen in het huis van haar man in de plaats Clinton in het zuiden van Canada.

„Ik voel dat ik niet meer de energie heb”, vertelde ze. „Ik voel me nogal moe – prettig moe. Het geeft me een goed gevoel om nu net als iedereen te zijn. Maar het betekent ook dat het belangrijkste uit mijn leven is verdwenen. Nee, niet het belangrijkste. Het belangrijkste was mijn man, en nu is het allebei weg.”

Over oud worden heeft ze veel geschreven. „Ik maak me er nu minder zorgen over dan vroeger”, zei ze. „Je kunt er toch niks aan doen, en het is beter dan dood zijn. Ik voel dat ik gedaan heb wat ik wilde, en dat stemt me tamelijk tevreden.”

Het klinkt als een eeuwigdurende vakantie. Zelf wil ik het nog liever op een tijdelijke houden. Tot in augustus!