Kleren in koffers zijn maar verdrietig

Internationaal bekend modecriticus Suzy Menkes veilt vandaag een deel van haar privécollectie Zoals een enveloppetasje van Chanel De reden? Plaatsgebrek Sinds 1964 heeft ze niets meer weggedaan

foto afp

Redacteur Mode

Zeventig wordt ze in december. Omdat ze een bad leg heeft, loopt ze de laatste tijd met een stok, en bij de laatste shows van de hautecoutureweek zag je haar vorige week een paar keer wegdommelen. Maar de Britse Suzy Menkes, de kritische, maar nooit gemene modecriticus van de International Herald Tribune is niet alleen de bekendste, maar ook nog altijd een van de hardst werkende modejournalisten ter wereld.

Niet alleen is ze nog altijd aanwezig op alle modeweken in Londen, New York, Milaan en Parijs, waarover ze dagelijks bericht, ze zat in juni ook bij de ruim vier uur durende eindexamenshow van de modeafdeling van de Koninklijke Academie der Schone Kunsten in Antwerpen. En toen de Nederlandse Iris van Herpen, bekend om haar experimentele couture, dit voorjaar in een showroom haar eerste, kleine, prêt-à-porter-collectie liet zien, stond ze daar eveneens. „Ik wil weten wat er voor nieuwe dingen aankomen”, zegt Menkes. „Ik doe alles wat ik kan om jong talent vooruit te helpen.”

Later dit jaar zal de International Herald Tribune opgaan in The New York Times, maar Menkes heeft al laten weten dat ze meegaat.

‘In my fashion’, de veiling van een deel van haar garderobe bij Christie’s, vanaf vandaag online, is dan ook geen aankondiging van haar pensionering. Plaatsgebrek is de reden dat ze haar kleding verkoopt: sinds 1964 heeft ze niets meer weggedaan. Omdat ze geen grote ruimte heeft waar ze de kleren kan ophangen „als in een galerie”, lagen ze jarenlang in koffers, en dat vond ze „verdrietig”. „De veiling geeft ze weer een kans in de zon te komen, nachtenlang te dansen en iemand anders de vreugde te geven die ze mij hebben gegeven.”

Aanvankelijk voelde Menkes zich een beetje verlegen over het benaderen van Christie’s, vertelde ze deze week aan een Britse krant. „Het zijn mijn eigen kleren. Zijn die goed genoeg om voor toegepaste kunst door te gaan?” Waarna ze zelf de conclusie trok: „Waarom ook niet?”

Tegenwoordig staat ze, naast haar schrijfwerk , bekend om haar zelfbedachte auberginekleurige bobkapsel met opvallende rol bovenop, en kleedt ze zich vooral in de comfortabele geplisseerde kleding van Issey Miyake, die ze vaak combineert met een meer dan tien jaar oude paarse bowling bag van Prada.

Maar Menkes, die voordat ze geschiedenis studeerde in Cambridge een jaar een modeopleiding volgde in Parijs, heeft een verzameling uitbundige, kleurrijke designerkleding opgebouwd. Die vertegenwoordigt, zoals ze zelf zegt, vooral de vrolijke kant van mode – de strenge, geheel zwarte outfit, lange tijd het uniform van modeprofessionals, heeft zij nooit gedragen. „Ik ben van nature een maximalist.”

De kledingstukken van Menkes zijn afkomstig uit de jaren zestig tot en met negentig. Uit de jaren zestig zitten er twee jurken bij van de legendarische Britse ontwerper Ossie Clark, met dessins van de even legendarische Celia Birtwell (verwachte opbrengst: tussen de 1.000 en 2.000 pond) en een vrolijke mouwloze jurk van Pucci (250-350 pond). Kenmerkend voor de jaren tachtig is een breedgeschouderd, zwart-wit power-ensemble van Christian Lacroix (300-500 pond).

Accessoires zijn er ook: een zonnebril van Dior (200-400 pond, inclusief shawl) en een enveloppetasje van Chanel uit de jaren tachtig met in gouden letters haar voornaam erop (1.000 - 3.000 pond).

Het topstuk van de veiling is een pistachegroen/roze/lichtblauw jasje uit Yves Saint Laurents collectie ‘Le soleil’ uit 1980 (1.000-2.000 pond). Niet alleen omdat het van een beroemde ontwerper is – de geborduurde goudkleurige zonnestralen rond de halslijn zijn tevens een hommage aan een andere ontwerpster, Elsa Schiaparelli. Menkes droeg het in 1988 bij de allereerste show die ze voor The Herald Tribune versloeg.

Alle kledingstukken staan vandaag vanaf 18.00 uur (Nederlandse tijd) online. christies.com/suzymenkes