Israël niet onverdeeld blij met coup in Egypte

Israël heeft altijd goede relaties gehad met het Egyptische leger. Toch is de coup tegen president Morsi lang niet alleen positief voor Jeruzalem.

Publiekelijk heeft Israël niet gereageerd op de coup in het belangrijke buurland Egypte. Uit Jeruzalem klonk gejuich noch weeklagen. Binnenskamers deden de Israëlische autoriteiten vermoedelijk beide.

Eerst de winst: de verdreven Egyptische president Morsi werd door Israël gezien als antisemiet. Hij noemde, voor zijn presidentschap, de „criminele zionisten [..] die de Palestijnen bezetten en aanvallen [..] bloedzuigers en nazaten van apen en varkens”. En terwijl Morsi aan de macht was, kampte Israël met meer en heviger aanvallen van moslimextremisten vanuit de Egyptische Sinaï-woestijn.

Morsi’s Moslimbroeders zijn bovendien gelieerd aan Israëls aartsvijand Hamas, dat de Palestijnse Gazastrook bestuurt, vanwaar de laatste jaren honderden raketten op Israël landden. Hamas won door de verkiezing van Morsi aan zelfvertrouwen en ontving dankzij hem hoog bezoek uit Egypte en Qatar in Gaza. Morsi’s voorganger Mubarak hield de Gazastrook liever geïsoleerd. Nu het Egyptische leger Morsi heeft afgezet, knijpt het Gaza weer als vanouds af. Grens dicht, Hamas-tv uit de lucht.

Nog een reden tot juichen: Israël onderhoudt sinds het in 1979 vrede sloot met Egypte prima contact met het Egyptische leger. Mede door de miljard euro die de Verenigde Staten jaarlijks aan dat leger doneren, op voorwaarde dat Egypte het vredesverdrag handhaaft. Daarom is het niet verwonderlijk dat Israël de laatste dagen in Washington aandrong om die hulp voort te zetten. Maar ook zonder dat geld delen Israël en het Egyptische leger eenzelfde belang: rust aan de grens.

Dan de keerzijden: als president viel Morsi Israël mee. Zo onthield hij zich van vijandige uitspraken en morrelde hij nooit aan het vredesverdrag. Een Israëlische diplomaat zei over hem: „Ons probleem met een democratisch Egypte openbaart zich pas bij de volgende verkiezingen. Of die daarop.” De volgende verkiezingen zijn over een half jaar. En Israël weet dat gematigd islamitische of liberale Egyptenaren niet veel minder vijandig tegenover Israël staan.

Dat de val van Morsi pijnlijk is voor Hamas, is niet per se positief voor Israël. Dat heeft ook baat bij een sterk Hamas, daar een bestendig bestuur in Gaza minder ruimte laat voor extremistischere groeperingen. De nauwe banden die Hamas met de Egyptische Moslimbroeders heeft, boden bovendien het voordeel dat Israël na de escalatie van geweld in november vorig jaar met bemiddeling van Egypte een solide staakt-het-vuren met Hamas kon sluiten.

Een blijvende zorg is de Sinaï. Het Egyptische leger was altijd al verantwoordelijk voor ordehandhaving in de Sinaï, en faalde de laatste jaren jammerlijk. Waarom zou het leger dat nu wel lukken? De onrust in de Sinaï nam sinds de coup van 3 juli alleen maar toe. Vorige week donderdag werden vanuit de Sinaï raketten afgevuurd richting Israël. Afgelopen weekeinde werden daar zes Egyptische veiligheidsfunctionarissen gedood, gisteravond weer twee. En het leger legt zijn prioriteiten nu in Kairo en de Nijldelta, waar de situatie nog erg gespannen is.

Boven alles heeft Israël behoefte aan stabiliteit in zijn buurlanden. In Syrië duurt de burgeroorlog voort. Libanon en Jordanië destabiliseren. Nu weer chaos in Egypte. Al met al heeft Jeruzalem weinig te vieren.