Premier oppositie Syrië weg

De premier die de Syrische oppositiecoalitie in maart had benoemd is gisteren weer opgestapt. Ghassan Hitto verklaarde dat hij aftrad omdat hij niet in staat was geweest een interim-regering te vormen. Zijn falen onderstreepte eens te meer de verdeeldheid en ineffectiviteit van de Syrische oppositie.

Hitto’s verkiezing als premier leidde destijd tot het opstappen van de geestelijke Moaz al-Khatib als voorzitter van de Syrische Nationale Coalitie (SNC). Hitto werd door andere oppositiepolitici gewantrouwd wegens zijn banden met de door Qatar gesteunde Moslimbroederschap.

Deze leed zaterdag een zware nederlaag toen een door Saoedi-Arabië gesteunde kandidaat, de jurist Ahmed al-Jarba, op een bijeenkomst in Istanbul werd gekozen als opvolger van Khatib. Daarmee heeft Qatar belangrijk aan invloed ingeboet bij de politieke oppositie.

Het was oorspronkelijk de bedoeling dat Hitto een regering zou vormern die zich zou vestigen in gebied dat onder controle van de rebellen staat.

Maar een van de grote problemen van de politieke oppositie is haar slechte verhouding met de strijders op de grond. De talloze verschillende groepen hebben eigen besturen ingericht in de gebieden waaruit zij het Syrische regeringsleger hebben verjaagd.

De militaire coup tegen de – eveneens door Qatar gesteunde – Egyptische Moslimbroederschap heeft intussen ook consequenties voor de Syrische oppositie. Het hoofdkwartier van de Syrische Nationale Coalitie is in Kairo, en de Egyptische autoriteiten hebben gisteren visumplicht ingevoerd voor Syrische burgers. Een belangrijke oppositieleider, Haithem al-Maleh, was onder Syrische burgers die gisteren de toegang tot Egypte werd geweigerd.

De in Syrië regerende Ba’athpartij vernieuwde gisteren haar leiderschap. Volgens een hoge Ba’athfunctionaris waren de verschuivingen bedoeld om nieuw bloed in het leiderschap te pompen dat „te rigide” wa geworden en „slechte resultaten” boekte. Daarop was volgens deze bron „kritiek vanuit de basis” gekomen.

Maar de vervanging van vicepresident Farouk al-Sharaa (73) kan ook te maken hebben met het pleidooi dat hij vorig jaar hield voor onderhandelingen met de oppositie over een oplossing van de crisis in Syrië.

Hij blijft overigens nog vicepresident. President Assad blijft voorzitter van de Ba’ath.

Premier Wael al-Halaqi en parlementsvoorzitter Jihad Lahham zijn onder de nieuwkomers in het bestuur. (Reuters, AFP)