Column

Ter aarde

Een gedicht over een gestorvene kan je bij de keel grijpen, zonder dat je de betrokkene hebt gekend. Als het maar een goed gedicht is. Dat is voor mij het hiernaast afgedrukte gedicht Bij de teraardebestelling van Willem Pieters (Rotterdam, 1 oktober 1929 - Rotterdam, 12 juni 1913). Het heeft iets klassieks – Pieters kan er nog lang in voortleven. Het is van de hand van dichteres Lans Stroeve, die in 2007 debuteerde met de bundel Leerling in de tijd.

Haar teksten houden met hun vloeiende ritmiek het midden tussen poëzie en proza. Collega Esther Jansma zei er destijds over: „Deze bundel is volgens mij steengoed. En ik vind dat ik dat mag zeggen, want ik ken delen van deze bundel al jaren en die zijn bij herlezing steeds even goed gebleven.”

Lans Stroeve was dinsdag 21 juni ‘dichter van dienst’ voor Stichting De Eenzame Uitvaart, die eenzaam gestorvenen in een aantal Nederlandse steden naar hun graf begeleidt. Dichters schrijven voor iedere uitvaart een gedicht en lezen dat ter plekke voor. Een prijzenswaardig initiatief dat steeds meer navolging heeft gekregen.

Dichter Rien Vroegindeweij was als coördinator samen met Lans Stroeve bij de uitvaart van Pieters aanwezig. Hij schreef er een verslag over op de website van de stichting. „Meneer is op 12 juni in zijn tweekamerwoning gevonden”, schreef hij. „Hij zou daar al drie weken hebben gelegen.” Pieters was marinier en havenwerker geweest, ook was hij actief in boksen en judo. Zijn einde duidde niet op veel sociale omgang meer, constateerde Vroegindeweij.

Op de Algemene Begraafplaats Crooswijk in Rotterdam zijn maar drie familieleden aanwezig. Vroegindeweij: „Toch nog familie. De zon schijnt. Bij het graf fluit een merel.”

Het is de eerste Eenzame Uitvaart voor Lans Stroeve, ze heeft het hele weekeinde aan haar gedicht gewerkt. Ze begint het voor te lezen.