‘Het Nieuwe Rijks is een mislukking’

'Het Nieuwe Rijks is een mislukking', aldus de Britse kunstcriticus Julian Spalding. Foto Hollandse Hoogte / Paul van Riel

Het vernieuwde Rijksmuseum, dat sinds april na tien jaar weer open is, kan niet iedereen bekoren. De Britse kunstcriticus Julian Spalding, die vaker voor ophef zorgt in de kunstwereld, zegt vandaag in NRC Handelsblad dat het Rijks een ‘fantastische kans gemist’ heeft.

Spalding (1947), oud-museumdirecteur van de Glasgow Museums en conservator, staat bekend om zijn uitgesproken mening in de kunst. Vlak voordat vorig jaar in Tate Modern een grote expositie over Damien Hirst openging, schreef Spalding in The Independent dat Hirst een oplichter (con man) is. Daarna was Spalding, zegt hij zelf, niet meer welkom in Tate Modern. Hij publiceerde een boek over zijn afkeer van conceptuele kunst: Con Art: Why you should sell your Damien Hirsts while you can (2012).

Die presentatie kan beter

Nu geeft hij zijn ongezouten mening over het Rijksmuseum. Spalding, een expert op het gebied van het innovatief inzetten van oude (kunst)collecties in musea, werd toen de verbouwing in 2003 begon door toenmalig directeur Ronald de Leeuw om advies gevraagd. Maar daar is niets mee gedaan, schrijft hij. Hij zegt een wervende, moderne visie van het Rijks te missen, dat beter had kunnen nadenken over de presentatie van de collectie:

“Wat mij wel zeer teleurstelde is dat de nieuwe opstelling op geen enkele manier laat zien dat de curatoren daadwerkelijk hebben nagedacht hoe ze hun collecties kunnen gebruiken om nieuwe generaties en nieuw publiek te interesseren en inspireren.”

Ga uit van de kennis van je publiek, niet je curatoren

Het probleem ligt bij de curatoren, meent Spalding. Musea moeten niet beginnen met wat hun curatoren weten, maar met wat hun publiek weet. En de reden daarvoor is simpel, zegt Spalding:

“Als een museum wil beginnen met het verleden, dan moet het beginnen met wat mensen weten van dat verleden.”

Ook heeft Spalding kritiek op de manier waarop het Rijks religie laat zien. Volgens hem heeft het niet-christelijke publiek dat het museum bezoekt een introductie in het christelijke geloof nodig. Sterker nog, een toenemend aantal bezoekers weet niets van het christelijk geloof, dat eeuwenlang zeer sterk het Nederlandse leven en de kunst had gedomineerd.

‘Chronologie museum omdraaien’

Misschien zou het Rijks om die reden zelfs de chronologie van het museum moeten omdraaien:

“Mensen hoeven niet naar musea te gaan; die behoren niet tot het officiële onderwijs. Musea nemen in een samenleving een bijzondere plaats in: zij bieden zowel vermaak als kennis, en ze hebben de taak om de interesse te wekken van alle bezoekers, wat voor kennis die ook hebben. Daarom is beginnen met het heden een goede strategie voor een museum.”

‘Geschiedenis is essentieel voor de levens van mensen’

In het tentoonstellen van de Tweede Wereldoorlog maakt het Rijks daarom een “weerzinwekkende” fout:

“Musea moeten voorzichtig zijn welke verhalen ze vertellen over moderne tijden, omdat deze geschiedenis essentieel is voor de levens van mensen. Ik vind het voor een vooraanstaand museum als het Rijks onacceptabel om de Duitse bezetting terug te brengen tot een schaakspel en een concentratiekampuniform, dat in deze context op weerzinwekkende wijze de status van kledingstuk krijgt.”

‘Een fantastische gemiste kans’

Maar bovenal heeft het Rijks ‘een fantastische kans gemist’ in het tentoonstellen van de Nederlandse cultuur:

“De ware tragedie is natuurlijk dat in een tijd waarin zo ter discussie staat wat ‘Nederlands’ is, een fantastische kans is gemist om een groot en steeds veranderend publiek kennis te laten maken met de uitzonderlijke prestaties van de Nederlandse cultuur.”

De huidige directeur van het Rijksmuseum, Wim Pijbes, laat weten aan nrc.nl dat hij zich niet in de kritiek herkent:

“Schei toch uit. Weet je hoeveel recensies er verschenen zijn? Als ik daar allemaal op moet gaan reageren… Zet dat er maar in: fijn dat meneer Spalding ook een mening heeft.”