Golf steunt coup met miljarden

Als bewijs van hun steun voor de legercoup tegen president Mohammed Morsi hebben Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten gisteren Egypte 8 miljard dollar aan giften en leningen toegezegd. Intussen werd de losse coalitie achter de coup het eens over de benoeming van de liberale econoom Hazem al-Beblawi als interim-premier, maar eisten verschillende deelnemers amendering van de routekaart naar verkiezingen die interim-president Adli Mansour twee dagen geleden bekendmaakte.

Saoedi-Arabië en de Emiraten hebben geen enkele moeite met de eliminatie uit de macht van Morsi en zijn fundamentalistische Moslimbroederschap, die zij grondig wantrouwen. Met hun financiële hulp en de toezegging van gas en olie nemen zij de rol over van Qatar, dat juist de Moslimbroederschap steunde en onder Morsi’s bewind miljarden dollars in de noodlijdende Egyptische economie had gepompt.

De benoeming van Beblawi kreeg de steun van de salafistische Nour-partij, die eerder deze week uit de coalitie was gestapt nadat leger en politie onder nog onopgehelderde omstandigheden meer dan 50 betogers van de Broederschap hadden gedood. Het was niet meteen duidelijk wat Nour vindt van Mansours routekaart, die via wijziging van de grondwet moet leiden naar verkiezingen over zes maanden.

Maar zowel zowel het links-liberale oppositiefront van Mohammed ElBaradei als de beweging Tamarod (rebellie), die met het verzamelen van handtekeningen de coup tegen Morsi inleidde, eiste aanpassingen. Dat betreft met name de bevoegdheden van de president. ElBaradei accepteerde wel zijn benoeming als vice-president voor buitenlandse en democratische aangelegenheden.

De Moslimbroederschap wees Mansours tijdpad naar verkiezingen meteen af. Zij sloeg ook het aanbod van deelneming aan de nieuwe regering af. Een woordvoerder zei dat „wij geen zaken doen met coupplegers”. De Broederschap zegt haar straatprotest vol te houden tot Morsi in zijn ambt is hersteld. (Reuters, AP, AFP)