Oproep tot een jihad tegen de satanische shi'ieten

De oorlog in Syrië en de vrees voor Iran hebben de tegenstellingen tussen sunnieten en shi’ieten in het hele Midden-Oosten op scherp gezet.

Er bestaan heel akelige videobeelden van de lynching van vier shi’ieten in het Egyptische dorp Abu Musallim, een week geleden. Een menigte mensen bekogelt het huis waar een groep shi’ieten bijeen is voor de viering van een religieus feest, en gooit molotovcocktails naar binnen. Vier mannen komen naar buiten en worden doodgetrapt en -gestoken. Hun bebloede lijken worden door de straten gesleept. Let op de gezichten van de daders. De politie komt niet tussenbeide.

Human Rights Watch bezocht Abu Musallim. Volgens de mensenrechtenorganisatie volgde de lynchpartij op maanden van toespraken en preken waarin bakken vol haat werden uitgestort over shi’ieten. De vrijdag voor de moordpartij hadden predikers in de plaatselijke moskeeën erop gehamerd dat de shi’ieten weg moesten uit het dorp.

De autoriteiten veroordeelden de moordpartij, maar niet helemaal. „Misschien hadden ze [de slachtoffers] de bevolking geprovoceerd door wat ze deden en wilden de mensen hen daarom doden, maar dan hadden ze hen aan de autoriteiten moeten overdragen”, zei een topfunctionaris van de Moslimbroederschap.

Er is maar een heel kleine shi’itische minderheid in Egypte, misschien 1 procent van de 80 miljoen inwoners. Maar ze zijn doelwit van een harde haatcampagne waarin ze ervan worden beschuldigd het land te willen overnemen.

Haat en geweld tussen sunnieten en shi’ieten zijn niets nieuws. De oervader van de fundamentalistische sunnitische islam, de 13-14de eeuwse geleerde Ibn Taymiyyah, vond shi’ieten erger dan christenen en joden, want eigenlijk afvallig. In Pakistan worden al jaren geregeld bloedbaden onder shi’ieten aangericht. In Irak brak in 2006-2007 een burgeroorlog uit, waarbij sunnieten en shi’ieten elkaar afslachtten.

Maar de zwaar aangezette waarschuwingen van sunnitische Arabische regimes voor het gevaar van de shi’itische regionale mogendheid Iran, het tomeloze geweld van het Syrische alawitisch-shi’itische regime tegen de sunnitische oppositie en de openlijke interventie van de shi’itische Libanese organisatie Hezbollah aan de zijde van het regime, hebben de haatgevoelens in de regio nu opgezweept. Tegen Iran, tegen Assad en Hezbollah, tegen alle shi’ieten.

Het Syrische regime is seculier, en de Hezbollah -beweging vecht niet om religieuze reden aan Assads zijde, maar om haar wapenleverancier te redden. Alleen is de tijd van feiten voorbij.

Hoor sjeik Yusuf Qaradawi, een zeer invloedrijke sunnitische prediker, die wekelijks zijn eigen show ‘Shari’a en het leven’ heeft op de Qatarese satellietzender Al-Jazeera. Hij is geestelijk leidsman van de Egyptische Moslimbroederschap. Hij is gevestigde orde, geen extremist.

Een paar jaar geleden kwam Qaradawi op voor de shi’ieten, die hij toen nog als moslims beschouwde. Hij verdedigde Hezbollah tegen de ultraconservatieve Saoedische geestelijken, directe erfgenamen van Ibn Taymiyyah, die niets van shi’ieten moeten hebben. Maar begin deze maand riep hij in een preek alle moslims op „een jihad te lanceren tegen Bashar al-Assad en Hezbollah, die sunnieten en christenen en Koerden vermoorden”.

Hij zei spijt te hebben van zijn inspanningen voor toenadering tussen sunnieten en shi’ieten. Want „de leider van de partij van de Satan [Hezbollah is Arabisch voor partij van God] vecht tegen de sunnieten. Nu weten we wat de Iraniërs willen. Ze willen voortdurende slachtpartijen om sunnieten te doden”, zei Qaradawi. „Hoe kunnen 100 miljoen shi’ieten 1,7 miljard [sunnieten] verslaan? Alleen omdat de moslims zwak zijn.” Let op: moslims zijn voor hem nu alleen sunnieten. Zo creëert hij een atmosfeer waarin een lynching zoals in Abu Musallim mogelijk wordt.

Vertegenwoordigers van de Al-Azhar-universiteit – de leidende sunnitische instantie in Egypte – zijn al maanden bezig shi’ieten te verketteren. Niet bij toeval veroordeelde de topleider van Al-Azhar, groot-sjeik Ahmed al-Tayyeb, „de verspreiding van shi’isme in een sunnitisch land” toen de Iraanse president Ahmadinejad in februari bij hem op bezoek was.

In de Arabische Golfstaten heeft de angst voor het grote shi’itische buurland Iran de argwaan jegens de eigen shi’itische burgers versterkt. „De meeste Saoediërs willen dat alle shi’ieten worden doodgeschoten of het land uit worden gegooid”, zei de Britse schrijver Robert Lacey, die lang in Saoedi-Arabië heeft gewoond, onlangs tegen deze krant.

Twitter is een doorgeefluik geworden voor haat tegen shi’ieten. De shi’itische meerderheid in Bahrein, die al twee jaar tegen de sunnitische monarchie protesteert voor meer democratie, wordt in de media van de Golfregio weggezet als niets anders dan een voorpost van Iran. In Irak schiet het aantal aanslagen op shi’ieten omhoog, maar inmiddels neemt ook shi’itisch geweld tegen sunnieten weer snel toe.

Syrië is het centrale slagveld geworden van de strijd tussen sunnieten en shi’ieten. Niet alleen onder de vlag van Hezbollah hebben shi’ieten het regime versterkt; ook Iraakse shi’ieten zijn met duizenden toegesneld. Zij hebben wél religieuze motieven: shi’itische heiligdommen tegen sunnitische jihadisten verdedigen. Op hun beurt komen uit de hele sunnitische wereld vrijwilligers naar Syrië voor de jihad. Egypte was vorige week het eerste land dat zijn jeugd officieel zijn zegen gaf om naar Syrië te vertrekken. De staat zal hun niets in de weg leggen, zei een medewerker van president Morsi.

De vraag is nu: blijft het bij sektarische afrekeningen in Syrië, een lynching in Egypte en een burgeroorlog op laag niveau in Irak?