Lafhartige wethouders

Het Rotterdamse college van B en W prefereert blijkbaar de kleedkamer boven het voetbalveld. Anders gezegd: de achterkamer boven de raadszaal.

Het college van PvdA, VVD, D66 en CDA trok gisteren het voorstel in voor een nieuw stadion voor voetbalclub Feyenoord in Rotterdam-Zuid. Op de dag waarop de gemeenteraad het zou behandelen en erover zou stemmen.

Het college telde het aantal stemmen waarop het voorstel zou kunnen rekenen. Toen eerst D66 en vervolgens, woensdagavond laat, Leefbaar Rotterdam, lieten weten dat ze dit stadionplan niet zouden steunen, stuurde burgemeester Aboutaleb namens B en W een briefje aan de raad dat „zich nieuwe ontwikkelingen hebben voorgedaan” en dat het college opnieuw in overleg wilde treden „met de Feyenoord-familie”.

Een meerderheid van de gemeenteraad bleek het er gisteren mee eens te zijn dat het voorstel van de agenda werd afgevoerd.

Dit is niet de manier waarop de lokale democratie hoort te functioneren. Zeker, op het stadionplan is veel aan te merken en als de gemeenteraad het zou afwijzen wegens de financiële risico’s voor de stad, zou dat een logisch besluit zijn geweest. Maar B en W hebben eerder bij hun volle verstand een voorstel ingediend, een plan dat vele Rotterdamse burgers bezighield. Dan hoort het college, en dan horen de betrokken raadsfracties, niet op het laatste moment lafhartig voor de verdediging ervan weg te duiken. Kennelijk had het college geen vertrouwen in zijn eigen overtuigingskracht.

Nu is het stadionplan afgeschoten in besloten fractievergaderingen, met toelichtingen in persverklaringen en tv-programma’s. Dat mag allemaal, maar het debat hoort primair thuis in de politieke arena: de raadszaal van het stadhuis aan de Coolsingel. Zodat de kiezers en andere Rotterdammers kennis kunnen nemen van de argumenten pro en contra, die in een publiek debat horen te worden uitgewisseld. En opdat fracties, en zonodig individuele raadsleden met afwijkende meningen, in het openbaar verantwoording afleggen voor hun stemgedrag.

Vanuit de Rotterdamse politiek is de leiding van Feyenoord en de directie van het huidige stadion het verwijt gemaakt van „autisme”. In de Rotterdamse editie van het AD maakt de fractievoorzitter van de VVD, Van de Donk, Feyenoord het verwijt dat het zijn partijgenoot, wethouder Laan (Sport) „vol in de wind” heeft gezet. Ongetwijfeld heeft Feyenoord op communicatief vlak fouten gemaakt, al maakt goede communicatie een slecht plan niet beter.

Maar Rotterdamse politici kunnen beter in de spiegel kijken. En zich de vraag stellen waarom ze in de kleedkamer blijven uit angst om de wedstrijd te verliezen.